Seksgids van Warschau ligt op straat

Prostituees bestonden officieel niet in communistisch Polen, maar ze moesten wél voor controle naar de dokter. Totdat kerk en vrije markt de macht kregen. Kapitalisme en achteruitgang in Warschau.

Illustratie Sebe Emmelot

Drugshoertjes – daar moet ze niets van hebben. Die verpesten de markt. Die doen het al voor „een paar miezerige centen” – bedragen waar niet tegenop te concurreren valt. Die zijn roekeloos, wild, wanhopig. Die brengen klanten – en dus ook branchegenoten – in gevaar met allerlei overdraagbare aandoeningen. „Het zijn zielige rotmeiden”, zegt Kasia. Ze neemt een diepe trek van een met lippenstift besmeurde filtersigaret.

Tytus Chalubinski (1820-1889) was een beroemde Poolse dokter en oprichter van talrijke bergsanatoria, een man bij wie de volksgezondheid hoog in het vaandel stond. Nu is hij de naamgever van een stalinistische boulevard in Warschau, waar zich, half verscholen in een zijstraatje, de tippelaarsters van de Poolse hoofdstad bevinden. Daar zit ook, op een laag muurtje, de hoogblonde en zwaar gemaquilleerde Kasia, gekleed in een spijkerjack en een groezelig witte minirok waar een paar bleke en gebutste benen onderuit steken.

Kasia – haar nom de guerre – zit hier al minstens veertig jaar, misschien wel langer. „Ik houd het niet bij.” Ze is, dat weet ze wel, een van de oudste prostituees in de buurt. Dit is haar muurtje, haar universum, waar zij iedereen kent en iedereen haar. De oudjes in de wijk groeten haar, de ambtenaren uit het naastgelegen ministerie zwaaien vanachter hun ramen en de politieagenten laten haar met rust. Als het regent gaat ze schuilen, één straat verderop, onder het afdakje van een geldautomaat. Een zwaar, maar overzichtelijk bestaan, vindt ze zelf.

„Op mijn leeftijd krijg je niet veel klanten meer”, zegt Kasia, met een berustend glimlachje om haar lippen. „Maar ik heb principes: ik doe geen gevaarlijke dingen en ik doe het niet voor een fooi. En ik laat ook altijd vooraf betalen, voor het geval ze zich bedenken als ik uit de kleren ga.” Ze lacht, hoewel er weinig te lachen valt: met een beetje geluk kan ze in een maand 500 zloty (125 euro) verdienen. „Het is niet veel, maar iets anders kan ik niet. Daar is het nu ook gewoon te laat voor.”

Onder het communisme bestond Kasia niet, althans niet officieel. In de ogen van de toenmalige machthebbers was prostitutie een typisch uitvloeisel van gedegenereerd westers kapitalisme. In hun heilstaat was zoiets onmogelijk. Kranten mochten er zelden over schrijven, pornoblaadjes lagen onder de toonbank van een zeer beperkt aantal kiosken, hoeren poseerden als vrijgezellen in hotellobby’s en restaurants. Puritanisme was een van de weinige onderwerpen waarover het regime geen ruzie had met zijn grote aartsvijand in die tijd, de Katholieke Kerk. De communisten waren vies van seks in brede zin en bewaakten de mores streng.

Officieel ongetrouwd samenwonen was vrijwel onmogelijk, de privacy van hotelkamers voorbehouden aan echtparen. Een stel dat toch ongetrouwd een hotel binnenstapte, kreeg geheid lastige vragen van de militie – of erger.

Het hielp natuurlijk geen klap, integendeel, volgens seksuologen hadden de Polen onder het communisme meer seks dan nu. Omdat ze meer tijd hadden, de staatstelevisie was zó saai, maar ook omdat het bijna ervaren werd als een verzetsdaad. Een verboden vrucht smaakt altijd beter.

Veel van dat staatspuritanisme was een façade, want in de praktijk werden de problemen rondom prostitutie en vrije seks wel degelijk onderkend. In Koszykowa, een straat op een steenworp afstand van Kasia’s muurtje, was een speciaal instituut voor geslachtsziekten. Sterker nog, elke provincie had er wel een. „Prostituees moesten zich daar geregeld verplicht laten onderzoeken”, zegt seksuoloog Zbigniew Izdebski. „Het onderzoek was gratis en de resultaten werden steeds bijgewerkt in een persoonlijk boekje. De politie controleerde dat geregeld. Zonder actueel boekje kon je het vergeten op straat.”

Na 1989, in het vrije Polen, raakte de gezondheidszorg in een diepe crisis en kreeg een ontketende Katholieke Kerk grote invloed. Met het Vaticaan werd een concordaat gesloten, een soort wurgcontract over morele kwesties, vrouwenrechten raakten onder druk. Abortus, legaal onder het communisme, mocht alleen nog maar onder strenge, haast onhaalbare voorwaarden. En het idee dat prostituees baat hebben bij goede gezondheidszorg raakte uit de mode. Het verplichte onderzoek werd afgeschaft. „In dat opzicht zijn prostituees er op achteruit gegaan”, zegt Izdebski.

