'Nog steeds moeite met gemengde huwelijken'

De meest Surinaamse speelfilm aller tijden, Wan Pipel (Eén volk) van regisseur Pim de La Parra, is gerestaureerd. Gisteren werd de film vertoond in Paramaribo.

In Suriname valt student Roy Ferrol (Borger Breeveld) als een blok voor de Hindostaanse Rubia (Diana Gangaram Panday).

„Zie je hoeveel ik van mijn land houd? Kijk, ik eet mijn land, kijk dan!” Acteur Borger Breeveld graaft zijn handen in de grond, grijpt een stuk aarde en stopt het in zijn mond. „Zoveel houd ik van mijn land, dat ik het zelfs vreet!”

Een van de vele scènes uit de legendarische Surinaamse speelfilm Wan Pipel (Eén volk), van regisseur Pim de La Parra. Wan Pipel is nu 35 jaar oud, en geldt als de meest Surinaamse speelfilm aller tijden. De film werd gemaakt in de tijd dat Suriname onafhankelijk werd van Nederland. Hij gaat over een onmogelijke, etnische verdeelde, liefde en illustreert de wrange relatie tussen Suriname en Nederland. Wan Pipel is een van de eerste films die door het Eye filminstituut Nederland (voorheen het Filmmuseum) in Amsterdam helemaal is gerestaureerd. De kleuren spatten weer van het doek en het geluid klinkt zuiverder dan ooit, valt regisseur Pim de la Parra, die in 1996 terugkeerde naar Paramaribo en daar nog steeds woont, op.

De film gaat over de creoolse student Roy Ferrol die in Nederland studeert maar voor het overlijden van zijn moeder naar Suriname terugkomt. Het wordt een hernieuwde kennismaking met zijn land. En met de liefde, want hoewel hij in Nederland samenwoont met zijn vriendin Karina (Willeke van Ammelrooy) valt hij in Suriname als een blok voor de Hindostaanse Rubia (Diana Gangaram Panday).

In het multiculturele maar toch nog etnisch gescheiden Suriname wordt de liefde van de creoolse Roy en de Hindostaanse Rubia niet geaccepteerd. Kiest Roy uiteindelijk voor Nederland en voor een leven met zijn Nederlandse Karina, of blijft hij bij zijn Hindostaanse Rubia en helpt hij het toen net zelfstandig geworden Suriname opbouwen?

De film ging in 1976 in première op het filmfestival van Cannes. Hij lag jaren in het Filminstituut opgeslagen en de de kwaliteit was achteruit gegaan. Emjay Rechsteiner: „Er zaten krassen op, de kleuren waren fletser en de contrasten waren op sommige plekken niet meer zo helder. We hebben de krassen eruit gekregen en het is ook gelukt om het grootste deel van de verkleuring te verhelpen.”

De restaurateurs zijn ruim een jaar bezig geweest en de kosten waren ruim tweehonderdduizend euro. Het resultaat is verbluffend. Bij sommige scènes lijkt het wel alsof je details ziet die er eerder niet waren. Zo ziet de huid van de acteurs er nu minder glad en steriel uit en zijn iedere zweetdruppel, elk vlekje en zelfs de muggebulten op de witte armen van Willeke van Ammelrooy te zien.

Wan Pipel is de eerste van in totaal 42 films die door het Eye Filminstituut gerestaureerd gaan worden. Het gaat allemaal om Nederlandse films met een zekere impact. Er wordt niet alleen gekeken naar de cinematografische betekenis van een film, ook de cultureel historische aard kan een afweging zijn. Volgens Rechsteiner overstijgt Wan Pipel zichzelf door dat de film, hoewel 35 jaar oud, nog steeds niet verouderd is. „Ook het publiek is verrast over de actualiteitswaarde en daarmee blijkt opnieuw de enorme impact die Wan Pipel nog altijd in Suriname heeft.

Marlene Soemodimedjo somt de gelijkenissen tussen Wan Pipel en het huidige Suriname op: „Dit is zo herkenbaar. We maken nog steeds dezelfde grapjes als in deze film, we hebben toch nog steeds moeite met gemengde huwelijken, hoewel het minder wordt, en nog steeds willen heel veel Surinamers naar Nederland. Het enige verschil met nu is dat je toen veel minder auto’s op straat zag, maar verder deze film is nog steeds actueel.”

Het publiek beaamt dat de film 35 jaar later nog steeds actueel is. Hij trekt volle zalen. Reacties vliegen door de bioscoopzaal, af en toe knikt er en hard. „ja inderdaad” of een gierende lach. „We zijn echt zo”, fluistert een vrouw in het publiek. Voor Willeke van Ammelrooy die in Wan Pipel de Nederlandse vriendin van Roy Ferrol speelt is dat het mooiste van de avond. „Ik vind het geweldig hoe jullie reageren, de herkenning die deze film voor jullie heeft. En ik heb er weer wat nieuwe Surinaamse woorden bijgeleerd”, roept ze naar de zaal als ze na een overweldigend applaus de microfoon pakt. Ze is natuurlijk ouder geworden, sinds Wan Pipel, maar ze heeft met haar grijze krullen nog steeds een enorme uitstraling.

Haar rol in de film is actueel want in het Suriname van nu representeert Willeke als Karina misschien wel een van de duizenden Nederlandse stagiaires die hun Surinaamse vriendje achterna reizen en hopen op een gezamenlijk leven in Suriname. Maar negen van de tien keren gaat dat uiteindelijk mis, net zoals de liefde tussen Karina en Roy in de film.

Wan Pipel mag dan gerestaureerd zijn de contrasten in Suriname, die de thematiek van de film vormen, zijn nog niet weggewerkt.