Naarmate het eindsignaal nadert daalt de stemming

Bafana Bafana schrijft historie door als gastland de tweede ronde niet te bereiken. In township Alexandra zijn fans niet boos maar teleurgesteld.

„Bafana Bafana is out”, meldt de nieuwslezeres met luide stem op de radio van de stokoude Toyota Camry, de auto van onze gids Sam. De vlag van Zuid-Afrika hangt er aan de antenne bijna symbolisch triest bij. „We verlaten het toernooi uiteindelijk in stijl”, zegt Sam mistroostig. „Maar we hebben wel geschiedenis geschreven. We zijn het eerste gastland dat de tweede ronde niet haalt op een WK voetbal.”

Enkele uren eerder heeft Sam ons naar Alexandra gebracht. De oudste township van Johannesburg. Slechts tien kilometer van de welvarende wijk Sandton, waar in chique winkelcentra alle topmerken van de wereld worden verkocht, woont hier de zwarte bevolking van Johannesburg in huizen van golfplaten en houten planken. Alexandra werd gebouwd voor zestigduizend mensen, als een arbeidersreservaat voor de betere wijken aan de andere kant van de snelweg. Talloze bestelbusjes leveren hier aan het einde van de middag de zwarte tuinmannen, schoonmakers en bouwvakkers af. Er wonen nu naar schatting een half miljoen mensen in Alex.

De ‘huizen’ bestaan vaak uit één kamer. Verwarming is er nauwelijks, al kan het ’s nachts vriezen in de winter. Er zijn verschillende voetbalveldjes en boven de wijk torent een echt stadion uit. Oud-president Nelson Mandela woonde eens midden in Alexandra. Nu woont de 91-jarige volksheld op zo’n vijftien kilometer afstand, in het chique Houghton. Het contrast kan bijna niet groter. Rond zijn volledig ommuurde huis hangen tal van bewakingscamera’s. „Armed response”, staat er op bordjes die ongewenst bezoek moeten afschrikken.

Alexandra speelde een grote rol bij de machtsomwenteling in Zuid-Afrika zestien jaar geleden. In de laatste jaren voor het einde van de apartheid werd in de township de bloedigste strijd uit de geschiedenis van het land uitgevochten. Ten minste twaalfduizend doden vielen er in de strijd tussen de Inkatha Vrijheidspartij en het ANC. Het geweld werd minder na de inauguratie van Mandela in 1994, maar stopte nooit.

De wereld leerde Alexandra vooral kennen van verhalen over zwart-tegen-zwart-geweld. Sam wijst op de oude huizen waar geen ramen meer in zitten. Hostels heten deze woningen die boven de krotten uitsteken in de volksmond. „Een paar jaar geleden was dit een absolute no-go-area”, stelt Sam. „Toen schoten ze vanuit de ramen op de auto’s die langsreden. Maar het is rustiger geworden. Zeker vandaag is de stemming goed. Bafana Bafana speelt!”

Sam brengt ons naar het Café Chicco waar we de wedstrijd Zuid-Afrika-Frankrijk zullen bekijken. Het is niet meer dan een donkere ruimte in een krot. Bij de ingang zit een tandeloze man, die ons vriendelijk verwelkomt. Binnen zitten de voetballiefhebbers op plastic terrasstoeltjes klaar voor een monumentale zilveren kleurentelevisie. Op het salontafeltje staan flessen bier van driekwart liter. Wij houden het op Coca-Cola uit een loodzware fles van glas. Ook al historisch. Er wordt volop gerookt, maar de aanwezigen hebben ons er wel toestemming voor gevraagd. Ze drukken hun peuken uit in een roestige verfpot.

In de hoek zit een man met een pet, gehuld in een geel shirt van Bafana Bafana en een vuvuzela waarop hij te pas en te onpas blaast. Voor ons een man met een hoedje en een jack. Hij heet Alfred, zoekt vaak op fluistertoon contact en is dus moeilijk te verstaan. Halverwege de eerste helft loopt deze fixer van televisies en mobiele telefoons Chicco uit op weg naar het huis van zijn moeder. Hij wijst op een grote zak waar honderden kilo’s glasscherven in zitten. „Misschien is dat veertig rand [4 euro] waard”, zegt Alfred als hij de deur van een krottenwoning open zwaait. Zijn nichtje in een geel shirt van Zuid-Afrika loopt nerveus heen en weer. „Bafana Bafana must win!” , schreeuwt ze.

Ondertussen loopt de spanning in Chicco alsmaar op. Onderling praten alle aanwezigen in hun eigen taal, Tsonga. Veel meer hebben we aan de duidelijk Engels sprekende Jeff, die al snel constateert dat Zuid-Afrika tot zijn voldoening met twee spitsen speelt. „Corner is goal”, luidt zijn motto. Hij wordt op zijn wenken bediend als Bongani Khumalo uit een hoekschop de bal in het doel werkt. Door heel Alexandra gaat één juichkreet. Hier en daar klinkt een vuvuzela. Als Katlego Mphela de 2-0 maakt is de euforie nog groter. De voetbalfans in het kleine café denken aan een stunt en gaan rekenen. „We moeten vier goals maken, dan zijn we gekwalificeerd”, roept Jeff. In de tweede helft blijven Zuid-Afrikaanse doelpunten tot ontzetting van de aanwezigen uit. In tegendeel, de Fransman Florent Malouda verkleint de voorsprong (2-1).

Plotseling gaat een oud lampje aan het plafond branden. Het wordt tijd om de trui weer aan te trekken, want de temperatuur daalt. En de stemming naarmate het eindsignaal nadert ook. „Ik ben teleurgesteld in Bafana Bafana, niet boos”, zegt Jeff als het doek is gevallen. We moeten voor vertrek op diverse wijze allerlei handen schudden. En bij het afscheid smeekt Jeff om geld.