Spanje ontsluiert gestaag

Het Andalusische stadje Coín gaat een boerkaverbod instellen.

Niet dat er problemen zijn met moslims, het verbod dient ter bewustwording.

TO GO WITH AFP STORY BY PIERRE AUSSEILL(FILES) A file photo taken on September 28, 2009 shows Fatima Hssisni, a fully veiled Muslim woman, leaving the high court after testifying in a trial against a radical Islamic cell in Madrid. Hssisni, who was expelled from court after refusing to testify bareface as the Spanish law dictates, was able to testify lifting her veil toward the judge but back to the public. After France and Belgium, the debate on banning the full Islamic veil is reaching Spain, where local bans are becoming more frequent. The Catalonian Regional Parliament should decide on June 30, 2010 whether to ban the full Islamic veil (burqa or niqab) in public places AFP PHOTO / DOMINIQUE FAGET
TO GO WITH AFP STORY BY PIERRE AUSSEILL
(FILES) A file photo taken on September 28, 2009 shows Fatima Hssisni, a fully veiled Muslim woman, leaving the high court after testifying in a trial against a radical Islamic cell in Madrid. Hssisni, who was expelled from court after refusing to testify bareface as the Spanish law dictates, was able to testify lifting her veil toward the judge but back to the public. After France and Belgium, the debate on banning the full Islamic veil is reaching Spain, where local bans are becoming more frequent. The Catalonian Regional Parliament should decide on June 30, 2010 whether to ban the full Islamic veil (burqa or niqab) in public places
AFP PHOTO / DOMINIQUE FAGET
AFP

Wie het precies zijn, weet wethouder Inmaculada Agüera van Coín niet. Maar dat er vrouwen zijn die in dit Zuid-Spaanse stadje geheel gesluierd over straat gaan, staat volgens de gemeentebestuurder vast. „We weten dat ze hier in de gemeente wonen. En we weten dat het er in ieder geval drie verschillende zijn. Voor ons was dat genoeg om te zeggen: dit moeten we tegengaan”, zegt ze in een kantoortje van het stadhuis van Coín.

De gemeenteraad van het Andalusische stadje stemde vorige week bijna unaniem voor een verbod op het dragen van gezichtsbedekkende sluiers in openbare gebouwen. Coín werd daarmee de negende Spaanse gemeente met zo’n verordening – en de eerste buiten Catalonië. In die noordoostelijke regio kwam begin dit jaar voor het eerst het debat over de boerka op gang. Dat het via Coín nu ook het zuiden bereikt heeft, ontlokte minister Aído (Gelijkheid) de reactie dat „Spanje straks nog meer gemeentelijke verboden dan boerkadragers heeft”.

„De minister zegt dat er maar een handvol vrouwen een boerka draagt in Spanje. Nou, als dat zo is, dan woont de helft blijkbaar in Coín”, schampert Agüera. Behalve wethouder van gelijkheid, arbeid en sociale zaken, is de politica voorzitter van de socialistische fractie in de gemeenteraad, en daarmee van dezelfde partij als de regering in Madrid. Aan het regeringsstandpunt dat een boerkaverbod landelijk beter geregeld kan worden, heeft ze echter geen boodschap. „De regering zegt het ene moment dit, en het andere moment dat, maar uiteindelijk neemt ze geen besluit.”

Coín wilde daar niet op wachten, stelt Agüera. Niet omdat in het plattelandsstadje (25.000 inwoners) grote problemen zijn tussen bevolkingsgroepen. „We hebben migranten hier altijd warm ontvangen. Tot voor kort emigreerden we zelf ook naar rijkere delen van Spanje of Europa.” Evenmin hebben de inwoners er een problemen met ‘de’ islam of moslims. Het slaperige, met palmen en fonteintjes omzoomde centrale plein draagt de uit het Arabisch geleende naam Alameda. Een van Coíns kerken is gebouwd op de fundamenten van een oude Moorse moskee.

