AIG schikt oude fraudezaken in VS

Verzekeringsconcern AIG heeft voor eenbedrag van 725 miljoen dollar (560 miljoen euro) een serie langlopende rechtszaken wegens fraude afgekocht. Dat is het bedrijf vrijdagnacht overeengekomen met de officier van justitie van de staat Ohio.

AIG, met 96.000 medewerkers de grootste verzekeraar ter wereld, werd na het uitbreken van de kredietcrisis in het najaar van 2008 door de Amerikaanse overheid van de ondergang gered voor ruim 182 miljard dollar. De staat kreeg hierdoor een belang van 80 procent in het bedrijf uit New York. Daar heeft de fraudezaak niets mee te maken.

In de jaren 1999-2005 heeft AIG zich volgens drie pensioenfondsen uit Ohio schuldig gemaakt aan illegale kartelvorming, boekhoudfraude en manipulatie van beurskoersen. De pensioenfondsen waren als belegger hierdoor benadeeld.

Voormalig topman Maurice Greenberg was nauw bij de fraude betrokken. Hij werd in 2005 gedwongen op te stappen. Hij was toen 80 jaar. Greenberg zou onder meer gepoogd hebben de koers van zijn bedrijf kunstmatig hoog te houden en contracten met herverzekeraars hebben misbruikt voor het maskeren van verliezen en aansprakelijkheden. Met Greenberg en een aantal andere managers werd vorig jaar al geschikt in deze zaak.

Het concern, dat vorige week een nieuwe president-commissaris kreeg, zei zaterdag in een reactie tevreden te zijn met de bereikte schikking. ‘We kunnen ons nu gaan richten op het terugbetalen van de belastingbetalers.’