Glunderende realpolitiker zonder vijanden

VVD’er Eric van der Burg moet als wethouder van Amsterdam fors snijden in het personeelsbestand. Hij klaarde eerder lastige klussen in de zorg en heeft krediet bij links en rechts.

Niemand kan zo stralen als de Amsterdamse VVD’er Eric van der Burg (Amsterdam, 1965). Het is alsof in zijn hoofd een lamp wordt ontstoken die het licht naar buiten straalt door glanzende ogen, rode konen, lachende mond en zelfs door de sprieterige haren die dan als een krans om zijn hoofd lijken te zitten. Dat gebeurt als Van der Burg blij is en dat is hij vaak.

Toen de canon van de Amsterdamse geschiedenis in 2008 werd gepresenteerd bijvoorbeeld. Het was het toenmalige gemeenteraadslid Van der Burg dat had geopperd van de vaderlandse canon een Amsterdamse versie te maken. De vijftig Amsterdamse vensters kwamen er, van het schilderij De Nachtwacht tot de moord op Van Gogh. Van der Burg, een man met veel liefde voor geschiedenis, straalde als de vader van een pasgeboren kind.

En toen Van der Burg onlangs wethouder werd in Amsterdam, hield hij niet op met glunderen. „U heeft het begrip glunderen een nieuwe betekenis gegeven”, stelde raadslid Maurice Limmen (CDA) bij de installatie van het college van B en W eerder deze maand. Van der Burgs oudste zoon Mart weet waarom: „Zijn grote droom, wethouder zijn in zijn eigen stad, is na vele jaren uitgekomen.”

De plek in het stadsbestuur bevestigt de status van Van der Burg als een van de coming men in de VVD, de partij die het nu zo goed doet in de peilingen voor de Tweede Kamerverkiezingen. Van der Burg (44) is een generatiegenoot van partijleider Mark Rutte, die hij ook persoonlijk goed kent. Hij is een potentieel bewindsman in een volgend kabinet. „Van der Burg staat op lijstjes van mogelijke staatssecretarissen, voor het geval de VVD in een kabinet komt”, weet Ferry Houterman, de grand old man van de Amsterdamse VVD.

Van der Burg voldoet in het geheel niet aan het stereotype beeld van de VVD’er. Hij heeft altijd gewerkt in de zorgsector, woont bijna zijn hele leven in Amsterdam Zuidoost, in een huurhuis, rookt niet en drinkt alleen cola light. „Mijn vader heeft nog nooit een druppel alcohol gedronken”, zegt Mart van der Burg: „Hij gelooft in de kracht van zijn geest en wil die niet laten beïnvloeden door iets als drank.”

De geestkracht van Van der Burg wordt alom geroemd. Hij geldt als een snelle denker, met een grote dossierkennis. Ingewikkelde kwesties vat hij in een paar zinnen samen. De gesjeesde jurist is daarnaast behendig met de rekenmachine, vertelt Berthy Peter, die met Van der Burg werkte bij een zorginstelling: „Eric houdt erg van cijfers en is er goed in.”

Van der Burg beschikt bovendien over een ogenschijnlijk onuitputtelijk energie. Hij slaapt niet meer dan 4,5 uur per nacht, zodat hij alle tijd heeft om te werken en om bijvoorbeeld in bad Kort Amerikaans van Jan Wolkers mee te lezen met de literatuurlijst van zijn zoon. „Toen wij met ons gezin onlangs met het vliegtuig uit Amerika terugkwamen, hadden we allemaal een jetlag. Eric ging na drie uur slaap meteen aan het werk”, vertelt Mart van der Burg: „In acht jaar heeft hij zich één keer ziek gemeld en dat was nadat mijn moeder hem in de badkamer vond in een plas bloed. Eric was gevallen en bewusteloos geraakt.”