Agüera: „De belangrijkste aanleiding is dat we recentelijk steeds meer problemen hebben gekregen met Marokkaanse vrouwen die deelnemen aan de integratiecursussen die we hun aanbieden.” Marokkanen vormen met 5 procent de op één na grootste groep buitenlanders in de stad, na Britten. „Een deel van de vrouwen komt niet meer naar de cursussen, omdat er ook weleens een niet-Marokkaanse man in de les is. Onlangs werd zelfs een vrouw door haar echtgenoot geslagen, nadat een leraar haar op straat had gegroet.”

Het zogenoemde boerkaverbod, zegt Agüera, moet vooral „ter bewustwording” dienen. „We hopen hiermee zowel moslimvrouwen als hun mannen duidelijk te maken dat een vrouw niet ondergeschikt is. Dat op dit punt in Spanje andere normen gelden dan in hun thuisland. Daarnaast willen we uit veiligheidsoogpunt weten wie er onze gebouwen binnenkomt.”

In belwinkel en internetcafé Chabab wordt die hoop op ‘bewustwording’ als niet erg realistisch weggewuifd. „Vrouwen die ervoor kiezen zo gekleed over straat te gaan, die willen helemaal geen deel uitmaken van de Spaanse samenleving. Die willen geen werk vinden en gaan alleen het huis uit voor boodschappen. En die doen hun boerka of niqaab echt niet af wegens een verbod”, stelt de jonge Marokkaanse die de kassa bedient. Sinds acht jaar woont ze in Spanje en de laatste twee jaar draagt ze een hoofddoek. „Omdat ik zelf anders ben gaan denken over mijn religie. Echt niet omdat dit moest van mijn man.”

De vrouw, die niet met haar naam in de krant wil, stelt dat het verbod de vrouwenemancipatie niet zal helpen, integendeel. „Het stadsbestuur zegt dat er drie vrouwen zijn die een boerka dragen. Door dit verbod komen er waarschijnlijk alleen maar meer. Het is als met kinderen. Als je ze iets verbiedt, willen ze het juist.” Het boerkaverbod, vindt ze, past bovendien niet in een democratie als Spanje, waar iedereen vrij is zijn geloof te belijden zoals hij wil.

Een mannelijke klant, van Spaanse afkomst, die het gesprek gevolgd heeft, is het daar niet mee eens. Als hij bij de kassa komt afrekenen, zegt hij: „Het gaat volgens mij niet om democratie, maar om veiligheid. De gemeente mag toch willen weten, wie er binnenkomt.” „Ja”, zegt de cassière, „maar dan kan een vrouwelijk ambtenaar toch even de sluier optillen om dat te verifiëren.”

De klant vervolgt: „En wat als straks nog meer vrouwen in boerka gaan lopen, dan kunnen criminelen zich er ook mee vermommen als ze een overval willen plegen.” Zij: „Als ik een bank wil beroven, of een trein wil opblazen, dan zou ik dat in een minirokje doen, en echt niet in een boerka doen. Daar trek je toch alleen maar de aandacht mee?” Hij: „Oké, daar heb je een punt. Maar toch, het blijft geen fijn gezicht, zo’n helemaal gesluierde vrouw.”

Wethouder Agüera herkent die klacht. „Natuurlijk is dit verbod ook bedoeld om het ongemak weg te nemen dat veel andere inwoners voelen als ze iemand zo over straat zien gaan.” Democratische partijen als de hare, stelt ze, zijn er om radicalisering te voorkomen, van beide kanten. „We willen niet nog meer problemen met integratie en we willen hier geen extreem-rechtse partijen die deze uitbuiten, zoals in veel andere Europese landen.”

Het dilemma dat door dit verbod uiteindelijk misschien meer boerka’s in de straten van Coín zullen verschijnen, onderkent ze. „Maar dan zullen we ze daar ook moeten verbieden. Anders is het einde zoek.”