Een 'bazaarberg' tegen de verloedering

Uit de plannen die de genomineerden voor de Prix de Rome maakten voor een plein in Amsterdam-West, straalt idealisme: stedenbouw als medicijn tegen sociale problemen.

Tot ver buiten Amsterdam staat het August Allebéplein in Slotervaart symbool voor moderne stedelijk narigheid. Gewelddadige confrontaties hebben er plaatsgevonden tussen allochtone jongeren en politie; in 2006 stak een jongen een politieagente dood en werd zelf doodgeschoten; met Oud en Nieuw 2007 bestormden jongeren het politiebureau. De opdracht voor de architecten die dit jaar meedingen naar de Prix de Rome, is dan ook nadrukkelijk sociaal van aard: geef het Allebéplein zijn gemeenschapsgevoel terug.

Uit de 103 inzendingen heeft de jury van voorzitter oud-NAi-directeur Aaron Betsky een shortlist van vier gekozen, die in Amsterdams architectuurcentrum Arcam te zien zijn. Van parkeergarages tot hamams, van waterzuivering tot woonblokken van zestig meter hoog, van slingerende bomenlanen tot een ‘bazaarberg’ – geen middel blijft onbeproefd.

Van de vier genomineerden zoeken er twee het vooral in een groen netwerk. In hun verfrissend originele ontwerp leggen Johan Selbing en Anouk Vogel – winnaars van de prijsvraag voor nieuw meubilair voor het Vondelpark – een bomengordel aan die slingerend de openbare ruimten van de wijk met elkaar verbinden. Magnolia, eik, kers en kastanje: de boomsoort vertelt je waar je bent. Voor de winkels bouwen ze half verzonken bergingen, en met de opgegraven aarde maken ze tussen de bomenrijen een landschap met heuvels. Liefst leggen ze die boomgordel als een netje over heel Slotervaart, Osdorp en Geuzenveld. Jeroen Spee en Jeroen Steenvorden halen het plein uit zijn isolement met een nieuw netwerk voor fietsers en voetgangers. Ze leggen ook een „verhalende route door de nieuwe tuinstad”, een aaneenschakeling groen ruimtes als een bomentunnel, een moskeetuin, een bibiotheek- en een watertuin.

Thijs van Bijsterveldt en Oana Rades herschikken de bebouwing en voegen gebouwen toe, zoals twee hoge woonblokken, een wigvormig gebouw aan de sportvelden en het nieuwe type van het ‘pleingebouw’: onder het gebouw overdekte ruimte voor grote culturele bijeenkomsten, in de ‘poten’ zitten een islamitisch centrum, de voormalige bioscoop en zalen voor bruiloften en conferenties.

Olv Klijn legt in zijn plan een heuvel aan rond het metrostation om dat beter met het plein te verbinden; daarop bouwt hij een ‘bazaarberg’ met drie lagen parkeren en winkels met woningen erbovenop. Klijn heeft zich ook beziggehouden met het watersysteem. Aan één kant van het plein kiest hij een technologische oplossing waarbij het water in een bassin wordt gezuiverd, aan de andere kant een ecologische waarbij het water in begroeide vijvers in de binnenhoven stroomt. Een van de bestaande gebouwen aan het plein verandert hij in een watercentrum met daarin een hamam, een duikclub en een aquarium.

De genomineerden strooien de hele gereedschapskist van de 21ste-eeuwse stedenbouwers uit over dat mismoedige plein. Duidelijk wordt voor welke onmogelijke taak de stedenbouwer staat, en dat hij aan grote verwachtingen moet beantwoorden. Nederland heeft een idealistische traditie in het oplossen van sociale problemen met fysieke maatregelen – zie de herstructureringsoperatie van de afgelopen jaren, waarin met bouwen en slopen wordt geprobeerd tolerantie en cohesie te bereiken.

De winnaar wordt 8 juni bekendgemaakt.

T/m 3 juli Arcam, Amsterdam. Inl www.prixderome.nl .