Dansend zoeken naar wat mensen bindt

Sidi Cherkaoui is met zijn gemengde achtergrond de aangewezen persoon voor een dansvoorstelling over spraakverwarring. „Als we maar oog houden voor wat ons bindt.”

In den beginne was het gebaar, niet het woord, zegt een danseres aan het begin van Babel(words). En het gebaar, dat is het lichaam, dat is bewegen. Choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui (34) voelde als klein kind al dat hij moest dansen om zich te kunnen uiten. „Anders zou ik doodgaan. Kijk,” zegt hij, zijn T-shirt oplichtend, „zie je die littekens? Appendicitis toen ik vier was, een maagzweer voor mijn vijftiende. Mijn lichaam vrat zichzelf op, omdat ik niet mocht dansen. Mijn vader wilde dat niet.”

Hij spreekt tijdens een pauze tussen de repetities in een afgelegen gebouw in het Parijse Parc La Villette. Daar presenteert hij, internationaal een van de meest succesvolle choreografen van het moment, in de Grand Halle voor het eerst de volledige trilogie rondom het thema van etniciteit, religie en identiteit. Babel(words), morgen en overmorgen te zien op festival Boulevard in Den Bosch, vormt het sluitstuk van het drieluik over de zoektocht van de mens naar zijn heil. In Foi (2003) stond religieus fanatisme centraal, in Myth (2006) het concept van een verlosser. Deel drie gaat in op de verdeeldheid van de mensheid, in talen en in volkeren. Een verdeeldheid die volgens het Oudtestamentische verhaal over de toren van Babel door God zelf werd geschapen, als straf voor menselijke hoogmoed.

In Babel(words) is Antony Gormleys toneelbeeld van driedimensionale, rechthoekige frames de speelplaats voor dertien dansers uit dertien landen, met dertien verschillende moedertalen en bijna even zo vele dansstijlen: acrobatiek, modern, martial arts, hiphop. In steeds wisselende opstellingen suggereren de aluminium objecten telkens andere ruimtes: een gevangenis, een vliegtuig, een boksring en – natuurlijk – de toren van Babel. Het is een ingenieus ontwerp van de man die ook het even simpele als verbluffend veelzijdige toneelbeeld van blankhouten kisten verzorgde voor Sutra, de bejubelde voorstelling die Cherkaoui in 2008 met Chinese Shaolin-monniken maakte – performers met wie de Marokkaanse Vlaming alleen via een tolk kon communiceren. „Heel leerzaam, ik kan het iedereen aanbevelen.”

Als kind van een Vlaamse, katholieke moeder en een Marokkaanse, islamitische vader en opgegroeid in het tweetalige België, is Cherkaoui de aangewezen persoon om een voor een voorstelling over spraakverwarring en verdeeldheid. „Damien Jalet en ik hebben het stuk samen gemaakt. Hij is van de Franse kant van België, ik van de Vlaamse. Tijdens onze gesprekken werd mijn Vlaamse afkomst belangrijker dan mijn Marokkaanse, zeker toen de werkelijkheid ons begon in te halen.”

Cherkaoui doelt op crisis die vorig jaar de Belgische regering spleet en die nog eens aantoonde hoe diep de kloof is die tussen Vlaanderen en Wallonië gaapt. „Steeds werden we door journalisten naar onze samenwerking gevraagd: hoe deden we dat toch? We maakten er een spel van: ik gaf interviews in het Frans, Damien in het Nederlands. Ik geloof in de tweetalige ideologie van België en ben een fervent voorvechter van dialecten. Al die nuances zijn zo mooi, zoveel rijker dan een gehomogeniseerd ABN!”

Tijdens de voorstelling beweert de superslanke, campy nicht Darryl E. Woods het tegenovergestelde. Met karikaturale Amerikaans-imperialistisch hoogmoed schampert hij dat het onzin is je voor andere talen te interesseren: „They’re all so boring.”

Het moge duidelijk zijn: Babel(words) is een volgende variatie op het grote thema van zijn oeuvre: verschillen zijn een rijkdom, als we maar oog houden voor wat ons bindt. Als choreograaf en danser zoekt hij die verbinding door alle stijlen die hem interesseren in zijn lichaam op te zuigen: „een aangepaste spons” noemde hij zichzelf ooit.

De voorstelling is de eerste productie van Cherkaouis nieuwbakken gezelschap Eastman. Tot begin dit jaar werkte Cherkaoui doorgaans onder de paraplu van andere gezelschappen. Aanvankelijk bij Alain Platels Les Ballets C. de la B., later bij Het Toneelhuis van Guy Cassiers in zijn geboorteplaats Antwerpen. De vorming van een eigen gezelschap was een noodzaak geworden, zegt hij. „C. de la B. is een groep waar blanke heteroseksuele mannen van middelbare leeftijd de dienst uitmaken. Daar heb ik als homoseksuele Marokkaan moeite mee. Maar het is te vermoeiend om daar tegenop te boksen. Bij Cassiers kon ik goed werken, maar Het Toneelhuis kon alleen voor mij zorgen, niet voor de mensen met wie ik werk. Ik moest dus een eigen structuur creëren. Tja, dat wordt dan Eastman, een letterlijke vertaling van Cherkaoui: komend van het Oosten.”

De nieuwe groep biedt hem ook de mogelijkheid meer lijn en zichtbaarheid te brengen aan zijn werk, dat hij over de hele wereld in co-producties creëert. „Sommigen weten niet wat ik doe. ‘Waar ben je nu?’, vragen ze. Met Eastman kan ik tonen wat na wat komt. Op die manier kan ik de hele waaier openstellen naar het publiek. Want mijn dansen gaan over het uitwisselen van informatie. Communiceren is mijn grootste verlangen, meer nog dan ‘kunst maken’.”

Babel(words), 7 en 8 augustus. Zie ook east-man.be