Paars Plus mag straks verdeeld zijn

De roep van Tjeenk Willink om een compact regeerakkoord vindt gehoor bij de partijen die praten over Paars Plus. Weg met eeuwig wantrouwen.

Wassenaar : 5 juli 2010 Jaarlijkse fotosessie bij De Eikenkorst op Landgoed de Horsten in Wassenaar. Zijne Koninklijke Hoogheid de Prins van Oranje, Hare Koninklijke Hoogheid Prinses M‡xima der Nederlanden en hun dochters Prinses Catharina-Amalia, Prinses Alexia en Prinses Ariane nemen deel aan deze fotosessie. foto © Roel Rozenburg
Wassenaar : 5 juli 2010 Jaarlijkse fotosessie bij De Eikenkorst op Landgoed de Horsten in Wassenaar. Zijne Koninklijke Hoogheid de Prins van Oranje, Hare Koninklijke Hoogheid Prinses M‡xima der Nederlanden en hun dochters Prinses Catharina-Amalia, Prinses Alexia en Prinses Ariane nemen deel aan deze fotosessie. foto © Roel Rozenburg

Het moet anders in Den Haag. Radicaal anders. Weg met politieke spelletjes, weg met het in minutieuze akkoorden vastgelegde wantrouwen. Een kabinet dat succesvol wil regeren zal moeten breken met heel wat Haagse gewoontes.

Was getekend: Herman Tjeenk Willink. Tot gisteren informateur op zoek naar een nieuw kabinet, nu weer vicepresident van de Raad van State. Zijn advies: begin onder leiding van twee nieuwe informateurs onderhandelingen tussen VVD, PvdA, D66 en GroenLinks. Zijn nalatenschap: ‘Wat kan binden in plaats van scheiden’. Gisteren was het nog een persoonlijke beschouwing over wat er moet veranderen, vandaag bleek dat de vier partijen er ook zo over denken.

Tjeenk Willink formuleert het beleefd, maar de boodschap is duidelijk: als de partijen die nu over Paars Plus gaan praten niet „over hun eigen schaduw heen springen”, hun angst voor de kiezer niet weten te overwinnen en het land niet boven het eigenbelang stellen, dan krijgt Nederland een kabinet dat volstrekt niet opgewassen zal blijken tegen de maatschappelijke en mondiale problemen nu en in de toekomst.

Een alarmerende analyse die – waarschijnlijk niet toevallig – prima aansluit bij de ideeën van de PvdA’er Jacques Wallage. Die geeft sinds gisteren met VVD-senator Uri Rosenthal leiding aan de echte onderhandelingen. Wallage pleitte dit jaar als voorzitter van de Raad voor het Openbaar Bestuur al voor een geheel andere regeerstijl. Kernbegrip bij Tjeenk Willink en Wallage is herstel van het geschonden vertrouwen tussen de samenleving en haar bestuurders.

Hoe moet het dan wel? De handleiding van Tjeenk Willink kan in één zin worden samengevat: gebruik het Nederlandse staatsbestel zoals het is bedoeld. Laat de regering regeren en de Kamer controleren. Een coalitieakkoord is onvermijdelijk, maar moet wel „zeer beperkt [...] op (financiële) hoofdlijnen” zijn. Een kabinet met hoogwaardige ministers – financieel-economische „geletterdheid” is volgens Tjeenk Willink het minste – maakt alle andere plannen. Partijleiders gaan niet het kabinet in, maar dragen in de Tweede Kamer het verhaal van hun partij met kracht en overtuiging uit.

Zo ontstaat een politieker parlement waarin ook de coalitiefracties op grotere afstand staan van het kabinet. In de woorden van Wallage ontstaan zo „echte debatten” waar ook de stemmen worden gehoord die niet in de regering zitten. Soms kunnen coalitiepartijen samen met oppositiepartijen (lees: de PVV van Geert Wilders) tot een Kamermeerderheid komen. Die vrijheid is de manier om de onvrede te kanaliseren die Tjeenk Willink in de verkiezingsuitslag ziet. Coalitiepartijen moeten elkaar dan wel de ruimte geven. Onenigheid over onderwerpen die niet in het akkoord staan „zijn vrij en kunnen dus niet tot een kabinetscrisis leiden”. Luisteren naar die onvrede heeft volgens Tjeenk Willink wel een grens: over de gelijke behandeling van alle godsdiensten, rassen en politieke gezindheid „valt niet te marchanderen”. En dat geldt ook bij de onderwerpen immigratie en integratie.

