Vrouwenhandelaar Saban B. op borgtocht vrij in Turkije

De Turkse justitie heeft de veroordeelde Turks-Nederlandse vrouwenhandelaar Saban B. op borgtocht vrijgelaten. B. betaalde bijna 17.000 euro voor zijn voorlopige vrijlating. Hij heeft zijn paspoort moeten inleveren en moet zich iedere twee weken bij de politie melden.

B. werd in Nederland achtereenvolgens tot 7,5 jaar en 8 jaar celstraf veroordeeld wegens vrouwenhandel en een dubbele poging tot moord. Hij zou ruim 120 vrouwen tot prostitutie hebben gedwongen. In september vorig jaar ontsnapte hij naar Turkije toen de Nederlandse justitie hem een week verlof had gegeven om zijn pasgeboren kind te kunnen bezoeken. Daarover ontstond toen veel ophef. Een raadsheer van het Arnhemse gerechtshof erkende later dat de rechters een „verkeerde inschatting” hadden gemaakt door een man los te laten die „nooit vrij had mogen zijn”. Sommige vrouwen die via Saban als prostituee aan het werk gingen, werden gedwongen borstvergrotingen en abortussen te ondergaan.

De Turkse politie arresteerde Saban in februari dit jaar in de Turkse kustplaats Antalya waar hij een discotheek runde. De Turkse justitie verdenkt hem van afpersing en witwassen van geld dat hij in Nederland met de vrouwenhandel heeft verdiend. Een zakenpartner stapte naar de politie en verried de schuilplaats van Saban en zijn vrouw nadat de twee ruzie zouden hebben gekregen. Saban B. zou de zakenpartner een Rolex en zijn Jeep afhandig hebben gemaakt. Voor die afpersingszaak moet hij op 12 oktober voor de Turkse rechter verschijnen.

Het Openbaar Ministerie in Nederland is vanmorgen door de Turkse justitie geïnformeerd over de vrijlating van Saban B. Een woordvoerder van het Landelijk Parket wil niet ingaan op de inhoud van dat gesprek. „Sinds Saban B. daar is aangehouden, informeert de Turkse justitie ons over belangrijke besluiten in zijn strafzaak, maar in feite hebben wij er niets mee te maken.”

Turkije ondertekende verschillende internationale uitleveringsverdragen, maar levert geen eigen onderdanen uit. Een uitzondering op die regel wordt alleen gemaakt als een Turk wordt gedaagd door het Internationaal Strafhof in Den Haag.