Banden laten rijpen als wijn

Lance Armstrong vraagt zijn oude mecanicien terug voor de kasseienrit van vandaag.

Zijn samenwerking met Julien De Vriese gaf hem ooit een cruciale voorsprong.

Het peleton tijdens de tweede Touretappe, van Brussel naar Spa. Foto Bas Czerwinski The pack rides passing wheat fields during the second stage of the Tour de France cycling race over 201 kilometers (125 miles) with start in Brussels and finish in Spa, Belgium, Monday July 5, 2010. (AP Photo/Bas Czerwinski)
Het peleton tijdens de tweede Touretappe, van Brussel naar Spa. Foto Bas Czerwinski The pack rides passing wheat fields during the second stage of the Tour de France cycling race over 201 kilometers (125 miles) with start in Brussels and finish in Spa, Belgium, Monday July 5, 2010. (AP Photo/Bas Czerwinski) AP

Op de parkeerplaats van Hotel Verviers in de Belgische Ardennen stond gisteravond een man bij de vrachtauto van RadioShack, de ploeg van Lance Armstrong. Julien De Vriese was ’s ochtends op tijd vertrokken uit zijn woonplaats Sint-Martens-Latem bij Gent. Niemand anders dan de oude mecanicien in ruste mocht de fiets van the Boss in diens laatste Tour in orde maken voor de gevaarlijke rit over de kasseien van vandaag.

„Ik geef liever geen interviews”, had de 73-jarige De Vriese door de telefoon al aangekondigd. Nee, er was geen verband met de beschuldigingen van Floyd Landis, die in The Wall Street Journal beweerde dat de ploeg van Armstrong met de verkoop van fietsen doping financierde. „Ik heb het gewoon erg druk.” Ploegleider Johan Bruyneel is blij met de komst van de ervaren mecanicien. „Voor de kasseien is het cruciaal om zo’n specialist te hebben met zo veel ervaring.”

Binnen de kleine wereld van het wielerpeloton is De Vriese een beroemdheid. Hij was mecanicien van Eddy Merckx, Roger De Vlaeminck, Walter Godefroot, Freddy Maertens, Greg Lemond en Lance Armstrong, om alleen zijn allergrootste klanten te noemen. „Julien is de absolute nummer één in zijn vak”, zegt oud-renner Hennie Kuiper, die in de jaren negentig als ploegleider van Motorola met De Vriese samenwerkte. „Het is logisch dat Armstrong hem er nog altijd bij wil hebben. Voor hem is alleen het allerbeste goed genoeg. Hun samenwerking is een van de details waarmee Lance jarenlang het verschil maakte met de rest.”

Axel Merckx stond gisteren met zijn dochtertje bij de start in Brussel toen hij plotseling een bekende stem hoorde. „Hé, pas op jongen”, klonk in sappig Vlaams. Armstrong is lang genoeg omringd met Vlamingen om hun taal te spreken. Even een omhelzing met Merckx, ploegleider van zijn opleidingsteam, en weg fietst hij. „Lance gebruikt de besten in elk domein”, zegt de zoon van Eddy Merckx. „Geen wonder dat hij bij De Vriese uitkomt. Ik ken Julien al vanaf dat ik geboren ben, hij werkte nog met mijn vader. Hij is een van de laatste echte mecaniciens. Zoveel liefde voor de fiets vind je nergens. Hoewel hij rustiger aan doet, kwam hij vorige week nog naar Thüringen voor een koers van onze opleidingsploeg. Hij weet alles van elk detail. En hij heeft met zijn renners in de loop van de jaren een paar koerskes gewonnen hé.”

In een documentaire van de Belgische zender Canvas vertelde De Vriese onlangs dat hij een cruciale rol speelde in de periode dat Armstrong zeven keer de Tour won. Zijn grootste geheim was een speciale bandenkelder, waarin hij tientallen banden als een goede wijn jarenlang liet rijpen. Op een uitgeharde band rijd je minder snel lek, is de theorie. Armstrong reed bij al zijn Tourzeges zelden lek, had vrijwel nooit materiaalpech. Zo kon hij bijvoorbeeld in de kasseienetappe in de Tour van 2004 een cruciale slag slaan door zijn Spaanse concurrent Iban Mayo in de vernieling te rijden.

„De Vriese is een van de weinigen in het peloton die alle oorlogen en veldslagen heeft gewonnen met zijn renners”, zegt Jean-Marc Vandenberghe. De huidige mecanicien van Quickstep werd ooit op verzoek van De Vriese gecontracteerd door US Postal van Armstrong en Bruyneel. „Ik kwam van de vijand, van Jan Ullrich, en was vereerd met het verzoek. Ik ben een generatie jonger dan De Vriese, ik wist dat ik nog veel van hem kon leren. Hij is de godfather van de mecaniciens.”

Wat hij leerde? „Het belangrijkste is sparen. Altijd materiaal bewaren, ordenen volgens een vast systeem. ‘Tubes moet je laten rusten, rusten, rusten’, zei hij altijd. Als in januari de nieuwe banden binnenkwamen, legde hij direct twee dozen apart voor de Tour. Zijn kelder met banden is ongeëvenaard. Hij weet alles van banden. Hoeveel lucht erin moet, de stand van de spaken. Halverwege het seizoen wisselde Julien alle wielen van de koersfietsen en de reservefietsen. Zo hoefde hij nooit een helemaal nieuw wiel te steken bij een renner. Nieuwe velgen zijn gladder en remmen minder goed. Safety first.”

Armstrong en De Vriese hadden soms stevige discussies, herinnert Vandenberghe zich. „Dan liet Julien zich niet van de wijs brengen. ‘Wil je de proloog winnen of wil je de Tour winnen’, vroeg hij als Lance wilde starten op nog lichtere tubes. ‘Bij een val ben je 45 seconden kwijt, door dat lichtere materiaal win je hooguit een paar tellen.’ En dan gaf Lance hem gelijk hoor.”

Volgens Vandenberghe wordt het werk van mecaniciens onderschat. „De jonge generatie zie ik twee dagen voor de Tour gewoon een set nieuwe wielen uit de doos halen en monteren. Laat Julien dit niet zien, denk ik dan. Ik weet ook dat een mecanicien geen koers wint en dat je alleen wat hoort als er iets fout gaat. Maar het zal geen toeval zijn dat Armstrong voor een rit over de kasseien speciaal Julien De Vriese laat komen. Dat vind ik eigenlijk heel mooi.”