Mohammed demoniseerde de pre-islamitische culturen

Wie was de echte historische Mohammed? Het verhaal van de profeet werd na zijn dood samengesteld en opgetekend. Soms lijkt het erop dat het enigszins aangepast is aan de politieke behoefte van die tijd. Zijn verhaal moest natuurlijk het gezag van de regeerders niet ondermijnen. Deze stelling wordt door de Nederlandse islamoloog Hans Jansen verdedigd in zijn studie naar het leven van Mohammed. We hebben hier, kortom, te maken met verhalen waarvan niemand nog de authenticiteit kan nagaan.

De officiële (islamitische) lezing van de sociale en economische toestand voor de komst van de islam vat ik in één woord samen: demonisering. De pre-islamitische Arabieren worden sterk gedemoniseerd. De islam zet ze neer als onbeschaafde, onrechtvaardige, ongeletterde barbaren. Mekka wordt voorgesteld als een stad in verval, zowel economisch als moreel. Een immoreel Wall Street van de zevende eeuw. Eigenlijk beschouwt de islam de pre-islamitische periode als een periode waarin de volkeren in duisternis leefden en moesten wachten op hun emancipatie door de islam. Deze manier van omgaan met de geschiedenis doet sterk denken aan die van de revolutionairen van de negentiende en twintigste eeuw. De geschiedenis is in hun visie niets anders dan een voorbereiding op de komst van de revolutie met haar alomvattende bevrijdingskracht. Daarom kwalificeert de islam de pre-islamitische periode als Jahiliyya, onwetendheid.

De officiële, geschiedkundige en religieuze lezing van de islam werd door een aantal geleerden zonder kritische analyse overgenomen. Montgomery Watt, een excellente Schotse geleerde, nam de complete lezing over. Hij schrijft zelfs in termen van ‘de decadentie van de archaïsche religie’.

Maar Patricia Crone, professor aan het prestigieuze Institute for Advanced Studies in Princeton, ontzenuwt de officiële lezing in haar empirische studie over het ontstaan van de islam. Zij ontdekt ook nog diverse contradicties in het oorsprongverhaal. Volgens haar is het hele verhaal tendentieus en bedoeld om een Arabisch-islamitische Heilsgeschichte te ontvouwen. Verkeerde Mekka werkelijk in moreel en economisch opzicht in een existentiële crisis?

Om deze vraag te beantwoorden onderzocht Crone diverse bronnen in haar studie Meccan Trade and the Rise of Islam. De vraag is van belang, omdat zonder een morele en economische crisis in het polytheïstische Mekka het officiële verhaal van de islam met daarin de sociale en economische legitimatie voor het ontstaan van de islam niet langer als waarheid kan worden aangenomen. Waarop zou dan de Heilsgeschichte moeten worden gebaseerd? Crone komt na een nauwkeurige studie van het beschikbare (empirische) materiaal tot de conclusie dat in het Mekka van vóór Mohammed geen sprake was van een religieuze, sociale, politieke of morele malaise. De inwoners waren juist zeer succesvol.

Crone waarschuwt dat de wetenschappers niet zomaar de officiële lezing moeten overnemen. Overigens gold en geldt dit ook voor het christendom. De reden dat de islam deze pre-islamitische cultuur als moreel bankroet verklaart, heeft niets te maken met het feit dat de pre-islamieten hadden gefaald. Hun stad functioneerde uitstekend. Daarom wees de meerderheid van de inwoners van Mekka het morele, sociaal en economische verhaal van de islam af. Mohammed werd afgewezen door de mensen van Mekka.

Wat was dus Mohammed in Mekka? Hij claimde profeetschap in Mekka. Een claim die door de meeste inwoners werd afgewezen. Mohammeds toestand karakteriseert Patricia Crone als: „In Mecca, Muhammad was only a would-be prophet, and if he had stayed in Mecca, that is what he would have remained. (…) It was outside Mecca, first in Medina and then elsewhere in Arabia, that there was a market for his monotheism: the Meccans had to be conquered before they converted.” Precies, buiten Mekka, na zijn immigratie (Hijra) werd Mohammed een stichter, een politicus, een generaal, een rechter en een veroveraar. Kortom, de politieke profeet die wij kennen.

Opnieuw luidt de vraag: wat was dan Mohammed? Crones analytische pen geeft een onweerlegbaar antwoord: „Mohammed was noch een sociale hervormer noch een oplossing voor de spirituele twijfels. Maar hij was de schepper van een specifieke universele gemeenschap van moslims, namelijk ummah.”

‘Ummah’ is het politieke lichaam van de islam en de islamitische staat. De inwoners van Mekka hadden vele goden. Wat was de meerwaarde van de god van Mohammed? Mohammed beloofde de Arabieren de hele wereld, van Perzië tot Byzantium. Alles wat Crone beschrijft, werd in de roman van Salman Rushdie (De duivelsverzen) meesterlijk aan de orde gesteld. Wonderbaarlijk: de literatuur kondigde aan wat de wetenschap later zal ontdekken. Dit is letterlijk de verbeeldingskracht.

Vanuit een normatief standpunt, zoals dat van de rechtsfilosofie, is het van belang om te onderzoeken hoe de profeet Mohammed en zijn opvolgers een islamitische staat hebben opgericht. Wat de Arabieren misten, was niet het monotheïsme. Immers, op het schiereiland Arabië woonden nogal wat joden en christenen. Pre-islamitische inwoners van Mekka kenden ook enige vorm democratie. Wat misten ze dan? De staat. Die hadden ze niet. De grootste verdienste van Mohammed was de oprichting van een staat met een ideologie en imperialistische ambitie. De combinatie van de staat en het universele monotheïsme bracht een gigantische (jihadistische) kracht op gang.

In haar eerdere, geniale studie naar de middeleeuwse islamitische politiek (Medieval Islamic Political Thought) laat Crone zien hoe de erfenis van Mohammed heeft gefunctioneerd. Vooral de politiek-theologische aspecten van een islamitische staat in de loop der geschiedenis zijn van belang voor het begrijpen van de islam in zijn politieke verschijning. De politiek heeft van een potentiële profeet een echte profeet gemaakt: de immigratie naar Medina waarmee de islamitische geschiedenis aanvangt. Van een ‘would-be’ -profeet naar een echte profeet met een eigen staat. Daarvan droomde en droomt nog steeds elke jonge man in het Midden-Oosten.

Wilt u reageren? Dat kan via nrc.nl/ellian