Een probleemoplosser met een passie voor pony's

Hij zou als waarnemend voorzitter het CDA helpen de verkiezingsnederlaag te verwerken. Maar nu moet Henk Bleker de achterban ook overtuigen dat het CDA regeren moet. Kan hij dat?

Barbara Rijlaarsdam

Hij is de man die met kaplaarzen aan in een modderig weiland staat om het verhaal van een boze boer aan te horen over kraaien die zaaigoed wegpikken. De Oost-Groninger die op zijn boerderij, op enkele kilometers van de Duitse grens, Welsh pony’s fokt en hiermee keuringen en shows afstruint. De voetballiefhebber die op zondag naar thuiswedstrijden van FC Groningen gaat en in de kantine meezingt met liedjes van Lucas en Gea – het zingende duo uit Oude Pekela dat bekendheid verwierf met de hit Steeds weer huil je.

Henk Bleker (57), de oud-gedeputeerde voor het CDA in Groningen en de huidige directeur van de regionale omroep RTV Noord, is op dit moment een van de hoofdrolspelers binnen het CDA.

Zijn belangrijkste taak is te zorgen dat het zwaargehavende CDA de verkiezingsnederlaag te boven komt. Geen gemakkelijke klus. Helemaal niet nu de christen-democraten mogelijk deel gaan uitmaken van een minderheidskabinet met de VVD, dat gedoogsteun krijgt van de PVV. Afgelopen weekend zei Bleker in het radioprogramma Tros Kamerbreed dat er nog veel „twijfels en vraagtekens” bij het CDA moeten worden weggenomen voordat een minderheidskabinet tot stand kan komen. Volgens een ondervraagde „huivert Henk tot in iedere haarvezel” van het type politiek bedrijven waar de PVV voor staat. „Hij is een christen-democraat in hart en nieren, die zich heel erg op consensus en harmonie richt”, verklaart oud-partijvoorzitter Marnix van Rij. „Maar hij is ook pragmatisch, beseft dat het land geregeerd moet worden en dat het CDA zijn verantwoordelijkheid moet nemen.”

In de media uitte Bleker de afgelopen weken geregeld kritiek op „onbehoorlijke standpunten” van Geert Wilders. Die zijn wat hem betreft onverenigbaar met de principes van de christen-democratie: het verbod op hoofddoekjes, de inperking van de godsdienstvrijheid en het stopzetten van de ontwikkelingssamenwerking. Daarmee heeft Wilders CDA’ers „in de ziel geraakt”, verklaarde Bleker. Hij kan zich kwaad maken over het feit dat Wilders groepen mensen problematiseert, blijkt tijdens het gesprek voor dit profiel. „Ik was ontzettend boos over die uithaal van Wilders in dat debat over Marokkanen. ‘Ik heb de Marokkaanse gemeenschap tekort gedaan’, zei hij. ‘Zij zijn niet vijf, maar zes keer vaker dan autochtonen verdachte van een misdrijf.’ Af-schu-we-lijk.” Zijn openlijke kritiek op de PVV geeft Bleker het vertrouwen van de achterban, meent Tweede Kamerlid Joop Atsma (CDA). „Die huivering voor samenwerking met de PVV is bij heel veel CDA’ers aanwezig. Nu zij weten dat Henk er scherp in zit, durven zij erop te vertrouwen dat hij geen dingen laat gebeuren die niet bij de principes van de partij passen.”

Voor de trouwe CDA-congresgangers is Bleker geen onbekende; hij is al jarenlang congresvoorzitter. Hij leidt de vergaderingen en zorgt dat de procedure rondom alle duizenden amendementen en resoluties goed verloopt. „Henk doet dat met veel humor”, zegt CDA-Kamerlid Ger Koopmans. „Je kunt vreselijk om hem lachen.” Zoals afgelopen voorjaar op het verkiezingscongres, bij een deelsessie over de toekomst van de waterschappen. De ruimte zat vol bestuurders die wilden voorkomen dat de waterschapstaken naar de provincie zouden worden overgeheveld. Na een zoveelste poging om de zaal tot bedaren te brengen, klonk Bleker door de microfoon: „Dan is bij deze besloten dat de waterschappen worden ondergebracht bij de provincies.” Binnen één tel was het doodstil. Bleker, grinnikend: „Nee hoor, áls we de waterschappen opheffen, doen we dat wel op een correcte manier!”

Henk Bleker (26 juli 1953) groeide op in een antirevolutionair gezin in het Groningse dorpje Onstwedde. Hij was de jongste thuis, met twee zussen en een broer die zeven tot veertien jaar ouder waren dan hij. Zijn moeder was huisvrouw, zijn vader postbode. En – het zit in de familie – fokker van Welsh pony’s. Op het lyceum wilde Bleker parlementair journalist worden, maar op aanraden van zijn schooldecaan ging hij ‘een vak leren’. Het werd politicologie in Amsterdam. Op zijn achttiende ging Bleker op kamers in de grote stad, maar een wild studentenleven leidde hij niet. Maandelijks stortte zijn vader 275 gulden op zijn girorekening („Wat voor mijn vader een gigantisch bedrag moet zijn geweest, heb ik later nog eens nagerekend”) en hij zag het als zijn plicht om hard te studeren.

