'Pijn van een verloren WK-finale slijt nooit'

Tweevoudig WK-finalist Ruud Krol heeft er geen problemen mee uit de voetbalannalen te worden verdrongen. „Ik ben de eerste die ze zal feliciteren.”

Ruud Krol: 'Mensen hebben voor het WK negatief over Zuid-Afrika gesproken, zonder dat ze er geweest zijn. Het toernooi is één groot feest geworden.' Foto Michael Kooren 09072010, Johannesburg NRC verhaal Ruud Krol foto Michael Kooren
Ruud Krol: 'Mensen hebben voor het WK negatief over Zuid-Afrika gesproken, zonder dat ze er geweest zijn. Het toernooi is één groot feest geworden.' Foto Michael Kooren 09072010, Johannesburg NRC verhaal Ruud Krol foto Michael Kooren

De oranje mobiele telefoon van Ruud Krol staat roodgloeiend. Regelmatig klinkt de ringtone, met de song I just can’t stop loving you van Michael Jackson, over het terras van de trendy ‘Griek’. Het restaurant is gesitueerd op een pleintje in het moderne winkelcentrum Melrose Arch van Johannesburg. De 61-jarige trainer van de Orlando Pirates geeft in het Zuid-Afrikaanse winterzonnetje op zijn mobiel met veel woordgegoochel in allerlei talen antwoord op vragen van journalisten over de naderende WK-finale. Krol is hot, want hij speelde met het Nederlands elftal immers beide andere finales waarin Oranje al uitkwam: in 1974 en 1978.

De voormalige linksback is er in Zuid-Afrika van nabij getuige van hoe het elftal van bondscoach Bert van Marwijk zich nu voor de derde keer in de historie voor een finale heeft geplaatst. „Ik heb aan Van Marwijk gevraagd of ik een beetje met hem mee mocht lopen en kijken. Dat vond hij goed. Hij is heel rustig en relaxed. De laatste weken hebben we veel over voetbal gesproken. Vakpraat tussen trainers. We voeren leuke discussies over spelsituaties. Soms vraagt hij mijn mening over bepaalde zaken. Maar ik kan niet uitleggen hoe je een finale moet spelen. Ik geloof niet in vergelijkingen met het verleden. Iedere generatie heeft zijn eigen verhaal.”

Krol blikt terug op de voorbereiding van zijn eerste WK als voetballer in West-Duitsland. „Rinus Michels kreeg het bij Oranje voor het zeggen. Het was duidelijk dat een blok aan spelers van Ajax het geraamte vormden. De andere voetballers moesten zich aanpassen aan de patronen en de systemen van de coach. Vlak voor het begin van het WK kwam Arie Haan, mede door een blessure van Rinus Israel, libero te spelen. Hij schoof van achteren steeds door naar het middenveld waardoor we daar een man meer hadden.”

Oranje opende het eindtoernooi in 1974 met een 2-0 overwinning op Uruguay. Krol kan zich niet meer herinneren dat Pablo Forlán, de vader van de huidige sterspits Diego Forlán, destijds in de defensie van de Zuid-Amerikanen stond. „Nee, nooit geweten.” En dan lachend: „Dan denk ik dat zijn zoon een betere voetballer is.”

In de aanloop naar de eerste WK-finale uit de geschiedenis van het Nederlandse voetbal probeerde de Duitse sensatiekrant Bild onrust te zaaien met wat later bekend werd als ‘de zwembadaffaire’. Krol haalt er nog altijd zijn schouders over op. „Ik geloof dat er wat spelers van Nederland met de zoon van de eigenaar van het hotel en wat vrouwen zijn gaan zwemmen. Bild heeft dat opgeblazen. Michels vertelde ons dat de kranten vol stonden over ‘een incident in het zwembad’. Tot onrust binnen de groep heeft dat niet geleid.”

