Kavel kopen, en dan gewoon zelf bouwen

Almere wil een ‘uniek’ en ‘spectaculair’ stadsdeel – met hulp van particulieren.

Bewoners kunnen via collectieven zelf hun huizen ontwerpen en bouwen.

Het hart van het Homeruskwartier moet in dik twee jaar veranderen van een vlakte in een binnenstad met ruime appartementen en bruisende winkelstraten. De appartementen mogen geen eenheidsworst worden en in de winkelpanden mogen zich geen ketens vestigen. Het Homeruskwartier moet een uniek deel worden van de de stad die tot 2030 60.000 woningen wil bouwen.

De manier waarop het Homeruskwartier tot stand moet komen is bijzonder. Grote, traditionele, opdrachtgevers als woningbouwcorporaties en projectontwikkelaars spelen hier niet de hoofdrol. Alleen groepen particulieren – collectieven – kunnen stukken grond kopen om er gezamenlijk een appartementencomplex te bouwen. Op de begane grond van de gebouwen moeten winkels of bedrijfsruimtes komen.

Collectief bouwen heeft voordelen, vooral voor bewoners, zegt architect Joost Mulders van Mulders Vandenberk architecten. Hij staat aan een hoge borreltafel in de gang van het gemeentehuis van Almere die is omgedoopt tot kavelwinkel, een plek waar geïnteresseerden architecten kunnen ontmoeten. „In Nederland is het idee verloren gegaan dat mensen een woning kunnen hebben die perfect voor die ene persoon is”, zegt Mulders. „Volkshuisvestingsbeleid, dat woord zegt het al. De afgelopen 65 jaar gaat het niet meer om mooi wonen, maar om mensen weg te stoppen. Vooral efficiëntie was belangrijk.”

Met veel bombarie opende de Almeerse wethouder Adri Duivesteijn (wonen, PvdA) op een zaterdag in februari de inschrijvingen voor de kavels. Het Homeruskwartier is spectaculair, zei hij tot drie keer toe in een toespraak voor een kleine honderd architecten, ambtenaren en bestuurders. „Het principe van collectief bouwen is spectaculair”, zei Duivesteijn. „De diversiteit die in de wijk moet komen is spectaculair.”

Behalve collectief, wordt er in het Homeruskwartier ook particulier gebouwd. Rond het centrum kunnen particulieren kavels kopen om daar een eengezinswoning te bouwen. Aan de kavels zijn eisen verbonden. Zo moeten sommige eigenaren bijzonder duurzame huizen bouwen. Tot nu toe zijn er 1.000 kavels voor eengezinswoningen verkocht. „En ook dat is spectaculair”, meende Duivesteijn in februari. „Het Homeruskwartier is spectaculair, dat zeg ik zonder enige vorm van bescheidenheid.”

Er zijn 27 kavels voor collectieven. Tot nu toe hebben negen bouwgroepen zich geregistreerd. Het levert een bonte mix op. Er zijn plannen voor een kinderdagverblijf, een lunchroom, een sportwinkel, een tropische levensmiddelenwinkel, een sportwinkel en een kluszaak.

Duivesteijn erkent dat het niet storm loopt, maar hij vindt negen aanmelding toch behoorlijk. „Dat lijkt misschien niet heel veel, maar dat zijn wel tachtig woningen”, zegt hij. Als alle kavels verkocht zijn, moeten er ongeveer 325 woningen zijn. Duivesteijn denkt dat tegenvallende verkopen te maken hebben met de crisis. „Maar het gebrek aan voorzieningen speelt ook een rol”, zegt de wethouder. „Mensen wachten liever tot er wat leven in de brouwerij is. Toch kun je eigenbouw stimuleren.”

De gemeente stelt geen strenge welstandseisen. Bouwplannen worden snel behandeld. Om risico’s te beperken heeft de gemeente een akkoord gesloten met de Rabobank in Almere. Normaal gesproken kunnen particulieren pas een hypotheek aanvragen als de bouwvergunning is goedgekeurd. In het Homeruskwartier moeten de collectieven al eerder kosten maken. Ze hebben een architect of een bouwkundige nodig. Ze zullen notariskosten hebben om de oprichting van een vereniging te regelen. De Rabobank in Almere heeft hiervoor een lening ontwikkeld. Ook heeft de Rabobank samen met woningbouwcorporatie Alliantie Flevoland een fonds opgericht dat het collectief een lening verstrekt om één appartement af te bouwen, mocht een lid van het bouwcollectief opeens afhaken. Als het appartementencomplex af is, kan het collectief het appartement verkopen.

