Jezelf aandachtig bekijken, dat is de kunst

Door de evolutie en onze culturele programmering zijn mensen een soort geconditioneerde apen.

Dat betekent niet dat we onszelf niet kunnen kennen.

Bij het kijken naar jezelf gaat het erom jezelf zoveel mogelijk als geconditioneerde aap tussen haakjes te zetten. Foto Getty Images Chimpanzee (Pan troglodytes) looks at himself in a mirror.
Bij het kijken naar jezelf gaat het erom jezelf zoveel mogelijk als geconditioneerde aap tussen haakjes te zetten. Foto Getty Images Chimpanzee (Pan troglodytes) looks at himself in a mirror. Getty Images/Aurora Creative

Als we gedetermineerd zijn, kunnen we geen zelfkennis hebben en zijn we niet vrij, zo is de stelling van veel wetenschappers, een stelling die Marjoleine de Vos in deze krant (8 Juli 2010) tot de hare lijkt te maken, maar in een tweede bijdrage weer enigszins terugneemt. Dat we gedetermineerd zijn, geconditioneerd en geprogrammeerd, staat buiten kijf. Je hoeft geen wetenschapper te zijn om dat vast te stellen. Maar het is de vraag of dit betekent dat we geen zelfkennis kunnen hebben en niet vrij kunnen zijn. In ieder geval is er vooralsnog geen reden om over zelfkennis of vrijheid al te minachtend of simplistisch te doen.

Onze hersenen zijn het product van een lange evolutionaire ontwikkeling, die ieder van ons door en door bepaalt. We zijn deel van de natuur en onderhevig aan dezelfde natuurwetten die in alle levende wezens werkzaam zijn. Daar komt nog bij dat we vanaf onze geboorte en zelfs daarvóór beïnvloed worden door de omgeving waarin we geboren zijn en opgroeien. Ook daardoor worden we gedetermineerd: we zijn mede het product van conditioneringsprocessen. De beïnvloeding door de omgeving gaat ons hele leven door. Zo worden we bijvoorbeeld geprogrammeerd door cultuur en godsdienst, door maatschappelijke en politieke systemen, door de waarden en normen van de consumptiemaatschappij, door de radio en de televisie en alles wat via het internet tot ons komt. We kunnen kortom rustig stellen dat we gevangen zitten in de evolutionaire geschiedenis en in onze psychologische conditionering en culturele programmering. We zijn een soort geconditioneerde apen.

Maar dit betekent niet dat we onszelf niet kunnen kennen, ook al is dat juist door onze conditionering en biologische bepaaldheid geen eenvoudige opgave. Het probleem is dat ons waarnemen zelf is geconditioneerd en onderhevig is aan de beperkingen van onze biologische structuur. Daarom lukt het ons meestal niet om objectief naar onszelf te kijken. We kijken door de bril van onze conditionering en we kunnen ons niet losmaken van ons biologische verleden. Daardoor maken we onszelf van alles wijs, we verdraaien de werkelijkheid, zowel in positieve als in negatieve richting. Je kunt jezelf nu eenmaal niet aan je eigen haren uit het moeras trekken.

Maar wat meestal het geval is, moet onderscheiden worden van wat eventueel mogelijk is. En dat onderscheid ontbreekt vaak, ook in de analyses van wetenschappers en anderen die aanhanger zijn van het determinisme. Deze geloofsovertuiging moet niet verward worden met het feit dat we gedetermineerd zijn. Voor iemand die aanhanger is van het determinisme, staat het stellen van de vraag of we onszelf kunnen kennen alleen al gelijk aan vloeken in de kerk.

De vraag is dus of het mogelijk is om – ondanks onze psychologische conditionering en biologische bepaaldheid – jezelf te kennen. We kunnen die vraag beantwoorden op basis van onze eigen ervaring. Je kunt er zelf achterkomen of het mogelijk is of niet. Zo kun je bijvoorbeeld, met vallen en opstaan, uitzoeken of je meer objectieve kennis kunt verwerven van je eigen gedrag, van je geconditioneerde patronen, van je Pavlovreacties.

Het is mijn ervaring dat je meer inzicht kunt krijgen in je zielenroerselen en drijfveren. Je kunt zicht krijgen op je emoties. Ook kun je leren om jezelf niets wijs te maken, geen valse hoop te koesteren, maar de feiten onder ogen te zien. Je kunt inzicht krijgen in het ‘verhalenfabriekje van je zelfbewustzijn’, zoals Marjoleine de Vos dat zo mooi noemt. Kortom: je kunt de feiten over jezelf onder ogen zien en in die zin objectieve zelfkennis verwerven, zoals een echte onderzoeker. Je ziet dan niet zozeer jezelf als apart en afgescheiden individu, maar eerder ‘de menselijke conditie’.

