Klatergoud vult de zee van tijd op

Het zou weer lekker misgaan in Sex and the City 2.

Maar de tegenvallers zagen ze vroeger zelf al van mijlenver aankomen.

Het komt door de setting, denk ik eerst nog. Half elf ’s ochtends, een lomp kantoor aan een snelweg, een zaaltje met zo’n twintig weinig uitgelaten collega-journalisten. De film had wel héél goed moeten zijn om me hier in vervoering te kunnen brengen.

Maar nee. Met Sex And The City 2, het tweede bioscoopvervolg op mijn meest favoriete tv-serie aller tijden, is iets grondig mis. Wat ik uit de opgewonden voorpubliciteit aan plotwendingen had kunnen destilleren klonk veelbelovend: het zou weer lekker misgaan. Ik gun Carrie, Samantha, Charlotte en Miranda veel voorspoed, natuurlijk, maar ook weer niet té veel; hun worstelingen en tegenslagen zijn minstens even belangrijk. Het was leuk dat Charlotte in de eerste film eindelijk in verwachting raakte, dat Miranda Steve z’n slippertje vergaf en dat Carrie na jarenlang jagen kon trouwen met Mr. Big, maar nog leuker was het toen een briesende Samantha haar jonge minnaar met sushi bekogelde en haar biezen pakte, de vrijheid tegemoet.

Zo zie ik deze vier het liefst: koppig, weerbarstig, altijd bereid om ballonnen van ogenschijnlijke perfectie door te prikken.

In deel 2 wordt echter weinig meer doorgeprikt. De vier vriendinnen lijken nu te worden overrompeld door tegenvallers die ze vroeger zelf al van mijlenver hadden zien aankomen. Carrie vindt haar huwelijk saai omdat Big het liefst elke avond op de bank voor zijn breedbeeld blijkt te liggen; Charlotte vindt het moederschap moeilijk omdat haar jongste kindje zoveel huilt; Miranda ontdekt dat een carrière ook niet alles is; Samantha kampt met de ongemakken van de menopauze.

Tja.

Dit simpele doortrekken van verhaallijnen was nog te pruimen geweest als het was omlijst met de snappy, heldere dialogen uit de tv-serie, maar de personages lijken met de jaren naïever en trager te worden. De nog altijd uitstekende actrices acteren soms bijna in slowmotion, alsof ze van achter de camera zijn aangespoord met: „Rustig nou! Dat kan lang-za-mer!”

De zee van tijd die overblijft (de film duurt 146 minuten, één minuut langer dan deel 1. Waarom ging dat zoveel sneller voorbij?) wordt opgevuld met camp en klatergoud. De makers van SATC, onder wie de ook als producent optredende hoofdrolspeelster Sarah Jessica Parker, plegen te zeggen dat de kleding de „vijfde hoofdpersoon” is; eerder was dat de stad New York, maar die wordt nu deels verruild voor een sprookjesachtig Abu Dhabi. Ruim baan voor de kleding dus, met shots die als enige functie hebben om een pump, een jurk of een tas in beeld te brengen. Styliste Patricia Field bewees eerder (in de SATC-tv-serie, maar ook in films als The Devil Wears Prada) hoe slim en fantasievol ze met mode een verhaal kan ondersteunen, maar dan moet er wel een verhaal zijn. Zonder goed script en met een budget van naar verluidt 10 miljoen dollar tot haar beschikking, is het effect van Fields inbreng opeens niet meer grappig, maar grotesk.

En Sarah Jessica Parker – op het gevaar af dat ik me hierbij schuldig maak aan de leeftijdsdiscriminatie die de SATC-films juist zo expliciet bestrijden, waarvoor dank – wat is die inmiddels moeilijk om naar te kijken, zo lang en van zo dichtbij. Ook dat kan aan het script liggen – Carrie’s gezucht, gepeins en gestaar naar plafonds vanaf decadent dikke kussens heeft nu als voornaamste oorzaak dat zij zich verveelt. En een 45-jarige die zich verveelt en dus veel zucht en vermoeid kijkt, ja, dat verveelt. Het maakt Parker stukken onaantrekkelijker dan in haar andere recente films, zoals het vederlichte Did You Hear About the Morgans? Deze verwende, lamlendige Carrie is niet de Carrie die ik wil onthouden.

Candace Bushnell, de schrijfster wier columns ooit de basis van de serie vormden, keert in haar laatste boek The Carrie Diaries juist terug naar de tijd waarin het allemaal begon: Carrie’s middelbare schooltijd in een slaapstadje in de provincie, waar zij anoniem scherpe verhalen schrijft voor de schoolkrant, teleurgesteld wordt door haar eerste foute man en droomt van een mooier, groter leven. Deze Carrie klopt: eigenzinnig, brutaal, wars van regels over hoe een meisje zich zou moeten gedragen. Bushnell is nog altijd geen verfijnd stylist, maar The Carrie Diaries zijn vermakelijk en snel.

En de film? Misschien ben ik te streng en moet ik hem nog eens zien, geflankeerd door kletsvriendinnen en met minstens één Cosmopolitan op. Parker kondigde deel 2 in een persconferentie aan als een „klucht”, een luchtig tegenwicht voor de zwaarte van deel 1. Schrijver en regisseur Michael Patrick King zei dat hij vrouwen in deze tijden van crisis vooral een paar uur extravagante ontsnapping wou bieden. Misschien laten ze zich wel weer paaien, met miljoenen tegelijk.

Sex and the City 2

Regie: Michael Patrick King. Met: Sarah Jessica Parker, Kristin Davis, Cynthia Nixon, Kim Cattrall, Chris Noth, Liza Minnelli, John Corbett. In: 113 bioscopen. **