Ik ben toch ook wel eens wat dikker, denk je dan

Babymoord of neonaticide komt 2 à 3 keer per jaar voor, maar meestal enkelvoudig.

Soms blijven die zwangerschappen zelfs voor de partner verborgen.

Kan een slanke vrouw die nog bij haar ouders woont en onderhevig is aan de sociale controle van een klein dorp ongemerkt vier keer zwanger zijn? Daar wijst wel veel op in de zaak van de vier dode baby’s in het Friese dorp Nij Beets. Ten hoogste waren er vermoedens van zwangerschap. Maar ja, „ik ben toch ook wel eens wat dikker”, was de reactie van veel dorpsbewoners.

In een viertal koffers, afkomstig van een zolder, werden vrijdag de stoffelijke overschotten van vier baby’s gevonden. Een 25-jarige vrouw heeft van drie kindjes bekend ze om het leven te hebben gebracht. Over de vierde wordt ze nog verhoord. Het Nederlands Forensisch Instituut onderzoekt de doodsoorzaak van de baby’s.

Het dorp is verbijsterd over de tragedie. Burgemeester Ravestein van de gemeente Opsterland zei zaterdag na afloop van een informatiebijeenkomst voor dorpsbewoners dat er veel vragen waren geweest. Maar vooral over het welzijn van de familie. De vraag waarom het niemand was opgevallen dat ze vier keer zwanger is geweest, bleek journalisten meer bezig te houden dan de Nij Beetsers zelf.

Sieberen Visser, een bekende van de familie, heeft wel eens iets gelezen over meisjes die ongemerkt zwanger zijn. „Die weten dan van niets, gaan naar de wc en ineens hebben ze een kind. Zoiets zal het wel geweest zijn”, zegt hij. Een andere vrouw uit het dorp bleek ook ineens zes maanden zwanger, zegt een man in dorpscafé De Brêge, die niet met naam in de krant wil. „Had ook geen borsten en geen kont, daar zag je ook niets van.”

Dat zwangerschappen zich voor het oog ongemerkt voltrekken, is „kenmerkend” voor dit soort tragedies, zegt forensisch psycholoog Katinka de Wijs-Heijlaerts van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie. Dat zelfs de ouders van niets wisten mag ongeloofwaardig klinken, maar er zijn ook partners die het soms niet doorhebben, zegt ze. De „loochening” kan zo sterk doorwerken dat lichamelijke kenmerken van zwangerschap zich weleens minder sterk ontwikkelen. „Net als je, omgekeerd, wel eens schijnzwangerschappen ziet bij vrouwen die heel graag zwanger willen worden.”

In de tien jaar (de periode 1994-2003) die De Wijs-Heijlaerts met een collega onderzocht, stuitten zij alleen op enkelvoudige zogeheten ‘neonaticide’. Ongeveer twee à drie keer per jaar, „voor zover we kunnen vaststellen”. In 2006 (Beverwijk) en 2009 (Enschede) werd recentelijk meervoudige babydoodslag bewezen. Net als nu het geval lijkt in de Nij Beetse zaak was daar sprake van seriële doding, maar desondanks heeft de rechter in beide gevallen geen moord gevonnist. Op babydoodslag staat zes jaar cel, maar er wordt in veel gevallen gedwongen behandeling opgelegd.

In de door haar onderzochte periode was in geen geval sprake van mededaders, zegt De Wijs-Heijlaerts. En nooit kwamen de vrouwen zichzelf aangeven. „Maar aangezien ze geen afstand doen van het lijkje, denken we dat ze toch ergens willen dat het ontdekt wordt.” Het is allemaal „heel dubbel”.

In de Nij Beetse zaak wees aanvankelijk weinig op iets ongewoons. In maart al werd aangifte gedaan door een bekende van de verdachte vanwege vermoede zwangerschap „en de omgang daarmee”, zegt een woordvoerder van het Openbaar Ministerie. Maar die verklaring gaf „geen aanleiding om er direct mee aan de slag te gaan.” Een rechercheur heeft op eigen initiatief in juli nog eens naar de zaak gekeken en heeft toen toch maar, „zoals gebruikelijk is”, een afspraak met haar gemaakt uit oogpunt van hulpverlening. Pas nadat zij geen adoptiepapieren kon overleggen begon de zaak te rollen.

De familie van de verdachte is bekend en geliefd in het dorp en heeft aangegeven er te willen blijven. Wel vertrekken ze uit het huis waar de koffers met de lijkjes zijn gevonden.

De Nij Beetsers praten wel over de tragedie, maar houden het „liever onder dorpsgenoten”, zegt een vrouw die haar twee honden uitlaat. Ze maakt een praatje met een buurtgenoot die, leunend op zijn hark, zegt geen commentaar te willen geven, anders dan dat het „in- en intriest” is.