Principeakkoord sociale partners AOW en pensioen

Werkgevers en vakbonden zijn het in principe eens geworden over een flexibele verhoging van de AOW- en pensioenleeftijd, die de komende dertig jaar kan oplopen van 65 tot boven de 68 jaar. De huidige 55-plusser wordt ontzien en kan met 65 jaar met pensioen. CDA, PvdA en GroenLinks reageerden aangenaam verrast. VVD en D66 zijn kritisch over de late start in 2020.

Dit is gisteren uit betrouwbare bronnen rondom het overleg vernomen. Het voorstel tot een pensioenakkoord, waarover de toponderhandelaars van werkgevers en bonden het eind deze week eens werden, wordt maandag besproken in de Federatieraad van de vakcentrale FNV, het overlegorgaan van de verschillende FNV-bonden. Henk van der Kolk, voorzitter van de grootste bond FNV-Bondgenoten, acht het aannemelijk dat alle bonden – ook CNV en MHP – het voorstel eerst aan hun leden in een referendum willen voorleggen. „We zullen alles op alles zetten om dit proces voor de zomervakantie goed af te ronden, zodat er een akkoord ligt waar de informateur mee aan de slag kan”, aldus Van der Kolk.

SP-leider Emile Roemer, die tegen verhoging van de AOW- en pensioenleeftijd blijft, vindt dat er te weinig rekening wordt gehouden met mensen die een zwaar beroep hebben en met mensen met een laag inkomen. „Als de FNV-top het toch steunt, reken ik erop dat de leden het akkoord van tafel zullen vegen”, zei Roemer.

Vorig jaar slaagden de sociale partners er niet in om overeenstemming te bereiken over een alternatief voor het kabinetsvoorstel om de AOW- en pensioenleeftijd op te trekken naar 67 jaar. De vakbonden stonden daarbij onder grote druk van de activistische (SP)achterban. Na de val van het kabinet eerder dit jaar, waagden werkgevers en bonden een nieuwe poging om het in ieder geval eens te worden over de aanvullende pensioenen waarvoor zij samen verantwoordelijk zijn.

In het voorstel dat momenteel op tafel ligt wordt de AOW- en pensioenleeftijd gekoppeld aan de levensverwachting. Die wordt elke vijf jaar bijgesteld. Pensioenfondsen worden nu herhaaldelijk verrast door de almaar stijgende levensverwachting, waardoor er langer pensioen moet worden uitbetaald. Door koppeling aan de levensverwachting willen bonden en werkgevers de pensioenkosten niet hoger laten oplopen dan het niveau in de afgelopen jaren.

Ook doen sociale partners pensioenfondsen de suggestie om gepensioneerden hiervoor een bijdrage te vragen. Ouderenbonden verzetten zich hier hevig tegen.

Daarnaast willen werkgevers en bonden dat de AOW wordt gekoppeld aan de verdiende lonen (inclusief bonussen, periodieken) in plaats van aan de huidige contractlonen. Dat leidt de komende tien jaar tot een hogere uitkering. Het blijft mogelijk na 2020, als de AOW-leeftijd 66 jaar bedraagt, alsnog met 65 te stoppen met werken, maar tegen een lagere uitkering (6,5 procent). Als de AOW-leeftijd in 2025 naar 67 jaar gaat, wordt de uitkering 13 procent lager voor degene die met 65 wil ophouden.

PvdA-lijsttrekker Job Cohen is ingenomen met een mogelijk pensioenakkoord en roept andere partijen op dit te steunen. Ook het CDA is positief. „We zijn blij dat iedereen nu inziet dat verhoging van de leeftijd de manier is uit de pensioenproblemen te komen”, zegt Tweede Kamerlid Pieter Omtzigt. Wel mist hij maatregelen om oudere werknemers langer aan het werk te houden.