Tel daarbij op dat Van der Burg een levenslange passie voor politiek heeft en de vraag dringt zich op: hoe komt het dat hij nu pas echt is doorgebroken? Het antwoord is simpel: Amsterdam is al sinds mensenheugenis een PvdA-bolwerk, waar de VVD de ene keer mag aanschuiven in het college en de andere keer in de oppositie belandt. „Binnen de VVD is dan ook een Amsterdamse school ontstaan van liberale politici, die koopmanschap combineren met een sterke maatschappelijke betrokkenheid”, zegt Houterman. „Van der Burg hoort daar echt in thuis.”

Na de Molukse kapingen (1975) begon de jonge tiener Van der Burg zich te interesseren voor geschiedenis én politiek. Hij kwam begin jaren tachtig uit bij law-and-orderpartij VVD, door de „krakersrellen in Amsterdam, waarbij de tanks door de straten reden”, zoals hij onlangs in een interview vertelde. En doordat de VVD gelooft in maximale vrijheid voor het individu, dat zijn talenten moet kunnen ontplooien.

Van der Burg gelooft sterk in eigen verantwoordelijkheid, niet alleen in de politiek, maar ook in zijn werk en in zijn gezin. „Dat is ook de reden dat het hart van Eric in de zorg ligt. Mensen dragen hun eigen verantwoordelijkheid, maar voor mensen die dat niet kunnen, zoals ouderen en gehandicapten, moet goed worden gezorgd”, zegt Berthy Peter.

De kinderen van Van der Burg krijgen veel vrijheid, vertelt Mart van der Burg: „In het vertrouwen dat zij die verantwoordelijkheid kunnen dragen. En dat is ook zo.”

Van der Burg werd als 17-jarige lid van de VVD en werd binnen drie maanden bestuurslid van de afdeling in Amsterdam Zuidoost. Hij ging rechten studeren aan de Vrije Universiteit, waar ook de latere televisiemaker Prem Radhakishun in de collegebanken zat. „Het klikte meteen tussen ons, een linkse zwarte man en een rechtse witte man” vertelt Radhakishun, die nog altijd bevriend is met Van der Burg. „We gingen meteen in debat en zijn sindsdien altijd blijven discussiëren.”

Debatteren doet Van der Burg bijzonder graag, ook of juist met andersdenkenden. De afgelopen jaren kruiste de oppositieleider in de Amsterdamse gemeenteraad graag de degens met wethouders en politieke tegenstanders. Zijn vaak scherpe kritiek op bijvoorbeeld het Amsterdamse terrasbeleid bracht hij het liefst met een kwinkslag. Tegen wethouder Marijke Vos (GroenLinks, milieu) was hij heel fel over de nalatigheid van Amsterdam in de kwestie rond het gifschip Probo Koala.

Het Parool koos Van der Burg mede daarom meermalen tot het beste raadslid van Amsterdam. Bij zijn afscheid als burgemeester prees Job Cohen Van der Burg als een „geweldige oppositieleider”. Want Van der Burg benadrukt naast de verschillen ook graag de overeenkomsten met zijn tegenstanders. Zo kreeg Lodewijk Asscher, leider van de lokale PvdA, zijn volle steun bij het opschonen van de Wallen. „Maar dat de PvdA daar liever sushibars dan shoarmatenten ziet, vind ik weer veel te bedillerig”, zei Van der Burg daarover.

Bij de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen in maart werden de verschillen uiteraard opgepoetst. In de ‘Eric’, een door zoon Mart verzonnen magazine als de Linda, onthulde hij niet alleen zijn favoriete muziek (Soundtrack van Les Misérables, Maskers af van Marco Borsato) maar ging hij tekeer tegen de regelzucht van links Amsterdam. De VVD ageerde elders ook tegen verkiezingsposters in het Turks. „Verkiezingstaal”, zegt Radhakishun, „want het maakt Eric helemaal niet uit in welke taal die poster is.”

Hoewel de VVD de tweede partij van Amsterdam werd, kon Van der Burg pas aanschuiven bij de collegeonderhandelingen na de breuk met D66. Voor de coalitie met PvdA en GroenLinks deed Van der Burg te veel concessies, meenden sommige commentatoren. Wat is er gebeurd met de ‘euro van Eric’, de verkiezingsbelofte dat het parkeren in de stad een euro per uur goedkoper zou worden? Weggeven in zijn gretigheid om wethouder te worden, heette het.

