Jonge spelers wijzen hockeyploeg de weg

Nederland is derde geworden bij de Champions Trophy. Coach Van Ass heeft genoten van zijn ploeg, „maar we moeten nog stappen maken”.

Hij keerde strafcorners, had fraaie reflexen en bleek ook nog eens een uitstekende lijnkeeper. Onbedoeld stond Jaap Stockmann, doelman van Bloemendaal, symbool voor het proces waarin het Nederlands hockeyelftal zich momenteel bevindt. De jeugd kreeg eindelijk een kans bij de Champions Trophy.

Stockmann was een van de vele jongelingen in het team van bondscoach Paul van Ass, dat gisteren in de strijd om het brons afrekende met Duitsland. Het gastland werd met duidelijke cijfers verslagen: 4-1.

„Brons was echt het hoogst haalbare”, stelde Stockmann realistisch. De keeper was jarenlang tweede keus achter de onomstreden doelman Guus Vogels, die begin dit jaar afscheid nam op het WK in India. De 26-jarige Stockmann zat jarenlang te nagelbijten op de reservebank. „Het is mooi om nu eindelijk grote wedstrijden te kunnen spelen”, zei hij gisteren. „Dat geldt voor al die jonge spelers. Iedereen verschijnt elke dag met een lach op het veld. Het zijn gewoon leuke ventjes.”

Stockmann was niet de enige die in positieve zin opviel tijdens het weekje Champions Trophy in Mönchengladbach. Klaas Vermeulen (22) pakte veel ballen af, Robbert Kemperman (20) kreeg de handen op elkaar met enkele technische hoogstandjes en Mink van der Weerden (21) bleek een waardig vervanger voor strafcornerspecialist Taeke Taekema, die een huwelijksreis voorrang gaf.

Ook Valentin Verga (20), aanvaller van Amsterdam, deed van zich spreken. Hoewel hij soms als een ongeleid projectiel overkwam, was zijn spelvreugde aandoenlijk. „We maken er gewoon een show van met die jonge gasten”, zei Verga. „We maken veel mee tijdens zo’n week. Ook op hockeygebied steken we ontzettend veel op. Als je Teun [de Nooijer] zo over het veld ziet rennen, dan motiveert dat enorm. Dan schakel je zelf ook een tandje bij.”

De Nooijer was gisteren met twee treffers opnieuw belangrijk voor Nederland. Van der Weerden (strafcorner) en Rogier Hofman (veldgoal) namen de overige treffers voor hun rekening. De Nooijer (34), de oudste speler van het toernooi, genoot op zijn beurt van de jongelingen. „Het plezier straalt ervan af bij die jongens. Dat doet ook wel iets met mij, ja. Ik vind hockey nog steeds het mooiste om te doen. Als het spelplezier er niet meer is, dan heb ik niets meer te zoeken op het veld.”

Hoewel bij de hockeybond de loftrompet wordt gestoken over het frisse, aanvallende Nederlandse spel, roept het ook pijnlijke herinneringen op aan het verleden. Sinds het olympisch zilver in 2004, onder leiding van de Australische coach Terry Walsh, won Nederland slechts twee prijzen: de Europese titel in 2007 en de Champions Trophy in 2006. Links en rechts werd Nederland-hockeyland ingehaald door Australië, Duitsland en Engeland. De opvolgers van Walsh, Roelant Oltmans (2005-2008) en Michel van den Heuvel (2008-april 2010) verzuimden de bezem door de selectie te halen.

Een inhaalrace is daarom noodzakelijk. Paul van Ass, sinds juni bondscoach, begon met een stevige verjongingskuur en brak daarnaast met de verdedigende speelstijl. Toch weigerde Van Ass te spreken van ‘puinruimen’ bij de nationale ploeg. „Zo zie ik dat niet. Bij mijn selectie kijk ik ook niet naar jong of oud. Maar die jonge jongens zijn natuurlijk wel een voordeel voor mij. Ik kan ze naar mijn hand zetten”, stelde Van Ass. „De jonge spelers hebben veel geleerd de afgelopen week, maar dat geldt net zo goed voor de ouderen. Zij hebben gezien dat het ook op deze manier kan.”

Toch waren de resultaten de afgelopen week erg wisselvallig. Nederland verloor in Mönchengladbach kansloos van Engeland en Australië en moest zelfs in Nieuw-Zeeland zijn meerdere erkennen. Voor de 1-0 tegen Duitsland op zaterdag was degradatie uit de de Champions Trophy dan ook een reële optie voor de ploeg.

Het is de vraag of Nederland de kloof met Australië en Duitsland –dat in Mönchengladbach niet over sterspeler Christopher Zeller kon beschikken – in twee jaar tijd nog kan dichten. In 2012 wacht immers het einddoel: de Olympische Spelen in Londen. Van Ass was vooral tevreden met de wijze waarop zijn elftal heeft gespeeld. „Aanvallend, gedurfd en initiatiefrijk. Maar ik besef ook dat we nog stappen moeten maken”, aldus de coach. „ We moeten nog constanter worden en ook verdedigend kan het beter. Maar ik heb genoten van mijn ploeg, geef mijn spelers steeds meer verantwoordelijkheid. Dat geeft veel energie.”

Van Ass hoopt zich op het EK in augustus 2011, eveneens in Mönchengladbach, te plaatsen voor de Spelen. Nederland moet dan wel bij de eerste drie eindigen. Van Ass: „Het liefst zou ik hier volgend jaar met de gouden medaille staan. Dat zou een goede tussenstap zijn richting Londen.”