Krokodil

Er zijn eigenlijk maar drie soorten krokodillen waar mensen voor moeten oppassen: de Amerikaanse alligator, de Nijlkrokodil en de zeekrokodil. Van de overige twintig soorten hebben we niets of heel weinig te duchten. Toch is er geen dier dat zoveel angst veroorzaakt. Dat komt door zijn tanden (tot twintig in elke kaakhelft) en de krachtige beet die met gemak een varkenskop vermorzelt. Echt fijne jongens zijn het natuurlijk niet, maar keukentrapjes maken meer slachtoffers. In het zuiden van de Verenigde Staten, waar miljoenen alligators en mensen in elkaars nabijheid leven, zijn tussen 1948 en 2004 slechts 376 aanvallen gedocumenteerd, waarvan vijftien met dodelijke afloop. Meestal moesten handen het ontgelden. In Australië is door zeekrokodillen tussen 1971 en 2004 tweeënzestig keer een hapje mens genomen. Er vielen zeventien doden.

In Nederland wordt af en toe een kaaimannetje uit een terrarium in een vijver gegooid. Wees niet bang: bij temperaturen onder de 23 graden hebben ze geen eetlust en als het water, zoals nu, kouder is dan 13 graden verzetten ze geen poot.