Britten leveren Bosniër niet uit

Groot-Brittannië levert de voormalige Bosnische leider Ejup Ganic (64) niet uit aan Servië. Dat heeft een Britse rechter gisteren besloten. Ganic wordt in Servië verdacht van oorlogsmisdaden. Hij werd op 1 maart dit jaar op de luchthaven Heathrow opgepakt op basis van een internationaal arrestatiebevel.

De Britse rechter vond de onderbouwing en getuigenissen van het uitleveringsverzoek onvoldoende. Hij nam de argumentatie van de verdediging over dat het Servische verzoek „politiek gemotiveerd” is en Servië het proces misbruikt. In zijn uitspraak zei de rechter dat hij maar twee mogelijke verklaringen zag voor dit uitleveringsverzoek. Incompetentie van de Servische aanklagers of „vervolging gemotiveerd door politiek, ras of religie”.

De Servische aanklager wil tegen het Britse besluit in beroep gaan. Servië verdenkt Ganic ervan bevel te hebben gegeven voor onder meer een aanval op een militair konvooi met gewonden dat toestemming had zich veilig uit Sarajevo terug te trekken.

In 2003 oordeelde het Joegoslaviëtribunaal in Den Haag dat een Bosnische rechtbank die Ganic wilde vervolgen daarvoor onvoldoende bewijs had. Destijds konden rechtbanken in de regio geen zaken over oorlogsmisdaden beginnen zonder toestemming van het tribunaal. Die procedure is in 2004 veranderd. Het tribunaal moet gaan sluiten en streeft ernaar zoveel mogelijk zaken door regionale rechtbanken met internationaal toezicht te laten behandelen.

Het oordeel van de rechter kan in Servië het vertrouwen in het internationaal recht verder ondermijnen. Daar vinden mensen dat Servië steeds als agressor wordt behandeld en er te weinig aandacht is voor Servische slachtoffers. Vorige week verklaarde het Internationaal Gerechtshof in Den Haag dat de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo niet in strijd is met het internationaal recht. Ook dat was een tegenslag voor Servië.