Feit was wel dat Nederland en diens ster Johan Cruijff in de eindstrijd in München tegen gastland West-Duitsland misschien wel de slechtste wedstrijd van het toernooi speelden. „Hoe dat komt is achteraf moeilijk te verklaren”, stelt Krol. „Soms heb je als speler een mindere dag of periode. Kijk dit WK eens naar Cristiano Ronaldo of Wayne Rooney. Heb jij ze gezien? De druk voor de finale was groot. Die werd opgevoerd door de kranten. De anti-Duitse sentimenten waren fressen voor ze. De Tweede Wereldoorlog werd erbij gehaald. Verhalen over fietsen die terug zouden moeten worden gegeven. Onbewust speelde dat mee.”

Krol weet nog precies hoe de zenuwen door zijn keel gierden voor het eerste fluitsignaal van de Engelse scheidsrechter Jack Taylor. „De spanning ebde tijdens het spelen van volksliederen pas weg. Daarna ben je alleen nog maar met één gedachte bezig: ‘We moeten winnen’. Al heel vroeg kwamen we op voorsprong door een strafschop van Johan Neeskens. We voelden ons even superieur. Maar de Duitsers kregen een cadeautje. Die Bernd Hölzenbein maakte een schwalbe en de bal ging op de stip. Daarna maken ze nog 2-1. We hebben alles geprobeerd om te scoren, maar hij ging er niet meer in. Die Sepp Maier kreeg ballen tegen zijn hoofd, zijn schouder en ik weet niet waar. Alles hield hij tegen.”

De oud-verdediger van Oranje beseft pas later wat het daadwerkelijk betekent om een WK-finale te spelen. „Op het moment zelf zit je in de roes van het toernooi. Ik had ook helemaal niet in de gaten dat Nederland op zijn kop stond. Je benadert de finale als een gewone wedstrijd. Achteraf is dat heel anders. De pijn van een verloren WK-finale slijt nooit. We zullen nooit vergeten dat wij de beste ploeg van het toernooi waren, maar toch verloren. Dat we tot op de dag van vandaag nog complimenten krijgen, verzacht de pijn natuurlijk wel iets.”

De dreun van zijn tweede verloren WK-finale in 1978 in Argentinië komt nog harder aan. „De eerste keer in West-Duitsland was nog alles nieuw. Toen ik vier jaar later opnieuw heel dicht bij goud was, maar weer de beker naar het gastland zag gaan, was de teleurstelling enorm. Niemand had verwacht dat we zonder Johan Cruijff en Willem van Hanegem een kans zouden hebben. In de finale ging het weer mis. Al was het WK in Argentinië eigenlijk totaal niet te vergelijken met dat in West-Duitsland.”

Het toernooi in Zuid-Amerika is pas een paar dagen onderweg als de captain van Oranje wordt geconfronteerd met een Argentijnse sportkrant waarin hij in een brief aan zijn dochter lovend over het land sprak. „Dat was pure propaganda. Ik dacht: ‘Wat is dit?’ Ik had met geen journalist gesproken. Er loopt nog altijd een proces tegen die krant. Vanaf het begin voelde Argentinië heel benauwd aan. We hadden niet de vrijheid die we gewend waren. Dat druist in tegen je natuur als Nederlander. Overal militairen met geweren. Van de busrit voor de finale van 1974 herinner ik me niks, maar die van vier jaar daarna zal ik nooit vergeten. De chauffeur nam opeens een andere route en we kwamen muurvast te staan in een dorp. Van alle kanten begonnen mensen tegen de bus te beuken. „Argentina! Argentina! Argentina!”, schreeuwden ze.”

De dag van de eindstrijd begint al slecht voor Oranje als blijkt dat het cassettebandje van The Cats is gestolen. „In 1974 luisterden we altijd al naar hun muziek. En na een moeizame eerste ronde in Argentinië hebben we the greatest hits laten invliegen. Het begon daarna te lopen als een trein. Op weg naar de finale is je ritueel opeens verbroken. Het was stil in de bus. Vervolgens was er nog het gezeur over een manchet van René van de Kerkhof waardoor we te laat begonnen. Onbewust speelt dat allemaal mee.”

Hoewel het Nederlands elftal zich niet met politiek wil bemoeien, besluit Krol in overleg met KNVB-voorzitter Jacques Hogewoning dat hij in geen geval de beker uit handen van dictator Jorge Videla zal aannemen. „Ik zou hem via Hogewoning krijgen. Daar droom je voor zo’n wedstrijd van. Net zozeer als Giovanni van Bronckhorst daaraan zal denken bij de finale tegen Spanje.”