Flauwekul, vindt Houterman: „Zonder de door de VVD afgedwongen bevriezing zouden de tarieven binnen vier jaar een euro omhoog zijn gegaan. Dat is de euro van Eric.” Volgens hem is Van der Burg een realpolitiker, die beseft dat je concessies moet doen en „in het college veel meer kunt binnenhalen dan in de oppositie”.

Dat binnenhalen zal overigens niet meevallen voor de wethouder, die onder meer zorg, sport, Schiphol en personeel in zijn portefeuille heeft. Van der Burg, die sterk gelooft dat sport de economie, gezondheid en samenleving kan verbeteren, droomt van de Olympische Spelen in Amsterdam; de kans dat het lukt, is niet bijzonder groot. De gemeente staat verder voor de opgave structureel 250 miljoen euro te bezuinigen. Dat moet voor een fors deel gebeuren door te snijden in het personeelsbestand, waarvoor Van der Burg verantwoordelijk is.

Van der Burg heeft wel zijn sporen verdiend met het klaren van lastige klussen. „Als het in een verzorgingshuis niet goed liep, dan ging Eric erheen en reorganiseerde heel snel”, vertelt ex-collega Peter. Hoe hij dat deed? Peter: „Hij zegt waar het op staat en is tegelijkertijd positief. Toen verzorgingshuizen zuchtten onder bezuinigingen, klaagde Eric niet. Hij zei: ‘We gaan het beste verzorgingshuis van Amsterdam maken’. Heel inspirerend.” Van der Burg wist ook altijd geld te vinden voor extra’s als het opknappen van een woonruimte, reizen voor bewoners en buurtfeesten. Peter: „Zijn netwerk is echt enorm.”

In Amsterdam Zuidoost waar Van der Burg in in de jaren negentig stadsdeelbestuurder werd, was zijn taak evenmin eenvoudig. Hij was VVD’er in een stadsdeel waar de PvdA nog dominanter is dan elders in Amsterdam. Hij was een witte bestuurder op een moment dat de zwarte gemeenschap luidkeels meer zeggenschap in het bestuur eiste. Toch groeide Van der Burg uit tot een gerespecteerd bestuurder.

Hoe? Radhakishun, bewoner van Zuidoost, zegt: „Hij is gewoon een bekwaam bestuurder die zorgt dat alles op rolletjes loopt.” Bovendien is Van der Burg echt een kind van het stadsdeel, dat hij in zijn jeugd zag verkleuren door de immigratie. Radhakishun: „Eric ziet geen kleur, echt helemaal niet.” Dus benoemde Van der Burg, die niets heeft met positieve discriminatie, een man met Ghanese wortels tot stadsdeelsecretaris. Zijn naam: Freek Ossel, tegenwoordig wethouder voor de PvdA.

Een paar zwakke plekken heeft Van der Burg wel, zeggen mensen die hem kennen. „Hij kan mensen tot wanhoop brengen. Als jij aan het eind van je Latijn bent, is hij nog maar net begonnen en dan verwacht hij dat jij ook meegaat”, zegt Peter. Zoon Mart denkt dat zijn vader soms te veel gelooft in de redelijkheid: „Hij denkt dat als je goede argumenten hebt, je iemand altijd overtuigt. Maar met zijn puberzonen bijvoorbeeld werkt dat gewoon niet altijd zo.”

Wat de komende jaren zal helpen, is dat Van der Burg ook onder zijn politieke tegenstanders geen vijanden heeft. In de talkshow die hij presenteerde voor de lokale zender Salto, werden menigmaal gasten van SP en GroenLinks gemoedelijk ontvangen.

„Iedereen gunt Van der Burg zijn succes”, denkt Houterman. Al was het alleen maar door dat glunderende en stralende gezicht.