Coach die spelers het avontuur laat zoeken

Bij de Nederlandse hockeyploeg is alles anders onder de strateeg Paul van Ass (49). „Paul vindt altijd een manier om je te motiveren.”

Gefronste wenkbrauwen in de Nederlandse hockeywereld, toen Paul van Ass twee maanden geleden werd aangesteld als bondscoach. Wat moest men nu precies denken van deze succesvolle ondernemer, financieel onafhankelijk, coach zonder trainersdiploma’s. Natuurlijk, hij had het aardig gedaan bij HGC, tweede van Nederland, tweede van Europa. Maar een carrièrecoach, in de traditie van voorgangers als Roelant Oltmans of Maurits Hendriks – dat is Van Ass niet. Ooit liet hij Eminem door de kleedkamer van HGC schallen, vlak voor een beladen duel tegen Rotterdam. ‘You only get one shot’, rapte de zanger in zijn nummer Lose Yourself . „Dat klopte helemaal met die wedstrijd, we kregen één kans Europees hockey te halen”, zegt oud-international Bram Lomans, die erbij was. „Als we daar in onze broek zouden schijten was ons hele seizoen voor niks geweest. We kregen een enorme kick van die muziek. Paul vindt altijd een manier om je te motiveren.”

Alles is anders onder de strateeg Paul van Ass (49). Wars van holle kreten als ‘kom op, knokken!’ of ‘ga ervoor!’ vertelt hij zijn spelers liever een waar gebeurd verhaal uit een beroemde wedstrijd. Of haalt hij in zijn wedstrijdvoorbereiding De kunst van het oorlogvoeren van de oude Chinese krijgsheer Sun Tzu aan, of het boek Sacred Hoops , van de legendarische Amerikaanse basketbalcoach Phil Jackson. Of hij vertelt hoe een hockeyer in de binnenste concentratiecirkel moet blijven, een vondst van de Duitse psycholoog Eberspächer; daarin tellen alleen de speler en zijn taak – al het overige niet.

Lomans genoot van de belezenheid van Van Ass. „Hij kan spelers enorm motiveren. Niet op een Ratelband-achtige manier, meer psychologisch. Hij geeft nieuwe inzichten mee, strategieën. Als je zwakker bent dan je tegenstander moet je je sterker voordoen; als je sterker bent moet je je zwakker voordoen. Dat haalde hij uit Sun Tzu. Tegen een mindere tegenstander waren we voor de wedstrijd vriendelijk, een beetje nederig, we lieten hen voorgaan. Om geen agressie op te roepen. Tegen Bloemendaal maakten we onszelf groter dan we waren. Het werkt.”

Van Ass geldt in de hockeywereld als een vreemde eend in de bijt, maar topspelers die met hem werkten, zoals de HGC-iconen Lomans en Guus Vogels, roemen hem als de beste coach die zij ooit hebben gehad. „Ik vind het heel jammer dat ik niet meer onder hem in het Nederlands elftal heb kunnen spelen”, zegt Vogels, net gestopt met tophockey.

Van Ass deed meer ervaring op in het bedrijfsleven dan in het hockey, al speelde hij zelf ook voor HGC 1. Als jonge entrepreneur nam hij op zijn 28ste zijn eerste bedrijf over. Kort na de opening van het IJzeren Gordijn, eind jaren tachtig, trok hij naar Oost-Duitsland en nam er een containerfabriek over. Reorganiseren werd zijn specialiteit – het leverde hem geen windeieren op.

„Een hockeyclub is niet veel anders dan een bedrijf”, zegt Vogels. „Paul kan de voorwaarden creëren om succesvol te zijn. Hij weet verdomd veel van groepsprocessen af.” Voor Ties Kruize, binnen de bond verantwoordelijk voor het tophockey, is Van Ass precies het type coach dat de Nederlandse mannen nodig hebben. „Als ondernemer moet je beslissingen durven nemen, kunnen organiseren, met mensen kunnen omgaan. Die drie dingen zijn ook voor een coach essentieel. We hebben iemand nodig die een beetje boven de partijen staat, die het hele proces beheerst, niet alleen de wedstrijdtactiek, maar ook hoe je met je staf omgaat, met spelers, de buitenwereld, de pers. Iemand die op alle fronten kan managen en de baas is.”

Als hockeycoach werkte hij bij Victoria, HGC en Jong Oranje, maar trainersdiploma’s haalde hij niet, tot ergernis van een aantal collega’s. Maar spelers die met hem werkten wijzen juist op zijn capaciteiten als coach. Lomans: „Er is geen trainer in Nederland die een coachingdiploma heeft, want er zijn alleen trainersdiploma’s. Door Paul ben ik ervan overtuigd geraakt dat er een soort topopleiding moet komen waar je kunt leren coachen.”

