Heulen met de tijdgeest

Dat was een verbazingwekkend moment: aan het eind van de nabespreking van het lijsttrekkersdebat in Carré van afgelopen woensdag bleek het groepje politieke journalisten vergeten om het optreden van Geert Wilders van commentaar te voorzien. Geert Wilders! Nog maar een paar maanden terug zou het zo’n beetje de hele nazit aan het blonde fenomeen zijn gewijd, met veel van ontzag vervulde observaties over zijn politieke vernuft en meewarige kanttekeningen over een politieke elite die hopeloos de weg kwijt was. Vooraf aan het proces tegen Wilders, eind januari, waren alle commentatoren het nog over één ding eens: Wilders kon alleen maar winnen. Werd hij veroordeeld, minimaal 5 zetels erbij. Vrijspraak, eveneens een vette winst. Wie dat durfde te betwisten werd voor gek verklaard. Vier maanden later – o jee, vergeten! Wilders, wat zullen we erover zeggen? Het was pijnlijk, voor Wilders natuurlijk, maar evenzeer voor het groepje commentatoren. Het politieke commentaar op de Nederlandse televisie is inmiddels op het niveau van het voetbalcommentaar beland: gewoon lekker lang nalullen, het maakt niet uit wat je zegt, morgen is iedereen het toch weer vergeten. „Femke was goed als altijd, maar niet beter dan goed als altijd en dus niet goed genoeg.” Zet een paar kerels om een tafel met een camera erop en ze troeven elkaar af in wereldwijsheid. De een laat zien dat hij het politieke spel net iets beter begrepen heeft dan de ander, nog net even iets verder achter de schermen kan kijken dan zijn collega’s. „Vergis je niet in Balkenende, die komt op het laatste moment altijd sterk terug.’’ En Maurice de Hond iedere dag een poll, dat zwengelt de discussie leuk aan.

Politici die voor de camera geconfronteerd worden met tegenvallende peilingen, proberen dat doorgaans af te doen met het meewarige „het zijn maar dagkoersen”. Ze vergeten dat er in de Nederlandse politiek alleen nog maar dagkoersen zijn. Iedereen is zwevend, de politici, de kiezers, maar ook de commentatoren. De analyse is allang onderdeel van het spel geworden. Iedereen wil meedoen. Tussen politici en degenen die hen dienen te beschouwen wordt de hele dag druk heen en weer getwitterd. De lijsttrekker van GroenLinks zit virtueel bij de hele politieke pers op schoot.

Femke Halsema, twitterend voor het oog van de natie: „Trouwens, wat is er gebeurd bij Netwerk?”

Ik zou het niet weten, Femke. Ga je vandaag nog iets leuks doen?

Dat door al dat getwitter en gekwetter de grote thema’s aan het zicht worden getrokken, ach. Dat de duiders van de media eerst maar geen genoeg van Wilders leken te krijgen en nu nog net niet beginnen te gapen wanneer hij weer eens over massa-immigratie begint, schreeuwt om een analyse, maar misschien toch eerder om een analyse van de kletsende klasse dan van het afgedankte fenomeen Geert Wilders.

Het commentaar is overal. We zijn erdoor omringd, ieder moment van de dag. We krijgen 24 uur per dag nieuws en nieuwtjes voorgeschoteld en al dat nieuws wordt vrijwel meteen beschouwd. Wat zegt het? Wat betekent het? Toen begin deze maand de Dodenherdenking op de Dam verstoord werd door een schreeuw van een gekke zwerver en er in de daaropvolgende paniek zestig gewonden vielen, moest er meteen geduid worden. Wat zegt dit over Nederland?

Mijzelf schoot even niets te binnen, behalve dat ikzelf, was ik ter plekke geweest, het ongetwijfeld op een lopen gezet zou hebben – de aanslag op Koninginnedag 2009 nog vers in het geheugen, plus het bericht in diezelfde week van de bom op Times Square in New York. Al die dingen in overweging genomen, moest je wel concluderen dat de bezoekers op de Dam die probeerden weg te rennen, bij uitstek rationeel gehandeld hadden.

Kortom, er viel bar weinig te duiden. Toch verschenen er heel wat stukken over een natie die hysterisch was geworden en een volk dat in de permanente greep van de angst verkeert, enzovoort. Het incident moest iets betekenen.

Schiet ik mezelf nu in mijn eigen voet? Ik ben niet vies van een potje beschouwen, ook ik raak om de twee weken op deze plek bevangen van duidingdrift. Maar die cultuur van commentaar kan snel perverse trekjes krijgen. Iedere beschouwing is een poging om houvast in het moment te vinden, je doet een stapje terug om te kunnen zien wat er werkelijk aan de hand is. Dat is even uitdagend als lastig en riskant; het is voor een mens vrijwel onmogelijk te zien waar hij op het moment zelf in verwikkeld is. Iedere tijd kent zijn heersende gedachten en geloofsartikelen die achteraf bekeken onzinnig of irrelevant blijken te zijn.

Kijk je terug, dan zie je het meteen. Het is niet moeilijk om af te rekenen met de verdwaasde noties van de jaren 60, 70, 80 en 90. Het is oneindig veel moeilijker om de preoccupaties van nu tegen het licht te houden. Geert Wilders beweert dat hij degene is die het grote gevaar van deze tijd in het vizier heeft, terwijl zijn tegenstanders hem als het grote gevaar zelf zien. Wie erachter wil komen hoe het echt zit, steekt onherroepelijk zijn nek uit – je kunt er achteraf beschouwd fors naast zitten.

Het mooiste voorbeeld komt uit het boek van de Britse historica Margaret MacMillan over het bezoek van Richard Nixon aan China in 1972, toentertijd een doorbraak in de internationale politiek. De Amerikaanse president en zijn nationaal veiligheidsadviseur Henry Kissinger hielden de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken, William Rogers, zorgvuldig buiten de diplomatieke onderhandelingen met de Chinese machthebbers, omdat ze de touwtjes zelf in handen wilden houden. Toen Rogers daartegen protesteerde, gaven ze hem als zoethoudertje een handelsmissie – in de overtuiging dat de handel tussen Amerika en China toch nooit iets zou voorstellen.

Een ieder is kind van zijn tijd. Maar dat wil niet zeggen dat je geen serieuze poging kunt doen om het heden te doorgronden. De uitzending van Zembla over het gevaar dat Wilders heet was een staaltje van analyse dat het dagelijkse rumoer niet oversteeg. De uitzending van Reporter afgelopen week over het Italië van Berlusconi en diens al te warme betrekkingen met Balkenende probeerde duidelijk te maken wat tot dan toe aan het oog onttrokken was. Daar gaat het om. Wanneer commentaar en analyse verwordt tot lui heulen met de tijdgeest, maakt het de eigen tijd alleen maar onbegrijpelijker. @FemkeHalsema vind je ook niet? #zomaareenvraag.

Wilt u reageren? Dat kan op nrc.nl/heijne