Geen mankement aan rampvliegtuig Tripoli

De vliegramp in Tripoli waarbij 70 Nederlanders om het leven kwamen, is niet veroorzaakt door een technisch mankement aan het vliegtuig, brand of een aanslag. Dat concludeert de Libische onderzoekscommissie in een voorlopig rapport, dat persbureau Reuters heeft ingezien.

Bij de vliegtuigcrash vlakbij de luchthaven van Tripoli kwamen ruim twee weken geleden 103 mensen om het leven, onder wie 70 Nederlanders. Het toestel was onderweg van Johannesburg in Zuid-Afrika. Alleen de negenjarige Ruben uit Tilburg overleefde de ramp.

Er zijn geen aanwijzingen gevonden dat het vliegtuig dat op 12 mei neerstortte technische mankementen vertoonde, aldus de Libische onderzoekers. Of er wel mankementen waren aan bijvoorbeeld het navigatiesysteem op de luchthaven, zoals bronnen beweren, blijft dus onduidelijk. Volgens de onderzoekers wijst verder ook niets op een explosie of brand aan boord voor de crash. De Libische autoriteiten hadden de mogelijkheid van een aanslag meteen na het ongeluk al uitgesloten.

Het onderzoek naar de oorzaak van de ramp staat onder leiding van een Libisch team. Dat wordt bijgestaan door twee medewerkers van de Nederlandse Onderzoeksraad voor de Veiligheid. De Onderzoeksraad heeft formeel een waarnemende functie. Een woordvoerder van de Onderzoeksraad zegt dat er geen commentaar wordt gegeven tijdens het onderzoek. Verder is er een team onderzoekers van Airbus uit Frankrijk. Ook enkele Amerikaanse onderzoekers deden mee, namens de leverancier van de vliegtuigmotoren.

Officieel zal pas meer bekend worden over de oorzaak van de crash als de Libische autoriteiten de vluchtgegevens uit de zwarte doos hebben geanalyseerd. Een zwarte doos bestaat uit twee onderdelen: de cockpit voice recorder en de flight data recorder. Het uitlezen van de gegevens kan weken of zelfs maanden duren.