PVV krijgt cultuur als speeltje toegestopt

Vol is vol. Maar zo zei de mevrouw in uniform het niet. Tergend beleefd zei ze: „Ik vrees dat u niet veel kans maakt om binnen te komen.”

Ik stond op ’t Plein in Den Haag, afgelopen woensdag, voor de publieksingang van de Tweede Kamer.

Ik was niet alleen. Ik stond zelfs helemaal achter in een rij, om half één. Een lange rij – hoezo kloof tussen burger en politiek? Dagjesmensen, vrolijk zomers gekleed, ouderen, jongeren die bij hun vaders en moeders hoorden. Sommigen hadden gesloten paraplu’s bij zich. Pessimisten.

Er waren ook mensen met T-shirts met het FNV-logo. Ze bliezen irritant hard op een fluitje, of deelden papiertjes uit aan de mensen in de rij.

Niet iedereen nam ze aan, een oudere mevrouw zei dat het papierverspilling was en slecht voor het milieu. Ik nam wel een papiertje, dat begon met ‘Beveiligers voor een Veilige Toekomst’. Ik kwam te weten dat het beveiligers waren van particuliere beveiligingsdiensten en dat ze onderhandelden voor een betere cao. Ik kwam ook te weten dat er een scherpe concurrentiestrijd was tussen beveiligingsbedrijven, die tegen elkaar werden uitgespeeld door enkele grote opdrachtgevers. Wat ik niet te weten kwam, was hoe ik de strijd van deze beveiligers kon ondersteunen. Wat zeg je in zo’n geval: ik wens u een prettige cao toe?

Bovendien stond mijn hoofd niet echt naar cao’s van beveiligers. Ik zou zelf een papiertje moeten drukken met ‘Allochtonen voor een Veilige Toekomst’. Want ik stond hier in de rij om iets rampzaligs mee te maken: voor het eerst in de geschiedenis van Nederland kreeg een extreemrechtse partij regeringsmacht.

In dit ‘Fitna-kabinet’ zijn alle partijen het eens over de economie. Waarin PVV verschilt met de andere, is de cultuur. Wat er gebeurt is dat VVD en CDA als volwassen partijen een kabinet vormen waarin ze de bezuinigingen voor hun rekening nemen, en culturele kwesties ten aanzien van ras en etniciteit overlaten aan een zwakhoofdig kameraadje in het parlement.

De PVV krijgt cultuur als speeltje toegestopt en zal daarmee slaan en smijten tot het stukgaat. Zuiver economisch gezien zijn de culturele instellingen en daarin de voorzieningen voor allochtonen niet erg interessant: het totale cultuurbudget beslaat nog geen één procent van de jaarlijkse overheidsbestedingen. Maar cultuur als het cement dat de bouwstenen van de samenleving bij elkaar houdt, is in Nederland irrelevant verklaard. De komende tijd wordt zwaar voor theatermakers, beeldend kunstenaars, muziekensembles, dansgroepen, festivals en podia, vooral als ze multiculturele doelen nastreven.

In Den Haag stuurde een PVV-gemeenteraadslid al een brief aan kleinere gesubsidieerde clubs met de opdracht de jaarboeken te presenteren. Cultuurvoorzieningen zijn nu eenmaal kwetsbaar, omdat ze nooit kunnen bewijzen dat ze hun doelen hebben behaald. Althans, niet in cijfers. Een organisatie voor multiculturele activiteiten kan bijvoorbeeld nooit aantonen dat ze de integratie heeft bevorderd. Dat ze het onderlinge wantrouwen heeft verminderd, de gemeenschapszin heeft vergroot. Cultuur heeft geen meetbare resultaten.

Een kwartier voor aanvang van de belangrijke zitting in het parlement begon het te regenen. Niet zo’n beetje ook: het was alsof ook de goden moesten huilen. De mensen met een paraplu zagen meewarig hoe ik langzaam doorweekt raakte. Ik probeerde nog half te schuilen in een tent van de beveiligers van het FNV, maar daar begonnen ze te roepen dat die alleen voor de demonstranten was. Mijn solidariteit konden ze vergeten.

Door mijn schoenen voelde ik het water binnensijpelen. Er stonden zo’n driehonderd mensen in de rij, waar nauwelijks beweging in kwam. Het waren eigenlijk ramptoeristen, die het schip van dichtbij wilden zien zinken.

En ik?

Ik wilde de gezichten zien. Ik wilde de zithouding en de oogopslag zien van de allochtone leden van de Tweede Kamer, vooral die van het CDA en de VVD, als ze hoorden dat het echt zover was. Ik wilde de nervositeit zien van Cohen, het trommelen met zijn lange vingers op het tafeltje, als hij zijn spijt onderdrukte voor het niet meewerken aan het zogenaamde middenkabinet van PvdA, VVD en CDA. Ooit had hij gezegd dat het tegenhouden van de PVV zijn grote drijfveer was om in de landelijke politiek te gaan. Dat hij het gevoel had dat hij het moest opnemen voor de twee miljoen allochtonen, omdat hun lot bij de PVV niet in goede handen was.

Terwijl ik daar nat stond te wezen kreeg ik op mijn beurt het gevoel dat de allochtonen nu werden uitgeleverd aan de PVV. Daar op ’t Plein in Den Haag, terwijl het water door mijn kraag over mijn rug stroomde, kreeg ik ineens de scherpe gewaarwording dat allochtonen het beschermde kamp werden uitgestuurd, in de richting van de PVV die de bussen al klaar had staan. Zouden ze ook de mannen scheiden van de vrouwen en kinderen?

Een half uur later stond ik druipend bij de deur van de Tweede Kamer. Toen kwam die mevrouw in uniform zeggen dat het vol was. Niet met die woorden, vol is vol zeggen we nu nog niet hardop in Nederland.

Ramdas@nrc.nl