„Het oude systeem van controle was streng, in zekere zin zelfs onaangenaam, maar wel effectief en geruststellend”, zegt Kasia. „Tegenwoordig doet iedereen maar wat.” Ook de ongeschreven regels van haar straatje – geen seks op de parkeerplaats of op het toilet van het ministerie, niet bij de ambtenaren onder het raam je behoefte doen – zijn niet langer heilig. „Ik spreek de nieuwe meiden daar op aan, want straks worden we verdomme nog verjaagd.”

Prostituees zijn volgens de Poolse wet niet strafbaar, pooiers, loverboys en vrouwenhandelaren wel. Bordelen zijn verboden, althans, mogen niet officieel als zondanig worden geregistreerd. Zolang het een ‘gezelschapshuis’ (agencja towarzyska) heet, is het goed. In de hoerenbuurt van Warschau, rondom een pleintje dat in de volksmond Pigalle (Pigalak) heet, wemelt het van zulke agentschappen die verscholen gaan achter onschuldige bloemetjesgordijnen. Naast Poolse vrouwen werken er tegenwoordig ook veel uit Rusland, Oekraïne of Bulgarije.

Elke taxichauffeur kent de adressen en krijgt een fooi van ongeveer 10 euro voor elke klant die voor de deur wordt afgeleverd. Maar eigenlijk ligt de complete seksalmanak van Warschau gewoon op straat. De trottoirs van Pigalak liggen letterlijk vol met visitekaartjes van bordelen die elke dag door een legertje bezorgers onder ruitenwissers worden gestoken en door geïrriteerde autobezitters vervolgens op de grond worden gesmakt. Kaartjes met rondborstige, naakte dames, die als voetbalplaatjes van Panini gespaard en gekoesterd worden door met hun hormonen worstelende scholieren.

Dit is ook de buurt van het beroemde Hotel Polonia, de moeder aller bordelen van de Poolse hoofdstad. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Warschau bijna geheel met de grond gelijk gemaakt door de Duitsers, uit wraak voor opstanden in 1943 en 1944. Hotel Polonia was een van de weinige gebouwen die na het einde van de oorlog nog overeind stonden en diende daarom als tijdelijk onderkomen voor tientallen buitenlandse ambassades en hulporganisaties. Prostituees liepen de deur al snel plat en zouden de buurt nooit meer verlaten. Tegenwoordig is Polonia een peperduur vijfsterrenhotel.

Het vrije Polen heeft een hele trits nieuwe vormen van prostituees voortgebracht. Zoals ‘sponsoring’, waarbij jongedames een suikeroom zoeken die in ruil voor seks de kosten voor studie en onderhoud draagt. Dan heb je nog de TIRówki, die vrachtwagenchauffeurs handkusjes toewerpen langs de belangrijkste transitwegen van het land, wegen die onder het communisme leeg waren. En tot slot de galerianki, minderjarige scholieren die de hele dag rondslenteren in winkelcentra en zich aanbieden voor parfum, schoenen of kleren. Liederlijk kapitalisme, zou een communist hebben gezegd.

Vooral over de galerianki is in Polen veel te doen. Er werd vorig jaar zelfs een aangrijpende speelfilm over gemaakt, over een meisje dat haar onschuld verliest aan een oudere man en niet aan het op haar verliefde klasgenootje. „Bij kerels moet je goed kijken naar hun schoenen en naar hun horloge”, zegt een van de personages in de film. „Als die op niveau zijn, is het in orde. Maar zeg vooral niet dat je een hoertje bent – daar schrikken ze van.”

Seksuoloog Izdebski vindt de aandacht voor het fenomeen overdreven. „Het is een mediahype”, zegt hij. „Mijn studenten zijn er talrijke keren op uitgetrokken om galerianki te interviewen en ze kunnen ze maar moeilijk vinden.” Interessanter, vindt hij, is de wijze waarop internet steeds meer concurreert met de betaalde seksindustrie. Izdebski schat dat zo’n 350.000 Polen geregeld seks hebben met op chat-fora opgeduikelde partners.

„Onbetaald”, benadrukt Izdebski . Het is een groot fenomeen dat zelfs een daling van het aantal prostituees in Polen lijkt te hebben ingeluid.

Kasia merkt daar weinig van. Bij haar muurtje is de concurrentie alleen maar toegenomen. Maar ze wanhoopt niet, althans niet zoals die ene 54-jarige prostituee uit Lódz die vorig jaar „voor een lesje” een jongere rivaal liet ontvoeren. Het was landelijk nieuws. „Ik heb”, zegt Kasia, „gelukkig nog een aantal hele loyale klanten, mannen die ik al tientallen jaren ken. Ze komen altijd weer bij me terug.”

Dit is deel zes van een serie over prostitutie wereldwijd.

    • Stéphane Alonso