Viertal uit Nederlandse competitie komt tekort

Bondscoach Van Marwijk maakte gisteren vier afvallers bekend waardoor de selectie van 23 spelers voor het WK nu vaststaat. „Engelaar en Schaars zaten dicht bij elkaar.”

Orlando Engelaar reageerde gisteren van de vier afvallers het meest teleurgesteld toen bondscoach Bert van Marwijk hem meedeelde dat hij niet behoort tot de selectie van het Nederlands elftal voor het wereldkampioenschap voetbal in Zuid-Afrika. Ook Ron Vlaar, Vurnon Anita en Jeremain Lens kregen de jobstijding te horen in een hotel in Freiburg, kort voor de terugkeer naar het trainingskamp in Seefeld. Allemaal spelers uit de Nederlandse competitie. Hun WK-droom is verleden tijd. Van Marwijk had zelf eveneens veel moeite met het afscheid nemen van verdedigende middenvelder Engelaar die op het recente Europees kampioenschap voetbal in 2008 zelfs nog een basisplaats had onder de toenmalige bondscoach Marco van Basten. Stijn Schaars (AZ) kreeg de voorkeur boven de PSV’er.

Van Marwijk kon de ontgoocheling bij Engelaar begrijpen. „Engelaar en Schaars zaten heel dicht bij elkaar”, aldus de bondscoach. „Het is mijn verantwoordelijkheid, maar we hebben unaniem gekozen voor Stijn.”

De technische staf van Oranje heeft ook lang gedubd om voor de positie van linksback Anita of Edson Braafheid op te nemen in de definitieve groep van 23 spelers. De laatste kwam bij zijn club Celtic dit seizoen weinig aan spelen toe. Daarom gaf Anita zichzelf wel een kans. „Ik ben teleurgesteld, maar ik moet dit accepteren”, zei de Ajacied. „Ik heb de afgelopen weken als stagiair mogen meetrainen met het Nederlands elftal en mijn debuut gemaakt [tegen Mexico]. Daar kon ik begin dit seizoen alleen van dromen.” En Van Marwijk: „Anita heeft een leerzame periode achter de rug. We hebben tot diep in de nacht gediscussieerd. Vurnon kan alleen als back spelen, Braafheid ook in het centrum van de verdediging.”

Over de nieuwe PSV’er Jeremain Lens was Van Marwijk duidelijk: „Hij komt nog tekort ten opzichte van zijn concurrenten Ryan Babel, Eljero Elia en Arjen Robben.”

Nog meer voor de hand lag het vertrek van Vlaar. Hij raakte dinsdag geblesseerd aan een hamstring, die hem bij Feyenoord in de slotfase van het seizoen al parten speelde. Na zijn desastreuze laatste interland in 2005 tegen Italië, toen spits Luca Toni hem zijn wil oplegde, scoorde en de huidige Feyenoorder in paniek zelfs een eigen doelpunt maakte, heeft de centrale verdediger nu weer een teleurstellende ervaring met Oranje. En krijgt hij wederom niet de kans die ‘schande’ van toen uit te wissen. Op de trainingen bleek al dat hij moeite had met het niveau en de handelingssnelheid. In de dagen voordat de kwetsuur zich weer openbaarde, had hij het idee „langzaam zijn draai te vinden.” De 25-jarige Noord-Hollander meende zich aan het hoge niveau van de selectie te kunnen optrekken. „Het ging elke dag beter, maar het begin was moeizaam”, erkende hij.

Dat had veel te maken met de voorgeschiedenis. Vanaf zijn 22ste speelde Vlaar eveneens 22 maanden geen voetbal doordat twee keer een kruisband afscheurde in zijn knie. De tweede maal was precies een jaar later. Pas dit seizoen maakte Vlaar zijn rentree, onder meer met een gedenkwaardig doelpunt van eigen helft tegen Harkemase Boys, dat nog steeds op YouTube is te bewonderen.

Ondanks zijn goede optredens bij Feyenoord en zijn terugkeer in de selectie van het Nederlands elftal, kon Vlaar dit seizoen slechts één keer per dag trainen. „Dat heb ik in overleg met de medische staf gedaan om de belasting niet te groot te maken”, aldus de oud-speler van AZ. „Ik kon met Feyenoord bijna alle wedstrijden spelen. Ik heb tijdens mijn revalidatie in Zeist bij de KNVB getraind. Er veel energie ingestopt. Ik wist dat die knie zich goed zou houden, maar fysiek gezien had ik twee jaar stil gestaan. Na de winterstop ben ik met onze conditietrainer Toine van den Goolberg krachttraining gaan doen. Mijn explosiviteit moet nog verbeteren. Desondanks had ik nooit verwacht dat ik dit seizoen zover zou komen.”