Meeuwenbraai

De afgelopen twee dagen schreef ik hier over Hunger for Freedom, een boek van Anna Trapido over het leven van Nelson Mandela. Het is geen gewone biografie, maar eerder een culinair testament, of, zoals Zindzi Mandela zegt op de achterflap: ‘een historische foodprint van een groot man’.

Het boeiendste deel van het boek is het hoofdstuk over het eten in de gevangenis op Robbeneiland, waar Nelson Mandela van 12 juni 1964 tot 11 februari 1990 gevangen werd gehouden. Ik beschreef gisteren al het dieet waarop hij die 27 jaar leefde: maïspap, maïskolven, groente en dunne vleessoep. Een aantal van Mandela’s medegevangenen was iets beter af; zij kregen ook brood en margarine, plus een extra schep suiker voor in de pap.

Hoewel het streng verboden was, ruilden de gevangenen hun eten, zodat er voor iedereen brood was. Dat brood was overigens zo hard en vies dat het de bijnaam ‘katkop’ kreeg. Ook bewaarden sommigen restjes van hun maïspap om het te laten verzuren, in de hoop een desem te kweken met een hogere voedingswaarde en meer smaak.

Wie betrapt werd op dit soort illegale praktijken ging linea recta de isoleercel in, waar het menu bestond uit een mok rijstwater per dag. Toch bleven de gevangenen manieren verzinnen om hun rantsoen aan te vullen. Honger maakt inventief.

De zaadjes uit een binnengesmokkelde chilipeper werden geplant, bemest met struisvogelpoep en opgekweekt tot volwassen planten. Tijdens het werken in de kalkgroeves vingen de gedetineerden af en toe een parelhoen of patrijs, en hielden een clandestiene braai. Zelfs de zeemeeuwen, vaste bewoners van Robbeneiland, moesten eraan geloven, al vond niemand geroosterde zeemeeuw echt smakelijk.

Morgen nog een laatste stuk over Hunger for Freedom. Intussen houden wij vandaag ook een braai, niet met zeemeeuw, maar met garnalen, gemarineerd in limoensap, knoflook, olijfolie en hetepepersaus.

Voor 4 personen:

20 grote grijze garnalen

3 teentjes knoflook

3 limoenen

1 eetlepel vloeibare (acacia)honing

piripirisaus of tabasco naar smaak

houten satéstokjes

Snijd de ruggetjes van de garnalen open en trek het zwarte darmkanaaltje eruit. Spoel de garnalen schoon onder koud stromend water en dep droog. Pel de knoflooktenen, doe ze met een snuf grof zeezout in een vijzel en stamp en wrijf ze tot een fijne pasta. Pers 2 limoenen uit en voeg het sap toe, evenals de honing. Maak op smaak met pepersaus en zout leg de garnalen minimaal een uur in de marinade. Week de satéstokjes een uurtje in warm water. Maak de barbecue op tijd aan, zodat de kooltjes niet meer vlammen wanneer je de garnalen erop legt. Vet het rooster in met olijfolie. Rijg de garnalen in de lengte aan de stokjes en rooster ze in een paar minuten om en om gaar. Snijd de derde limoen in parten en geef die bij de spiesen.

Janneke Vreugdenhil

Praat mee over de keuken van Zuid-Afrika op www.nrcnext.nl/koken. Op nrc.tv kookt Janneke samen met Berthe Meijer.