Toekomst Europa op het spel

De Europese Unie is nog nooit zo eendrachtig opgetreden. De lidstaten hebben gezamenlijk een krachtige verdediging van de eenheidsmunt van de regio op poten gezet. Maar de EU is ook nog nooit zo dicht bij een uiteenvallen geweest, verdeeld als zij is door de spanningen tussen meer en minder begrotingstechnisch verantwoordelijke en economisch succesvolle landen. Het lot van de unie kan één van de twee volgende precedenten volgen, met zeer verschillende uitkomsten.

Precies honderdvijftig jaar geleden, op 27 mei 1860, begon Giuseppe Garibaldi aan de belegering van Palermo. De stad was de hoofdstad van het Koninkrijk van de Twee Sicilië’s, dat zes eeuwen lang vrijwel in dezelfde vorm was blijven voortbestaan. Het grootste deel van de gevestigde orde in die tijd, inclusief de paus en keizer Napoleon III van Frankrijk, wezen het idee van een Italiaanse natiestaat van de hand.

De romantische nationalist Garibaldi bewees dat ze het bij het verkeerde eind hadden. Italië werd verenigd onder de in Turijn residerende koning van Sardinië. Grote regionale verschillen in geschiedenis, economie en cultuur werden verkleind door de stroom van mensen van zuid naar noord, en van overheidsgeld en bureaucratie in omgekeerde richting. Het verenigde Italië bleef in leven en heeft gebloeid.

Het minder optimistische precedent is Joegoslavië. Het land werd na de Eerste Wereldoorlog geschapen als uitbreiding van het koninkrijk Servië. De sterke Slavische etnische identiteit zorgde ervoor dat het slechts iets minder waarschijnlijk was dat het als natie zou slagen dan in het geval van Italië. En de zes decennia na de stichting leken de volkeren van Joegoslavië flinke vooruitgang te boeken op de weg naar eenheid.

Maar dertig jaar geleden, na de dood van maarschalk Tito in mei 1980, stortte alles heel snel in. Zonder de autocratische leider bleek het Servische nationalisme, waarvan men dacht dat het was uitgebannen, een sterke verdelende en verwoestende kracht.

De laatste twee millennia van de Europese geschiedenis lijken eerder Joegoslavisch dan Italiaans. Maar de afgelopen halve eeuw was Italiaanser, geholpen door de steeds grotere bewegingsvrijheid van ideeën, geld en mensen.

Voor de toekomst hangt veel af van het collectieve geheugen van de regio, een term die werd gemunt door de Franse – of is het Europese? – socioloog Maurice Halbwachs. Europeanen kunnen ervoor kiezen hun geschiedenis te lezen als een onvermijdelijke beweging in de richting van eenwording. Als zij dat doen, kunnen Athene en Berlijn net zo dicht bij elkaar blijken te liggen als Turijn en Palermo.

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen: www.breakingviews.com