Mexico identificeert botten verzetshelden

Met tromgeroffel, een militaire parade en in bijzijn van president Felipe Calderón zijn gisteren de beenderen van twaalf helden uit de Mexicaanse Onafhankelijkheidsoorlog (1810-1821) van hun laatste rustplaats weggedragen. Tenminste, van wie de knoken zijn, moet wetenschappelijk onderzoek gaan uitwijzen.

Een van de schedels zou zijn geïdentificeerd als die van Miguel Hidalgo (1753-1811), de priester die de Onafhankelijkheidsoorlog tegen kolonisator Spanje heeft ingezet. Onder het vaandel van de Maagd van Guadalupe leidde Hidalgo – die in Mexico geldt als de Vader van de Natie – het eerste boerenverzet van inheemsen en mestiezen.

Tijdens een zwerftocht van twee eeuwen is twijfel ontstaan over de authenticiteit van de overblijfselen. In 1823 liet de regering ze herbegraven in de bouwvallige tomben van de Kathedraal van Mexico-Stad. Rond de vorige eeuwwisseling werden de botten veilig gesteld – en door elkaar gehusseld – in nieuwe urnen. En sinds de Mexicaanse Revolutie (1910-1920) lagen ze in crypten onder het monument van de Engel van Onafhankelijkheid. Eenmaal onderzocht, gaan ze naar het Nationale Paleis.

De identificatie vormt onderdeel van de viering van twee eeuwen onafhankelijkheid van Spanje dit jaar. Critici van Calderón zeggen dat de president afleiding zoekt van de economische malaise en de drugsoorlog die sinds zijn aantreden in 2006 aan ongeveer 23.000 mensen het leven heeft gekost. (AP, BBC).