De wereldbeker is eigenlijk de makkelijkste

Vanavond speelt Diego Forlán met Uruguay in de halve finale tegen Nederland.

Zijn vader speelde mee in de eerste ontmoeting tussen de landen op een WK, in 1974.

Diego Forlán kreeg van zijn vader Pablo Forlán voor het WK in Zuid-Afrika één belangrijke tip mee: geen beker is makkelijker te winnen dan de wereldbeker. De 31-jarige spits uit Uruguay had voor het toernooi nooit durven dromen dat hij nu nog maar twee overwinningen verwijderd is van die hoofdprijs. Het Zuid-Amerikaanse land heeft al hun hoop gevestigd op de spits van La Celeste (de hemelsblauwen). Forlán is de enige vedette in het elftal van bondscoach Oscar Tabarez, dat vanavond zonder de geschorste Luís Suarez aantreedt tegen Nederland in de strijd om een finaleplaats op het WK voetbal.

Pablo Forlán gaf zijn zoon niet zomaar iets mee uit de losse pols. De 64-jarige Uruguayaan was in het verleden zelf als verdediger actief op de WK’s van 1966 in Engeland en 1974 in West-Duitsland. Forlán senior werd zelf nooit wereldkampioen, maar hij hield wel vast aan zijn eigen theorie. „Als je zoiets roept, moet je natuurlijk wel argumenten hebben”, zegt de oud-international tegen de Spaanse krant El País. „En die heb ik ook. Veel landen gaan niet naar het WK toe met het idee dat ze kunnen winnen. Maar na zeven wedstrijden kun je met de beker in je handen staan! Vergelijk dat eens met de Primera Divisíon. Dat is een competitie over 38 wedstrijden. Ik weet zeker dat mijn zoon Diego dat in zijn hoofd heeft opgeslagen.”

Uruguay en Forlán begonnen op 11 juni zeker niet als een van de favorieten voor de eindzege aan het toernooi. Doorkomen in een groep met de tegenstanders Frankrijk, Mexico en het gastland Zuid-Afrika leek al moeilijk genoeg. Maar aan de hand van het geslepen spitsenduo Forlán en Suarez stoomde de vechtploeg, die zich pas na een play-off tegen Costa Rica voor het WK kwalificeerde, door naar de laatste vier. Al moet gezegd dat Uruguay met Zuid-Korea en Ghana geen toplanden trof in de tweede fase van het toernooi.

Na het knotsgekke duel met Ghana, waarin Suarez in de slotfase met een rode kaart moest vertrekken en strafschoppen de beslissing brachten, volgt voor de tweede keer op een WK een ontmoeting tussen Uruguay en Nederland. Diego Forlán was nog niet geboren toen zijn vader op 15 juni 1974 op het WK in West-Duitsland aantrad tegen het Oranje van bondscoach Rinus Michels en vedette Johan Cruijff. Nederland won met 2-0 door twee doelpunten van Johnny Rep. Verdediger Pablo Forlán haalt herinneringen op aan die ontmoeting. „Eigenlijk wisten we niet veel van Nederland destijds”, stelt hij in de Spaanse kwaliteitskrant. „We kenden wel het voetbal van Ajax, dat natuurlijk de basis vormde van Nederland. Voor mij was niet Cruijff, maar Willem van Hanegem de grote leider in het veld. Een geweldige linkspoot die op het midden steeds de lijnen uitzette. Constant was hij aan het woord. Het was schitterend om Nederland toen te zien spelen.”

Diego Forlán zal vanavond met wat minder respect het huidige Nederlands elftal van bondscoach Bert van Marwijk tegemoet treden. De blonde spits behoort namelijk zelf al jaren tot de elite van het Europese voetbal. Forlán speelde zich met veertig doelpunten in 91 wedstrijden bij het Argentijnse Independiente in de kijker van Europese topclubs. Alex Gerguson haalde hem naar Engeland. Na een moeizaam begin in 2002 bij Manchester United waar hij de concurrentiestrijd met Ruud van Nistelrooy niet aankon, rees zijn ster in de Spaanse Primera División. Zowel bij Villarreal als bij zijn huidige werkgever Atlético Madrid groeide El principed del gol (prins van het doelpunt) uit tot topscorer van Europa. En dit seizoen was Forlán met twee treffers de gevierde man in de finale van de Europa League tussen Atlético Madrid en Fulham.

Forlán is misschien geen sierlijke aanvaller maar volgens Arjen Robben heeft hij „een neusje voor de goal”. De spits beschikt over een geweldig schot dat hij vanuit alle hoeken en standen gebruikt. Op het WK was Forlán net als zijn landgenoot Suarez tot dusver drie keer trefzeker. Vanavond krijgt hij waarschijnlijk hulp in de aanval van Edison Cavani, een spits van het Italiaanse Palermo.

De aanvalsleider moet in Zuid-Afrika na de uitschakeling van Brazilië, Argentinië en Paraguay de eer van Zuid-Amerika hoog houden. De spits uit het land van de tweevoudig wereldkampioen (1930 en 1950) kan zich in een rijtje met nationale legendes als José Andrade, Alcides Ghiggia, Juan Alberto Schiaffino en Enzo Francescoli scharen.

Alcides Ghiggia (84), die in 1950 voor 200.000 toeschouwers in Rio de Janeiro namens Uruguay het winnende doelpunt maakte in de WK finale tegen Brazilië, is de enige nog levende wereldkampioen van Uruguay. Forlán kan zichzelf onsterfelijk maken als hij zondag in het Soccer City Stadium van Johannesburg zijn land naar een derde wereldtitel leidt. In de ogen van Pablo Forlán zijn er moeilijker opgaves voor de hedendaagse topvoetballers te bedenken.