De Zitting / Moeder getuigt tegen zoon die haar kennis aangaf

zitting_vignet“Pertinent niet”, antwoordt Carolien (47) op de vraag of ze een relatie heeft met Hendrik (53). De Rotterdamse rechter Vermeulen verontschuldigt zich. “Het gaat me ook niets aan, maar om het te begrijpen…” Wat een eenvoudige zaak leek, blijkt een draadje te zijn in een web van ruzies, met een straat in Vlaardingen als toneel.

Hendrik is zojuist – even voor half vier op maandag 2 augustus - als verdachte voorgeleid. Hij heeft ontkend dat hij op 16 september 2008 Michael, de zoon van Carolien, op zijn linkerwang heeft geslagen. Die zoon heeft aangifte gedaan, maar is vandaag afwezig. Hij heeft zijn moeder gevraagd om tegen Hendrik te getuigen. Zij neemt het nu echter op voor Hendrik. Over haar zoon Michael zegt ze: “Hij heeft het voorgoed bij mij verpest.”

Tuinhekje

Voorafgaand aan de klap hadden Carolien en Michael, moeder en zoon, namelijk een hevige ruzie. En dat was niet de eerste keer. Toen Carolien wegreed met Hendrik, een kennis, rende Michael achter de auto aan. Hij sloeg tegen de carrosserie en Hendrik stopte. Vervolgens begon Michael te schelden en zou hij zijn moeder uit de auto getrokken hebben. “Hij heeft me drie keer tegen het tuinhekje aangegooid”, verklaart Carolien. “Michael heeft mij ook bedreigd met een mes.” Ze heeft daar geen aangifte van gedaan, licht ze toe. “Omdat hij mijn zoon is.” De vader van Michael is uit beeld. Carolien heeft zelfs een geheim adres genomen omdat ze bang voor hem is. Maar ook met Hendrik lijkt ze het niet zo goed meer te kunnen vinden: toen ze hem in de foyer van de rechtbank zag, liep ze hem straal voorbij.

De rechter wil van haar weten of Hendrik later naar Michael is geweest om hem een klap te geven. “Pertinent niet”, zegt Carolien beslist. Ze zal deze woorden nog vaak herhalen. De rechter: “Dat betekent dus dat Michael het uit zijn duim heeft gezogen?”

Hendrik heeft een foto van de verwondingen in Caroliens nek gemaakt en mag deze tonen aan de rechter en de officier van justitie. Het valt mee. Als Hendrik de foto weer terugheeft, wil de rechter weten of er een datum op staat. “Ja, geschreven”, zegt Hendrik. Dus niet gedrukt, merkt de rechter op. Maar hij maakt er geen punt van.

De bode laat Marion (52), de vriendin van Carolien, binnen. Wat onwennig staat ze voor de rechtbank. “Gaat u maar zitten, mevrouw”, zegt de rechter. Hij herhaalt wat hij eerder tegen Carolien zei. “Als getuige moet u de waarheid zeggen, en niets anders dan de waarheid. Doet u dat niet, dan pleegt u een ernstig misdrijf waarop een aantal maanden gevangenisstraf staat. Ik zeg dit zodat u weet wat er op het spel staat.” Marion weet niet hoe snel ze de rechter gerust moet stellen. Op zijn verzoek staat ze meteen op en zegt de eed na. “Zo waarlijk helpe mij god almachtig.” Haar verhaal komt overeen met dat van Carolien. “U mag weer in de zaal plaatsnemen”, zegt de rechter.

Rechtshandig

Hendrik neemt weer plaats in het verdachtenbankje. Zijn advocaat mag hem een vraag stellen. “Maar u moet naar mij blijven kijken”, instrueert de rechter. De advocaat vraagt of Hendrik links of rechts is. “Rechts”, antwoordt Hendrik. Nu is het de beurt aan de officier. Er is volgens haar sprake van “twee totaal verschillende verhalen”, vanaf het moment dat Carolien de auto verlaat: ze is er of uitgestapt of er uit getrokken. Michael ontkent namelijk dat hij zijn moeder heeft mishandeld. “Of mevrouw geslagen is of niet maakt voor deze zaak niet uit”, zegt de officier. “Waar het hier om gaat is of meneer D. (Hendrik, red.) meneer K. (Michael, red) heeft geslagen op zijn gezicht.” Ze eist een werkstraf van 20 uur.

De advocaat werpt tegen dat Michael geen zichtbaar letsel heeft en slechts heeft verklaard “lichte drukpijn” te hebben. Ze brengt in herinnering dat Hendrik rechtshandig is. “Dat maakt het lastig om, als iemand tegenover je staat, op zijn linkerwang te slaan.” Hendrik draait zich om naar de advocaat; in het dossier stond toch rechterwang? Zoals de advocaat de posities beschrijft is het juist heel goed mogelijk iemand met de vuist op zijn linkerwang te slaan. De rechter kijkt het nog even na. Er staat: “Geen letsel aan de rechterwang.” Nu is de spraakverwarring compleet. Betekent dit nu dat er wel letsel aan de linkerwang is geconstateerd? De advocaat schudt vertwijfeld haar hoofd. Haar opzetje heeft niet het beoogde effect gehad. De rechter laat het erbij zetten en vervolgt de zitting.

Hetze

Of Hendrik nog een laatste woord heeft, vraagt de rechter. Plotseling steekt de verdachte, die zich de hele zitting rustig gedroeg, een tirade af. “Ik vind dat er een hetze tegen mij wordt gevoerd. Er liggen ook aangiftes van mij, maar daar wordt niets mee gedaan. Ik heb het idee dat Michael vriendjes heeft op het politiebureau.” De rechter adviseert hem een klacht in te dienen bij de politieleiding. “Ik ga daar niet over.”

De rechter acht de verklaringen van Marion en Carolien onvoldoende reden om de aangifte tegen Hendrik opzij te leggen. Ook omdat Carolien 1,5 jaar lang heeft geweigerd om een verklaring op het politiebureau af te leggen. “En nu komt ze opeens met dit verhaal.” Carolien kijkt Marion aan. “Tsss”, klinkt het afkeurend.

Voor Hendrik heeft de rechter enig begrip. “Ik kan me goed voorstellen dat u woedend was. U stopte en Michael zou meteen begonnen zijn met schelden. Dat is heel irritant.” Maar de vermeende vuistslag van Hendrik acht hij bewezen. Hij vonnist een geldboete van 300 euro, te betalen door Hendrik.

Gezien het privékarakter van de kwestie is deze keer bij uitzondering gekozen voor gefingeerde namen. Mishandeling is strafbaar op basis van artikel 300 wetboek van strafrecht.

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.