Vervolg Informatie: pagina 3

Weg met die verstikkende tradities

Hoe anders werden tot nu toe kabinetten samengesteld. De regeerakkoorden waren dik en soms tot drie cijfers achter de komma nauwkeurig. Coalitiepartijen ketenden elkaar zo vast met als centraal onderhandelingsprincipe: ‘als ik dit niet mag, mag jij dat niet’. „Gestold wantrouwen” wordt het wel genoemd.

Bij elke afwijking van dat akkoord of bij onvoorziene gebeurtenissen – en dat waren er de afgelopen jaren nogal wat – ontstonden lange crisisonderhandelingen in beslotenheid tussen coalitiefracties, die ten slotte toch niet in een crisis uitmondden, omdat op het laatste moment totaal verschillende zaken tegen elkaar konden worden uitgeruild. Zoals tijdens het laatste kabinet-Balkenende toen het CDA beloofde niet verder op versoepeling van het ontslagrecht aan te zullen dringen, nadat de PvdA had ingestemd met het niet organiseren van een nieuw referendum over nauwere Europese samenwerking.

Een andere tactiek is het toedekken van ruzies met nietszeggende compromisteksten. Dat gebeurde bij het onderzoek naar de politieke steun voor de oorlog in Irak in 2003 door het eerste kabinet-Balkenende. De premier, ondertussen aan zijn vierde kabinet bezig, erkende onder dwang van de PvdA zijn fouten op zo’n minimalistische wijze, dat het de verhoudingen tussen de beide partijen alleen maar verder beschadigde. Het zijn deze mechanismen die leiden tot een weinig daadkrachtige, navelstarende coalitie, die het moeilijker maakt maatschappelijke tegenstellingen te overbruggen.

Ook binnen de partijen die aan de formatie deelnemen bestaan de zorgen over de verstikkende werking van onwrikbare coalitieafspraken. Maar zich ernaar gedragen blijkt nog lastig. Dat blijkt wel uit de voortgang van de formatie tot nu toe. VVD-leider Mark Rutte, wiens partij bij de verkiezingen de grootste was geworden, had aanvankelijk totaal geen trek in Paars Plus. De inhoudelijke verschillen zijn groot, en CDA en PVV zullen vanuit de oppositie elk compromis dat hij sluit gebruiken om kiezers bij de VVD weg te halen. Om dat te vermijden, wilde Rutte liever met PVV en CDA regeren, hoewel de inhoudelijke verschillen met de PVV op economisch gebied nog groter zijn dan met de PvdA.

Ook geruchten over de inhoud van de verkennende formatiegesprekken de afgelopen week volgden de oude logica. De VVD zou hebben geëist dat de hypotheekrenteaftrek ongemoeid bleef, en in ruil daarvoor zouden PvdA, D66 en GroenLinks niet willen bezuinigen op ontwikkelingssamenwerking. Een ‘lose-lose’-situatie: niemand krijgt wat hij wil, er wordt minder bezuinigd en problemen op de woningmarkt en bij ontwikkelingssamenwerking blijven onopgelost.

Als er genoeg geld in de staatskas zit, kunnen dit soort compromissen een coalitie nog wel bij elkaar houden. Die uitweg is er nu niet. Er is geen geld. Sterker, er moeten enorme bedragen worden bezuinigd. Maar voor wie wil bieden juist die financiële ellende en de maatschappelijke onrust de grootste kansen om de richting in te slaan die Tjeenk Willink adviseert, met als motto: „Wie vertrouwen wil winnen, moet vertrouwen geven.” Als nu het moment niet aangebroken is om iets aan de verstikkende tradities in het landsbestuur te doen, wanneer dan wel? Een win-winsituatie dus. Toeval of niet, dat was de toverformule van Paars I.

Commentaar: pagina 7