Een 'Figaro' in een Hollandse wietplantage

Opera Le nozze di Figaro door Opera Zuid en Brabants Orkest o.l.v. Dirk Vermeulen. Regie: Sybrand van der Werf, Nynke van den Bergh, Robin Coops en Ilmer Rozendaal. Gezien: 22/5 Eindhoven. Herh.: t/m 19/6; 6/7 Concertgebouw Amsterdam (semi-scènisch). Inl.: operazuid.nl ***

Opera Zuid begon ooit met Mozarts Le nozze di Figaro. Daarmee werd vervolgens ook het 10-jarig bestaan gevierd, en nu dus het 20-jarig bestaan. Na de conventionele producties van Giles Havergal en Mike Ashman maakten dit keer vier regisseurs en theatermakers en een choreograaf een eigentijdse voorstelling. Het decor bestaat uit serres en plantenkassen. Soms zijn die voorzien van eigentijdse luchters, want het verhaal moet wel in elitaire kringen blijven spelen.

Opera Zuid doet erg opgewonden over het wegpoetsen van de museale waarde van de complexe opera, over de gelaagdheid, over het mozaïek van karakters en over het belichten van de nevenverhalen rond het mislukkende grafelijke overspel met Figaro’s bruid Susanna. Maar het is nauwelijks anders dan wat we zo vaak zien sinds de Mozart-opera’s in moderne Amerikaanse setting van Peter Sellars uit de jaren tachtig.

Typisch Nederlands en jaren nul is dat de oranjerie van de graaf een hennepplantage is. Zou hier Nederwiet worden gekweekt of Wiener wiet? De tuinman is in ieder geval „zo stoned is als een garnaal”. Want ook de boventitels zijn eigentijds: Figaro is volgens de graaf een „lulhannes”.

Het stuk is gestroomlijnd door het schrappen van de altijd geestige dubbele verstopscène in de eerste acte, en het weglaten van wat aria’s, die soms extra reliëf zouden hebben gegeven aan de personages, zoals Marcellina. De rollen van de tuinman en Barberina zijn weer flink opgewaardeerd door hen op de achtergrond in de handeling te betrekken.

Het ingewikkelde verhaal wordt begrijpelijk verteld, maar ook opgetut met zelf verzonnen onzin. Zoals de dubbelganger van Cherubino, die Susanna onzedelijk betast. Het blijft onduidelijk of hij ‘de andere kant’ is van de oversekste Cherubino, en het dus met elke vrouw wil aanleggen. Dramatisch heeft het weinig belang.

Voor het overige is het een plezierige, soms kluchtige voorstelling waarin leuk wordt geacteerd, vooral door Mark Omvlee (Basilio en Curzio). Martijn Sanders is als Figaro niet het slimste type, hij lijkt nogal op Manuel uit de tv-serie Fawlty Towers. Willem de Vries is in driedelig pak en met horlogeketting een ouderwetse graaf, wel in de weer met een kettingzaag.

Het beste van de voorstelling is de echt prachtige zang van Johanni van Oostrum (gravin), Karin Strobos (Cherubino) en Kim Savelsbergh (Susanna). Zij geven extra glans aan het slotensemble Contessa perdono, een van de mooiste uit de operahistorie: de culminatie van mededogen en vergeving die de toeschouwer doet smelten.