Begin april, drie maanden na de toespraak van Duivesteijn, tuurt Anastasio Lautan over de vlakte. „Daar willen wij drie appartementengebouwen neerzetten”, zegt Lautan, mededirecteur van het Amsterdamse bouwkundige bureau Crayons. Lautan heeft iets te vieren. Zijn zakenpartner wil niet alleen voor anderen woningen bouwen, hij gaat er zelf ook wonen. Het hoogste punt van de bouw van zijn eigen huis is bereikt en dat wordt gevierd. Terwijl de blauwe rook van de barbecue opstijgt zegt hij: „Veel jonge mensen willen in Amsterdam best een huis kopen, maar de vierkantemeterprijs is doorgeslagen. Je komt in een hok terecht”. Lautan is enthousiast over het idee achter de wijk. „Ergens anders in Almere wonen spreekt velen ook niet aan, maar het Homeruskwartier is anders. Door de vrijheid krijg je een stadsgevoel, maar voor minder geld. 160 vierkante meter met een dakterras voor 250.000 euro red je niet in Amsterdam.”

De voorwaarden voor collectieven zijn goed geregeld, zeggen architecten en bouwkundigen. Toch hebben ze grote kritiek op de aanpak van de gemeente. Het idee dat individuen spontaan bouwgroepen gaan vormen werkt niet want het is te vrijblijvend, zeggen ze. De gemeente heeft een internetforum opgericht waar geïnteresseerden een profiel kunnen aanmaken en elkaar kunnen ontmoeten om een collectief te vormen. Op het forum wordt er vooral gereageerd door architecten op zoek naar een klus. De architectuur is immers hard geraakt door de economische recessie. Het aantal reacties van potentiële bewoners is in de minderheid.

Ljubo Georgiev van de+ge architecten zegt dat er op het internetforum van het Homeruskwartier vooral geflirt wordt. „Het resulteert niet echt in concrete belangstelling en harde afspraken”, zegt hij. „Het blijkt een fantasie om te denken dat een groep gezellige mensen zomaar besluit een collectief te vormen.” Het is volgens Georgiev veel effectiever als een architect de leiding neemt en kopers probeert te trekken. Georgiev en zijn zakenpartners melden op hun website dat ze kavel H3 op het oog hebben. Ze presenteren ook plattegronden van hun geplande appartementencomplex, waarmee de architect eigenlijk weer projectontwikkelaar wordt.

Ook Lautan van Crayons werkt zo. „Wij stellen het collectief samen, ontwerpen het gebouw en laten het bouwen. Maar de bewoners hebben wel veel invloed en veel vrijheid in hoe hun individuele appartement er uit komt te zien”, zegt Lautan. Crayons is erg actief op het internetforum, maar Lautan zegt dat hij de groep niet zo heeft geformeerd. „Voordat het collectief bouwen hier van start ging wilden wij al met een groep van 20 mensen een appartementencomplex. Dat is nu ons eerste collectief.”

Wethouder Duivesteijn vindt dat het model van collectieven in de praktijk wél werkt. „Ik denk dat er wordt onderschat hoe ondernemend mensen zijn.” De wethouder zegt zijn handen dicht te knijpen als 20.000 van de 60.000 nieuwe woningen in Almere door particulieren of collectieven worden gebouwd. Dat is ook een ideologische keuze, zegt Duivesteijn. „Een stad is maakbaar. We kunnen betere en andere steden bouwen dan we gewend zijn.” Een stad is niet alleen maakbaar, een stad is volgens de wethouder meer dan een verzameling gebouwen, het moet van de bewoners zijn. „Ik vind het een soort burgerrecht dat mensen hun eigen huis kunnen bouwen als ze dat willen. Grond hoort in handen van de gemeenschap, de collectieven, te zijn.”