Ecologische plannen kunnen het uitzicht flink bederven

Waar winden dorpelingen zich over op? Om natuurgebieden met elkaar te verbinden, moet er bij Simpelveld een bos komen. Maar dat neemt het zicht op het landschap weg.

Het mooiste schilderij van Martin Sijstermans en zijn vrouw is het uitzicht vanuit de huiskamer. In 1976 bouwden ze hun bungalow, maar vervelen doet het nooit. „Elke morgen is mijn eerste gang die naar het raam. Steeds is het plaatje weer een nuance anders. Door de kleuren. Of door de lichtval.”

De familie Sijstermans woont op de Huls bij het dorp Simpelveld, op 210 meter boven NAP het hoogst gelegen buurtschap van Nederland. Het panorama is al even uniek: Limburgs landschap met een hoog ansichtkaartgehalte, heuvels en velden zover het oog reikt met bebouwing en bomen die er ogenschijnlijk met losse hand overheen gestrooid zijn. De bewoners van de Huls kijken in de richting van dorpen als Eys en Gulpen. „Bij helder weer kunnen we tot diep in België kijken. ’s Avonds zie je de lichtjes van de vliegtuigen die landen op Bierset, het vliegveld van Luik.”

Veertien jaar geleden dreigden er plots krassen te komen op Sijstermans’ lievelingsschilderij. In een provinciaal plan voor de herverkaveling van het oostelijk deel van het Mergelland dook een nieuw bos op van vijftien hectare met bomen tot 35 meter hoog. Het paste in het streven naar een Ecologische Hoofdstructuur (EHS), het met elkaar verbinden van natuurgebieden. Sijstermans: „Ten koste van ons uitzicht. We moesten het als bewoners zelf ontdekken. Vervolgens zijn we door de instanties van het kastje naar de muur gestuurd.” Inmiddels is het geplande Klingelebos nog maar half zo groot en zijn doorkijkjes gepland. „Maar”, zegt Sijstermans, „een zichtlijn is niet hetzelfde als een panorama.”

Martin Sijstermans geeft toe dat hij de strijd ooit aanging uit eigenbelang. Dat is inmiddels veranderd. „Ik ben 75. Als de bomen van het bos groot zijn, zijn wij er niet meer. Onze kinderen wonen allebei ver weg. Dus daar hoef ik het ook niet voor te doen. Waar het me om gaat, is het verkwanselen van het landschap waar Zuid-Limburg bekend om staat. Andere streken, zoals Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant zijn vermaard om hun bossen. Hier is het cultuurlandschap typerend.”

Volgens Edmond Staal van Het Limburgs Landschap is juist de afwisseling het handelsmerk van het Mergelland. „Een beetje hellingbos, een doorkijkje, weilanden bovenop de plateaus waar van oudsher de beste landbouwgrond ligt. Alleen is er in de loop der jaren steeds minder bos gekomen.” Staals stichting is de beoogde beheerder na de aanleg van het bos. Het Limburgs Landschap heeft in het gebied al 0,84 hectare kalkgrasland. Dat terrein met wat struweel maar zonder bos prijst de stichting aan wegens de rijke flora: 140 verschillende soorten planten, waarvan er 13 op de rode lijst met te beschermen, zeldzame soorten staan. Staal: „Wat bos kan daar best bij. Het wordt met die paar hectare ook niet immens.”

In de gemeenteraad vertegenwoordigde landelijke partijen als het CDA en de PvdA hebben verklaard tegen de aanleg van het bos te zijn. Hun mening heeft echter beperkt gewicht, omdat lokale partijen de volksvertegenwoordiging domineren. Thijs Gulpen, fractievoorzitter van Leefbaar Simpelveld, weet nog niet wat te denken. „We hebben er al veel over vergaderd, maar het is me nog steeds niet duidelijk of we als raad ergens ja of nee tegen kunnen zeggen. Wordt dat bos ons door de provincie opgelegd of heeft de gemeente ook nog iets in te brengen? Ik hoop dat daar in het najaar meer helderheid over komt.”

Wethouder René Ridderbeek (ruimtelijke ordening en groen, Burgerbelangen) legt uit dat er tijdens een commissievergadering een voorstel van de Dienst Landelijk Gebied op tafel ligt, waarmee de raad al dan niet akkoord kan gaan. Dat het allemaal zo lang geduurd heeft, ligt aan een onjuiste inschatting door de gemeente. Die dacht aanvankelijk dat de wijzigingsbevoegdheid bij het bestaande bestemmingsplan voldeed voor het Klingelebos. „Dat besluit heeft de Raad van State vernietigd. Er moest een heel nieuw bestemmingsplan komen.”

Zou de Simpelveldse raad tegen het bos stemmen, dan bestaat de mogelijkheid dat de provincie het besluit van tafel veegt. „Ik heb daarvoor geen aanwijzingen”, zegt Ridderbeek. „Maar de provincie kan met een inpassingsplan komen, bijvoorbeeld omdat ze het tot stand komen van de EHS belangrijk vindt.”

Of het bos er moet komen, is voor gemeenteraadslid Gulpen nog geen uitgemaakte zaak. „Ik denk dat veel mensen het prettig zouden vinden. Maar draaien we straks als gemeente mee op voor onderhoud in een tijd van forse bezuinigingen? En is de aanplant zo aan te passen dat de mensen met een panorama uitzicht blijven houden?”

Wethouder Ridderbeek geeft geen antwoord op de vraag of er voldoende tegemoet is gekomen aan de eisen van de omwonenden van het nieuwe bos. „Dat laat ik even in het midden. Ik wil niemand beïnvloeden.”