Cameron in India kritisch over Pakistan

De Britse premier David Cameron heeft zich gisteren de woede van Pakistan op de hals gehaald toen hij tijdens een bezoek aan India kritische uitspraken deed over de Pakistaanse terreurbestrijding.

Cameron is in India om de handelsrelaties met de vroegere kolonie aan te halen. In de technologiestad Bangalore zei hij gisteren: „We kunnen op geen enkele manier toestaan dat dit land beide kanten opkijkt en op de een of andere manier de export van terreur mag aanmoedigen, of het nu naar India is, naar Afghanistan of ergens anders ter wereld.”

De scherpe uitspraak volgde op de publicatie zondag van 92.000 geheime Amerikaanse militaire documenten op klokkenluiderswebsite WikiLeaks. Daarin staan onder andere sterke aanwijzingen dat de Pakistaanse militaire inlichtingendienst ISI directe steun biedt aan Afghaanse opstandelingen. Dit vermoeden leeft al jaren onder westerse inlichtingendiensten.

De Pakistaanse Hoge Commissaris in Londen Wajid Shamsul Hasan schreef vanmorgen in het Britse dagblad The Guardian dat Camerons uitspraken „de vooruitzichten op vrede in de regio beschadigen”. Volgens Hasan zijn die „volledig in tegenspraak met de realiteit [..], en bedoeld om Pakistan te betrekken bij kwesties waarvoor het niet alleen verantwoordelijk kan worden gehouden.”

De regering in Islamabad reageerde eerder deze week met vergelijkbare verontwaardiging op de beschuldigingen uit de WikiLeaks. Zij zegt dat bewijs ontbreekt en dat Pakistan vooral een slachtoffer is van terreur.

Camerons uitspraak komt op een moment dat de relatie tussen India en Pakistan had moeten verbeteren, maar juist is verslechterd. Twee weken geleden hervatten de landen hun vredesdialoog op ministersniveau. Die gesprekken waren stilgelegd na de terreuraanvallen in Mumbai, die in Pakistan zijn beraamd. Maar het gesprek liep uit op beschuldigingen van onwil, met name over de betwiste deelstaat Kashmir.

Voor Pakistan geeft het feit dat Cameron zijn uitspraken in India deed de belediging extra gewicht. Over India zei de premier juist dat hij de relatie met Groot-Brittannië „naar een hoger plan wil tillen”. Daarmee doelt hij op uitbreiding van de onderlinge handel, die naar hij hoopt in beide landen werkgelegenheid oplevert. (AP, Reuters)