Voorafgaand aan het WK in Zuid-Afrika grapt Krol over de kansen van Oranje. „Paul Rosenmöller interviewde mij voor de televisie in het in aanbouw zijnde Soccer City stadion waar de finale wordt gespeeld. We stonden midden op het veld en ik zei, terwijl ik op de oranje stoeltjes wees: ‘Kijk, de Zuid-Afrikanen zijn intelligente mensen. Ze weten nu al dat Nederland in de finale komt’.”

Het elftal van Van Marwijk kan de WK-finalisten van ’74 en ’78 in de schaduw stellen als het de wereldtitel wint. Krol heeft daar geen moeite mee. „Waarom zou ik niet hopen dat Nederland wereldkampioen wordt? Ik ben daar dan niet jaloers op, zo zit ik niet in elkaar. Ik zou het niet erg vinden als het huidige Oranje voortaan de geschiedenis bepaalt. Ik ben de eerste die ze zal feliciteren. Al kun je over hun spel discussiëren.”

Wordt de lichting van ’74 dan overvleugeld, of moet je zo niet denken? „Nee, dat vind ik niet. Het voetbal en de tactiek is anders geworden. Er zijn minder persoonlijkheden dan toen. Maar als we nu weer niet winnen zitten we over twintig jaar nog met een trauma. We hadden steeds fantastische generaties voetballers, maar ze wonnen nooit het belangrijkste goud. Ook de groep die in 1988 de Europese titel veroverde, maakte niets klaar op een WK.’’

Over het Oranje van 2010 velt Krol geen verrassend oordeel. „Dit Nederlands elftal speelt heel zakelijk, met weinig risico’s achterin. Maar het is effectief. Af en toe ook wel een beetje te nonchalant als het te goed gaat. Verder oogt het natuurlijk solide. De kracht van Oranje is dat ze snel de bal weer veroveren. Maar Spanjaarden kunnen dat ook, dat zullen ze zeker proberen. Dirk Kuijt vind ik een ondergewaardeerde speler. Hij is bijna bij elk doelpunt van Oranje betrokken geweest. Ook de treffer van Robben tegen Uruguay bereidde hij goed voor. De volgende dag kwam ik hem tegen en zei: ‘Dirk geweldig, dat doet geen linksbuiten beter!’”

Gezien de resultaten vorig seizoen vindt hij het „uniek” nog in dienst te zijn bij de Orlando Pirates. Krols contract loopt volgend jaar echter af. Een terugkeer naar de eredivisie lijkt echter ver weg. „Ik denk niet dat ze mij nog een keer bij een Nederlandse club zien. Hier schijnt in de winter ook de zon en is het behaaglijk. Ik ben een zonmens. Terug naar Ajax? Ik zeg nooit nooit. Maar niet meer in de huidige situatie. De mensen die bij Ajax de leiding vormen willen alleen maar bekende Nederlander worden.”

Als assistent van hoofdtrainer Danny Blind werd Krol in 2005 ontslagen bij zijn oude club waarmee hij zoveel successen boekte. We wonnen de KNVB-beker, werden tweede in de competitie. Martin van Geel en Maarten Fontein zouden het wel even gaan maken bij Ajax [inmiddels beiden opgestapt]. Ze zeiden in een gesprek tegen mij: ‘We willen andere technische mensen, want het is de bedoeling dat we meer prijzen gaan winnen’. Mijn hart is een beetje doodgebloed bij Ajax. Ik volg de club ook niet meer, eerlijk gezegd. Ik ben daar miskend en aan de dijk gezet. Zonde dat ze zo met hun oud-spelers omgaan.”

In Zuid-Afrika heeft Krol het naar zijn zin. „Mensen hebben voor het WK negatief over het land gesproken, zonder dat ze er geweest zijn. Het toernooi is één groot feest geworden. Once in a lifetime zeiden ze van tevoren. Maar het WK mag hier gerust nog een tweede keer worden georganiseerd.”

    • Erik Oudshoorn
    • Koen Greven