Nieuwe rol Wilders is lastig verhaal in het buitenland

Geert Wilders is wel én niet betrokken bij het nieuwe kabinet, legt Buitenlandse Zaken uit. Wilders zelf zoekt de juiste toonhoogte.

De geprofileerde internationale rol die Geert Wilders de afgelopen jaren heeft gespeeld, en die hij ongetwijfeld wil blijven spelen, wringt met zijn nieuwe rol van gedoger van een rechts kabinet.

Dat was op Buitenlandse Zaken voor vrijdag al duidelijk. Daarom werd er, nadat vast kwam te staan dat de PVV meedoet aan de formatie, onder het kopje publieksdiplomatie kabinetsformatie voor buitenlandse partners eind vorige week de woordvoeringslijn op het interne net van het ministerie gezet. Inhoud: er komt geen verbod op nieuwe moskeeën, de Koran wordt niet verboden in Nederland en islamitische scholen kunnen gewoon blijven worden opgericht. Het nieuwe kabinet is, voor zover nu duidelijk, niet van plan de Grondwet aan te passen.

Topambtenaren op Buitenlandse Zaken maken zich zorgen over de positie die Wilders na deze formatie krijgt. Voorheen konden protesten over uitlatingen en acties van Geert Wilders worden gesust met de mededeling dat hij slechts een oppositioneel Kamerlid was en niets te maken had met het regeringsbeleid. Dat is nu niet meer vol te houden. in het buitenland moet nu een ingewikkeld verhaal worden verteld: Geert Wilders is wel, én niet betrokken bij het eventuele nieuwe kabinet.

De leiders van VVD, CDA en PVV hebben „een zakelijke afspraak” dat ze het oneens zijn over de islam. Dat hebben ze vastgelegd in een verklaring die ze op vrijdag 30 juli hebben opgesteld. „Partijen accepteren elkaars verschil van inzicht hierover en zullen hier ook op grond van hun opvattingen naar handelen.”

Dat Wilders van plan is naar zijn eigen opvattingen te blijven handelen, maakte hij een week later duidelijk. Afgelopen vrijdag liet hij de buitenwereld weten dat hij op 11 september naar New York gaat om te spreken bij een demonstratie tegen de bouw van een moskee vlakbij Ground Zero.

CDA-prominent Hans Hillen had hier zaterdag kritiek op. Hij noemde actieve aanwezigheid van Wilders in New York „riskant” voor Nederland. Wilders liet meteen weten dat hij zich niet zal inhouden. Op Twitter schreef hij: „En tegen Hans Hillen zeg ik: wen er maar vast aan.”

Zo was het eerste relletje rond Wilders al een feit, nog voordat de formele formatiebesprekingen waren begonnen. Demissionair minister Verhagen (Buitenlandse Zaken), tevens de CDA-onderhandelaar, waarschuwde Wilders gistermorgen. „Op het moment dat daar zaken gezegd worden die haaks staan op mijn opvattingen, zal ik daar in net zo scherpe bewoordingen afstand van nemen.”

Een paar uur later, na de eerste onderhandelingsessie, haalde Wilders zijn schouders op. „Ik blijf zeggen wat ik vind, ook over de islam, ook over New York, ook over die verschrikkelijke moskee die daar wordt gebouwd. En de heer Verhagen mag op zijn beurt daar weer van zeggen wat hij vindt, ook als hij het er niet mee eens is.”

Er is een nieuw tijdperk aangebroken in Den Haag. De tijd dat het kabinet strikt met één mond sprak, ligt al wat langer terug. Dat politieke partners het zo openlijk oneens zijn, is nieuw. En zeker dat dit is vastgelegd in een verklaring. De vrijheid van meningsuiting over bestaande verschillen van inzicht wordt „volledig” aan elkaar gegund. Er kan hooguit een beroep worden gedaan op gezond verstand. Verhagen zei gisteren: „Ik ga er vanuit dat eenieder zich goed realiseert wat de consequenties van woorden en daden zijn.”

De kwestie-New York is een eerste testcase voor de nieuwe verhoudingen rond het minderheidskabinet.

Wilders zei er gisteren alle vertrouwen in te hebben. Hij zit in de comfortabele positie die hij al ver voor de verkiezingen voor zich zag: geen onervaren ministers leveren, geen verantwoordelijkheid hoeven nemen voor maatregelen waar hij niet achter staat en wel kunnen blijven zeggen wat hij vindt. Wilders zal alleen moeten aanvoelen welke toonhoogte VVD en CDA nog accepteren. Hoe het met zijn plannen staat om een vervolg op zijn anti-islamfilm Fitna te maken, wil hij niet zeggen.