De Engelse international Barry Middleton voelde zich mede door Van Ass thuis in Wassenaar. „Paul weet precies hoe hij het beste uit een speler kan halen. Dat is geen cliché. Hij weet bij iedereen de juiste snaar te raken. Ook een wisselspeler heeft het gevoel dat hij erbij hoort.”

Van Ass geldt als een vernieuwer, wars van het saaie, voorspelbare en risicoloze schuifhockey dat de laatste jaren gewoon is geworden in de top. Volgens Middleton komt de sportvisie van Van Ass rechtstreeks uit zijn ervaringen als ondernemer. „Hij houdt niet van dat halfhartige hockey waarbij je maar afwacht wat gaat gebeuren. Hij wil dingen laten gebeuren, een team moet creatief zijn.” Zo houdt Van Ass zijn spelers voor dat zij de randen van de chaos opzoeken. Lomans: „Als je niets durft ben je voorspelbaar. Je moet het avontuur aangaan, het verschil maken, daar gaat het om. Dat is wat Paul probeert over te brengen.”

Van Ass moedigde Middleton aan zijn tegenstander op te zoeken en op avontuur te gaan. Een bevrijding, vond de Engelsman. „Paul geeft je veel vrijheid, stimuleert je de rem eraf te halen. Dat vond ik heerlijk bij HGC. Hij is geen coach die constant vertelt waar je moet lopen. Je hebt je verantwoordelijkheid, maar ook de vrijheid om helemaal uit je dak te gaan op het veld. Val maar aan, vertrouw op jezelf. Verlies je de bal, dan probeer je het nog eens.”

Ook doelman Vogels had veel baat bij die aanpak. „Hij is de beste spiegel die ik in mijn carrière heb gehad”, zegt de oud-keeper van het Nederlands team. Vogels stond enkele jaren geleden op het punt HGC te verlaten, na een moeizaam seizoen waarin degradatie ternauwernood werd voorkomen. Totdat Van Ass het roer overnam. „Hij belde me op en zei: Guus, geef me twee weken om de boel te reorganiseren, voordat je je keuze maakt. Hij bracht in korte tijd een enorme ommekeer teweeg binnen de club, en binnen de selectie. Dat jaar speelden we weer mee om de landstitel.” Volgens Lomans deed Van Ass dat met spelers „die eigenlijk niet zo heel goed waren”.

Van de succesvolle ondernemer merken ze niet veel in de hockeywereld. Of het moet zijn dat Van Ass, zoals Lomans het uitdrukt, in een grotere auto rondrijdt dan de meeste hockeycoaches. „Hij houdt van auto’s.” Middleton: „Sommige jongens vroegen hem eens hoeveel goals ze moesten maken om een weekje in zijn Bentley te mogen rijden. Maar Paul is niet iemand die laat zien dat hij veel geld heeft, ook al weet iedereen dat. Hij schept er niet over op. Hij leidt een goed leven, maar hij blijft een normale jongen.”

Vogels denkt wel dat Van Ass op zijn tellen moet passen als baas van de nationale ploeg. „Hij kan soms wat relativerend uit de hoek komen, met een grapje. Daar kom je bij het clubhockey makkelijk mee weg, maar in het Nederlands elftal ligt alles net even wat meer onder een vergrootglas. Het is maar de vraag hoe daar op gereageerd gaat worden als het een keer wat minder gaat, als je van Japan verliest, zoals onlangs.”

Ook Lomans verwacht dat Van Ass nog met de nodige tegenslag te maken zal krijgen. „Het Nederlands elftal is toch anders dan een club, waar hij al veel krediet had. Je hoort nu al kritiek, nu ze een paar keer verloren hebben.”

Toch ziet Lomans hem als de juiste persoon op de juiste plaats. „In het bedrijfsleven leerde hij uitdagingen aan te gaan. Dat deed hij ook in het hockey. Toen HGC in financiële problemen kwam en zonder voorzitter zat, stak hij zijn hand op. ‘Dan doe ik het wel.’ Dat deed hij ook toen dames 1 op degraderen stond. ‘Ik doe het wel’. En bij heren 1. Hij geniet van die uitdaging. Paul heeft als groot voordeel dat hij kan doen wat hij wil. Het maakt hem niet uit als hij nooit meer een baan in de hockeywereld zal krijgen. Hij heeft zijn ideeën en zal die uitvoeren. Hij is onafhankelijk, hij hoeft geen andere baan meer, zijn drijfveer is zijn passie voor hockey. Dat is het beste wat je kunt hebben.”