In het derde jaar van zijn studie werd Bleker gebeld door zijn docent, Henk van Ruller, met de vraag of hij diens hulpje wilde worden voor drie dagen in de week. Van Ruller adviseerde de toenmalige ARP-minister van Binnenlandse Zaken, Bas de Gaay Fortman senior, over de opzet van het grotestedenbeleid en hij zocht iemand die de vergaderingen kon voorbereiden en er verslag van kon doen. Als er belangrijke gasten aanschoven, zoals burgemeesters, moest Bleker zorgen dat er een goed gevulde sigarendoos op tafel stond. Zo nu en dan reisde Bleker met zijn collega Elco Brinkman [de latere minister en CDA-fractievoorzitter, red.] mee van Amsterdam naar Den Haag.

Geïnspireerd door dat bijbaantje promoveerde hij een paar jaar later op de overlegcultuur in bestuurlijk Nederland. Later had hij zelf bestuurlijke functies. Hij was secretaris in het dagelijks bestuur van het CDA en gedeputeerde in Groningen. Maar eerst was hij zelfstandig ondernemer, een baan die hij combineerde met het Statenlidmaatschap. Zeventien jaar was hij lid van de Provinciale Staten in Groningen, waarvan acht jaar als fractievoorzitter. In 1982 werd hij beëdigd, precies op de dag dat zijn vader overleed. En toevallig of niet, die avond werd er een veulentje geboren. Bleker noemde het Wolling’s Digalon Merch, dat in het Welsh ‘droevig meisje’ betekent. De merrie zou later voor „prachtig nageslacht” zorgen. Zo won nakomeling Wolling’s Dauphine Deux op 17 juli bij een regionale keuring in Eext de eerste prijs in de sectie-B, dat zijn pony’s met een schofthoogte van 1,22 tot 1,37 meter. En van alle pony’s die die dag meededen, werd Dauphine Deux tweede. Bleker glimt als hij erover vertelt. „Als ze het goed doet op een keuring, krijg ik tranen in m’n ogen.”

De pony’s zijn Blekers grootste passie. „Als een van zijn pony’s drachtig of ziek was, belde hij zijn secretaresse: maak mijn agenda maar leeg voor vandaag. Dat kwam hem wel op kritiek te staan, maar zo is hij gewoon. Praktische betrouwbaarheid was niet zijn sterkste kant”, aldus Marc Jager, de jonge CDA’er die Bleker opvolgde als gedeputeerde.

Een andere slechte gewoonte, die iedere ondervraagde noemt als de naam van Bleker valt, is het feit dat hij „echt altijd en overal te laat komt”. Marc Calon, destijds collega-gedeputeerde (PvdA), herinnert zich dat Bleker bij de collegevergaderingen op dinsdagochtend standaard een kwartier te laat verscheen. „Altijd met hetzelfde excuus: hij moest zijn dochtertje naar school brengen. Dat bleek lariekoek, want toen we de vergadering verplaatsten naar kwart voor tien, kwam hij om vijf voor tien.”

Als Piet, de chauffeur van Bleker, hem ’s ochtends kwam ophalen, vervolgt Calon, moest hij soms een half uur of drie kwartier wachten. „Dan moest Henk nog ‘even’ zijn stallen uitmesten.” Toch kon je niet boos worden op de charmante Bleker, zegt Joske Kluver, die jarenlang zijn communicatieassistente was. „Dan keek ’ie je aan met die grote blauwe ogen en dan was je alweer vergeten dat hij te laat was.” Verder kon Bleker zijn desinteresse voor sommige onderwerpen slecht verbergen, zegt Jager. „Bij debatten kon hij soms onderuitgezakt aan een tafel hangen, hij legde nog net zijn hoofd niet in zijn armen. Een sms’je met ‘rechtop!’ hielp meestal wel.”

Calon heeft plezierig samengewerkt met Henk Bleker, beklemtoont hij. „Maar ik ken genoeg mensen die moeite hadden om met hem samen te werken. Die zich kapot ergerden aan zijn gedrag. Zij zeiden: je kunt die man niet vertrouwen. Hij is politiek zo behendig. Maar mij heeft hij nooit bedonderd. Henk moet je kort dekken: heldere afspraken maken, dat helpt.”

Als gedeputeerde heeft Bleker goede resultaten geboekt, zeggen de ondervraagden. Zo had Bleker een groot aandeel in de ruim twee miljard euro die het noorden kreeg ter compensatie van het afblazen van de Zuiderzeelijn, de spoorverbinding tussen Amsterdam en Groningen. „Hij zat in die periode bijna dagelijks in Den Haag”, herinnert Marc Jager zich. „Dan wachtte hij gerust een hele avond in Nieuwspoort op Eurlings [CDA-minister van Verkeer en Waterstaat, red.], zodat ze een kwartier samen een biertje konden drinken. Dan wist Henk: ik ben weer een stap verder. En vervolgens ging hij, vaak middenin de nacht, weer naar huis. Piet en hij hielden er allebei niet van in een hotel te overnachten.”

