Onverwachte bezwaren

Als je islamitische of joodse vrienden hebt, word je uitgenodigd voor het feest. Want die zijn blij en trots als hun zoon besneden wordt. Ik ga wel, maar altijd met een mengeling van medelijden en tegenzin. Want ik ken het tafereel. Het jongetje wordt overladen met gelukwensen, maar zit er bleekjes bij, want als het bezoek arriveert is de verdoving uitgewerkt.

Mijn eigen opvatting over besnijden is tweeslachtig. Vrienden en familieleden zal ik er niet op aanspreken. Zolang de ingreep medisch verantwoord wordt uitgevoerd, ben ik er niet tegen dat zij dit uit religieuze overtuiging laten doen. Maar mijn eigen zoon zou ik alleen laten besnijden als daar een medische reden voor is. Net als bij een ontstoken blinde darm.

De religieuze argumenten komen neer op reinheid: zonder voorhuid is de penis gemakkelijker schoon te houden. Aan de medische bezwaren, zoals de kans op infectie of een vernauwing van de pisbuis, wordt niet meer zo zwaar getild, omdat de ingreep steeds vaker wordt verricht onder hygiënische omstandigheden en door vakmensen. Daarom komt de verklaring die de artsenfederatie KNMG (Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst) op 27 mei uitbracht als een verrassing.

De KNMG: ‘Het besnijden van minderjarige jongens zonder medische redenen is in strijd met het recht op autonomie en het recht op lichamelijke integriteit van het kind.’ De federatie verwijst in de eerste plaats naar de rechten van het kind en pas in tweede instantie naar de medische risico’s. De regel, aldus de KNMG, is niet opereren op gezonde kinderen. Ze pleit dan ook voor een krachtig ontmoedigingsbeleid, want een verbod zou de praktijk ondergronds drijven.

Vooral joodse organisaties hebben verbaasd en geërgerd gereageerd. Ze vragen zich af waar deze bekommernis ineens vandaan komt, aangezien complicaties in Nederland zelden voorkomen. De verklaring roept inderdaad vragen op. Was besnijden in orde zolang alleen joodse medeburgers het deden? En wordt de traditie problematisch nu een relatief grote groep die onderhoudt: de Nederlandse moslims?