Het is geen narcistische navelstaarderij: je ziet in jezelf hoe wij mensen in elkaar zitten. De kunst is om niet te kijken met een geconditioneerde, meer of minder neurotische blik, maar met grote aandacht en openheid en zonder vooropgezette meningen of theorieën. Het gaat erom de feiten zelf te laten spreken en op je af te laten komen, zonder ze mooier of lelijker te maken dan ze zijn. Dat betekent zoveel als mogelijk is jezelf als geconditioneerde aap tussen haakjes zetten. Ofschoon de uitdrukking veel misverstand kan oproepen, zou je hier zelfs kunnen spreken van ‘het ware zelf’ als tegenpool van ‘het geconditioneerde zelf’. Het gaat om waarnemen met een heldere blik in plaats van met een geconditioneerde. En inderdaad: deze kennis is geen cognitieve informatie, maar doorleefd weten, waar woorden vaak te kort schieten.

U zult misschien ook zeggen dat introspectie het alleen maar erger maakt. Er is geen twijfel over mogelijk dat introspectie je van de regen in de drup kan brengen. Maar ook hier is het zaak onderscheid te maken. Zogeheten introspectie zal vaak neerkomen op naar jezelf kijken vanuit je conditionering, je programmering en je evolutionaire ballast. Dat leidt tot getob en gepieker, twijfel en onzekerheid, depressie en wanhoop. Het is een herhaling van zetten en van de geschiedenis en als je niet oppast wordt je er stapel gek van.

Dit soort ‘introspectie’ moet niet verward worden met stilstaan bij de feitelijkheid van je conditionering en de natuurwetten waaraan je onderhevig bent. Integendeel. Waar het op aan komt is juist deze warboel achter je te laten door aandachtig en stil te verwijlen bij de feiten van het leven. Ik besef dat dit gemakkelijker gezegd is dan gedaan. Deze kunst krijg je niet cadeau, maar dat wil niet zeggen dat het een onmogelijkheid is. Behalve aandacht en alertheid is hiervoor een grote innerlijke discipline vereist die niet meer lijkt te passen in onze hectische tijd en die de meesten van ons verleerd zijn.

Of dit betekent dat we door aldus verworven zelfkennis ook vrij zijn hangt er vanaf wat je daaronder verstaat. Vrijheid is niet hetzelfde als alles doen waar je zin in hebt. Daar kunnen we het misschien snel over eens zijn. Vrijheid is eerder een toestand waarin je je niet zonder slag of stoot uitlevert aan de biologische krachten in jezelf en evenmin aan psychologische conditionering en culturele programmering. Je ziet ze onder ogen, je loopt er niet van weg door mooie of lelijke verhalen te bedenken. Je laat de werkelijkheid op je afkomen, hoeveel pijn die je ook doet, in het vertrouwen dat het ervaren van de echte pijn meestal meer bevrijdend is dan de loochening ervan. Velen van ons zullen bijvoorbeeld ervaren hebben dat het onder ogen zien van je eigen patronen heel bevrijdend kan werken, in tegenstelling tot de rigide ontkenning ervan.

Vrijheid moet evenmin verward worden met ‘de totale transformatie’ of ‘de verlichting’, waarin zowel de biologische als de psychologische en culturele programmering afgeschud worden. Dat is ons stervelingen niet gegeven. Wat wel tot onze mogelijkheden behoort, is besef te hebben van onze bepaaldheid en op te houden te proberen er op alle mogelijke manieren aan te ontsnappen. Dit besef maakt ons, paradoxaal genoeg, vrij. Misschien dat daar de volkswijsheid op duidt dat waarheid vrij maakt. Niet de vrijheid om alles te doen en te laten wat je maar wilt, maar de vrijheid die het gevolg is van het onder ogen zien van onze bepaaldheid en het doorleven, doorzien en accepteren daarvan.

Er wordt vaak beweerd dat het onder ogen zien van de werkelijkheid depressief maakt en dat het daarom aan te bevelen is de feiten niet onder ogen te zien, maar je vast te klampen aan een mooi verhaal of een ander houvast. Daar zit een kern van waarheid in, met name als het gaat om extreme situaties. Maar de fout die hier gemaakt wordt, is dat onduidelijk blijft wat verstaan wordt onder ‘de werkelijkheid onder ogen zien’. Niet zelden wordt daarmee bedoeld het benadrukken van de negatieve kanten van het leven en het daarin blijven hangen. Maar de feiten onder ogen zien houdt in dat niet alleen het lijden en het geweld, maar ook de schoonheid en de menselijke mogelijkheden gezien worden. Het leven is een onverbrekelijk geheel van lijden en schoonheid. Het is de kunst dat te beleven en te verdragen en de werkelijkheid niet tot een van deze polen te reduceren.

Dr. Martin van Kalmthout is psychotherapeut en schrijver. Hij schreef onder andere het boek Psychotherapie en de zin van het bestaan.