Calcium tegen botbreuk is slecht voor hart

Wie dagelijks een calciumtablet neemt tegen botontkalking verhoogt zijn kans op een hartaanval met ongeveer 30 procent. En omdat calciumtabletten de kans op een botbreuk maar met 10 procent verlagen, is het meestal verstandiger te stoppen met calciumtabletten.

Dat concluderen de auteurs van een analyse waarvoor de gegevens werden samengevoegd van ongeveer 12.000 patiënten die drie à vier jaar uit voorzorg calciumtabletten slikten. Het onderzoek is online gepubliceerd door de British Medical Journal.

Vooral vrouwen na de menopauze slikken dagelijks calciumtabletten, of ze lossen een bruistablet met calcium op. Vrouwen kopen calciumtabletten zelf bij de drogist of een arts schrijft een recept uit. Alleen het gebruik van de tabletten op recept is bekend. Ruim 300.000 Nederlanders slikken calciumtabletten op recept. In 2008 was de omzet van hun tabletten ruim 31 miljoen euro: 10 miljoen voor calciumtabletten en 21 miljoen voor calciumtabletten waarin ook vitamine D zit. De omzet verdubbelde de afgelopen vijf jaar bijna. Hoeveel mensen de pillen op eigen initiatief nemen, is onbekend.

Een verhoogd risico met 30 procent op een hartziekte is voor een individu nauwelijks merkbaar. Maar omdat calciumtabletten zo veel worden gebruikt, is het voor de volksgezondheid wel van belang, schrijven de onderzoekers. Ze rekenen uit dat wanneer duizend mensen vijf jaar calciumtabletten slikken, er 14 extra hartaanvallen, 10 extra beroertes en 13 extra doden in die groep optreden, terwijl er slechts 26 botbreuken mee worden voorkomen.

In calciumtabletten zit tegenwoordig vaak ook vitamine D. Er is een recent Amerikaans onderzoek waarin voor die tabletten geen verhoogd risico op hartaanvallen is gevonden. Maar de onderzoekers van de meta-analyse – waarin alleen calcium zónder vitamine D is bekeken – maken aannemelijk dat dat Amerikaanse onderzoek door zijn opzet eigenlijk geen goede uitspraak over hartziekterisico’s kon doen.

De onderzoekers denken dat calciumsupplementen meer hartziekten geven doordat er steeds een forse dosis calcium in het bloed komt dat zich af kan zetten op beschadigde vaatwanden. Calcium in de voeding zou dat effect niet hebben doordat het geleidelijker beschikbaar komt.