Ruwer gedrag na aanraking van ruw oppervlak

Mensen die op een harde houten stoel zitten als ze een auto kopen, beoordelen de autoverkoper tegenover zich als stabieler, en ze onderhandelen zelf harder, dan mensen die op een zacht kussentje zaten.

Dat bleek in een experiment waarover Amerikaanse psychologen in Science van afgelopen vrijdag schrijven. Ze presenteren twee nieuwe routes van fysiek (tast) naar psychisch.

Als iemand een ruw oppervlak aanraakt, lijken concepten als ‘ruw’ en ‘moeizaam’, actief te worden in diens brein; een hard, stevig oppervlak activeert termen als ‘stabiel’ en ‘rigide’. Diegene beoordeelt zichzelf en anderen vervolgens meer langs deze lijnen. Dat laatste rolde uit het autoverkoopexperiment.

Het actief worden van ‘ruw’ en ‘moeizaam’ kwam uit een experiment waarin proefpersonen een artikeltje lezen over een gesprek. Als deze proefpersonen vlak daarvoor een houten puzzel hadden gemaakt waarvan de stukjes waren beplakt met schuurpapier, meenden ze dat het gesprek in het artikel moeizamer verliep dan wanneer de houten puzzelstukjes glad waren geweest.

Het onderzoek past binnen een jonge, gestaag groeiende traditie van verbanden leggen tussen concrete fysieke ervaringen en mentale redeneringen.

Twee jaar geleden toonden onderzoekers al aan dat mensen die net even iemands kop warme koffie hadden vastgehouden, daarna aardiger waren dan mensen die een ijskoffie in handen hadden gehad – een link tussen fysiek warm en psychisch warm.

Het blijkt dus dat een voorwerp dat iemand toevallig in zijn hand houdt of op een andere manier aanraakt, onbewust invloed heeft op ideeën van mensen. Met enige regelmaat wordt nu bewijs gevonden voor nieuwe ‘psychologische metaforen’, zoals fysieke en psychische zuiverheid, hoogte (macht) en lengte (tijdsduur). Het is ook bij pijn aangetoond: bij mensen die zich afgewezen voelen (psychische pijn) is het fysieke pijnsysteem geactiveerd.

Volgens de Amerikaanse psychologen vormen fysieke ervaringen de grondslag voor meer abstracte mentale ideeën en gevoelens. Dat gebeurt, schrijven ze, via het principe van neuraal hergebruik: directe lichamelijke gevoelens worden gebruikt om een eerste beeld te krijgen van meer abstracte concepten. Die activatie blijft automatisch bestaan.