Ook het feit dat de Giro d’Italia, de wielerronde van Italië, in 2002 naar Groningen kwam, was te danken aan gelobby van Bleker. De gedeputeerde was met een kleine delegatie, onder wie commissaris van de koningin Hans Alders, naar Rome gereisd om de Giro-directie te ontmoeten. Speciaal hiervoor had hij Italiaans geleerd. „Ik wil ze in hun eigen taal kunnen uitleggen waarom Groningen zo’n mooie stad is”, zei hij in het Dagblad van het Noorden. Een jaar lang had hij elke week anderhalf uur les en moest hij drie uur huiswerk maken. Met als resultaat dat hij Alders in vloeiend Italiaans kon introduceren als il Commissario della Regina.

In Rome ging de gereformeerde Bleker op audiëntie bij de paus. De foto hing jarenlang op zijn kamer in het provinciehuis en verhuisde vorige jaar mee toen hij directeur van RTV Noord werd. „Ik dacht altijd dat hij katholiek was”, zegt Anne Hettinga, directeur van vervoersbedrijf Arriva en goede bekende van Bleker. „Vanwege die foto, maar ook vanwege zijn levensstijl. Hij houdt wel van een feestje, is een echte bourgondiër.” Hij is geïntrigeerd door het katholicisme, geeft Bleker toe. „In de protestantse kerk, zeker in mijn tijd, werd je heel leerstellig uitgelegd hoe alles in elkaar steekt en wat dat betekent voor je leven. In de katholieke kerk draait het meer om het gezamenlijk beleven van het geloof, zonder dat je het precies met elkaar eens moet zijn over alle details. Het katholieke geloof brengt mensen uit de hele wereld samen. Dat vind ik mooi.” Hij heeft overwogen over te stappen. „Maar als ik dan aan mijn ouders denk... Nee, dat doe ik niet.”

Bleker is geen vaste kerkganger. „Mijn moeder zei altijd tegen me: als iedereen zo doet, wat blijft er dan van de kerkgemeenschap over? Aan die woorden moet ik nog wel eens denken. Ik ben een kind van de individualisering, en dat neem ik mezelf wel kwalijk.”

Sinds vorig jaar mei is Bleker directeur van RTV Noord. Dat lijkt misschien een gekke stap voor iemand die altijd in de politiek heeft gezeten, maar hij is zo stapelgek op Groningen. Voor hem persoonlijk kon het gewoon niet mooier”, zegt Joske Kluver. Anderen beamen dat. Op deze manier kan Bleker in zijn geliefde Groningen en in de buurt van zijn paardjes blijven én hij houdt genoeg tijd over voor zijn politieke leven.

Henk Bleker is op dit moment de juiste man op de juiste plek binnen het CDA, zeggen de christen-democraten. Hij heeft veel gezag, in de partijorganisatie, in de Tweede Kamerfractie én in de achterban. Bleker is heel erg betrokken, zegt Kamerlid Sybrand van Haersma Buma. „Hij is een rustgevende en bindende factor, heeft met allerlei mensen dagelijks contact. Henk legt geen dingen op aan mensen, maar hij weet precies waar hij mee bezig is. Hij zorgt dat mensen elkaar weten te vinden.” Bleker is een probleemoplosser, hij heeft de handigheid van een Amsterdamse marktkoopman, zegt Joop Atsma.

Hoewel Bleker een hele geschiedenis heeft binnen het CDA, heeft hij het imago van een buitenstaander. In de achterban wordt hij niet gezien als iemand van het Haagse pluche, maar als een „man van de regio”. Hij heeft geen persoonlijke belangen bij het interim-voorzitterschap, zeggen ondervraagden; hij ambieert geen carrière in de landelijke politiek, en hij wil ook niet de nieuwe voorzitter worden. Publiekelijk benadrukt Bleker steeds dat hij „wáárnemend” voorzitter is. De mensen uit zijn naaste omgeving peinzen er niet over dat hij dat meent. „Hij zou nooit zijn paardjes in de steek laten.”

Voorlopig zit Blekers taak er echter nog niet op: hij moet het CDA nog door de zware storm van de kabinetsformatie zien heen te loodsen. En alles duidt erop dat het speciaal in te lassen congres over regeringsdeelname zelfs voor de gangmaker van de CDA-congressen een meesterproef wordt.

Rectificaties / gerectificeerd

Correcties & aanvullingen

In het profiel van CDA-voorzitter Henk Bleker (Een probleemoplosser met een passie voor pony’s, 2 augustus, pagina 2) wordt Bas de Gaay Fortman genoemd. Bedoeld werd zijn vader, ARP-minister W.F. de Gaay Fortman.