VS: diplomatie boven aanval

De Amerikaanse president Barack Obama wil ten behoeve van de nationale veiligheid in de VS meer inzetten op internationale diplomatie en samenwerking, en partnerlanden helpen bij de versterking van hun defensie. Tegelijkertijd sluit Obama preventieve aanvallen en eenzijdige militaire acties bij dreigingen niet uit.

Dat zijn enkele hoofdlijnen van Obama’s eerste National Security Strategy, het meerjarenbeleid voor de nationale veiligheid van de VS dat gisteren openbaar is gemaakt. Met dit nieuwe beleid onderscheidt Obama zich van zijn voorganger, George W. Bush, die zich concentreerde op de strijd tegen het internationale terrorisme – al heeft Obama de troepenmacht in Afghanistan eind 2009 met 30.000 militairen versterkt en zijn aanvallen met onbemande vliegtuigjes geïntensiveerd.

De VS zouden hun leidende rol in de wereld alleen kunnen vasthouden als ze erkennen dat de huidige dreigingen breder en diverser zijn dan alleen terrorisme. Voor het eerst wordt ook economische stabiliteit als een garantie voor de binnenlandse veiligheid van de VS genoemd. Genoemde bedreigingen zijn verder onder meer terroristen van eigen bodem, cyber-terroristen en de gevolgen van klimaatverandering.

Militaire concurrentie ervaren de VS niet, de regering erkent wel de opkomst van andere grootmachten in de wereld, zo staat in de strategie. De recente aanwijzing van de G20 met onder meer China, India en Brazilië als belangrijkste internationale overlegorgaan voor de wereldeconomie, in plaats van de G8 van acht rijke industrielanden, onderstreept dit besef, aldus hoofdauteur van het rapport, Ben Rhodes.

De optie van eenzijdige militaire actie verbindt Obama aan de voorwaarde van brede internationale steun van bijvoorbeeld de NAVO en de VN-Veiligheidsraad. Ook bestrijding van „gewelddadig extremisme” blijft onderdeel van het veiligheidsbeleid – de term ‘islamitisch’ wordt in het rapport niet genoemd. (AP)

De National Security Strategy 2010 is te lezen via nrc.nl/buitenland