Sprak de eerste mens als een Bosjesman?

Vanaf 1871 noteerden Duitse filologen de verdwijnende /Xam-taal.

Geleidelijk drongen de Duitsers door in de wereld van de Bosjesman .

Het is de zomer van 1870. Tien mannen, de een wat jonger en gespierder dan de ander, poseren voor een fotograaf in de Breakwater Station-gevangenis te Kaapstad. Het bovenlijf ontbloot, de benen en voeten bedekt met broek en schoenen. Geen misdaadfoto van voren en opzij, die waren er al wel van enkelen afzonderlijk gemaakt, maar gewoon een groepje mannen dat daar zit.

Het is een zegen dat ze gevangen werden genomen. Want waar we hier mee te maken hadden, was de laatste generatie /Xam-bevolking die de oorspronkelijk taal nog sprak. Al eeuwen hadden ze zo’n 900 kilometer boven Kaapstad gewoond, in een gebied waar niets, maar dan ook helemaal niets veranderd leek.

Ze zaten in de weg, eigenlijk al sinds 1860, en moesten plaatsmaken voor kolonisten die wel iets aan de ruimte wilden veranderen. Voor mensen die wel vooruitgang wilden brengen. Want als één ding duidelijk was, dan was het wel dat de /Xam-bevolking geen enkel benul had van tijd. Die was namelijk gewoon stil blijven staan.

Velen van deze laatste /Xam-generatie werden meteen aan een boom opgehangen, anderen stierven de hongerdood. Maar een tiental mannen zat dus in die gevangenis. Het bleek een ideale gelegenheid voor de Duitse taalkundige Wilhelm Bleek en zijn schoondochter Lucy Lloyd de mannen eens beter te onderzoeken. Het was immers een tijd waarin gezocht werd naar de oorsprong van van alles. Schedelmeting, lengte, aantal tenen: alles werd bekeken. Als deze mensen al eeuwen op die vlakte gewoond hadden, en zich niet ontwikkeld hadden: zou het dan zo kunnen zijn dat ze de oertaal spraken – The Origin of Languages? En als dat niet zo was, dan kon de taal in ieder geval iets zeggen over de ontwikkeling van de mens. Hoe dit onderzoek vorm kreeg is te zien in de prachtige documentaire The Broken String.

De vraag naar de oorsprong bleek fascinerend genoeg om de ziekelijke Bleek, lijdend aan tbc en dus niet al te lang meer te leven, een /Xam te ‘gunnen’ die hij verder mocht onderzoeken. Het is de jonge /A!kúnta (ook wel Klaas Stoffel genoemd omdat dat beter bekte) die op 16 februari 1871 in huize Bleek wordt opgenomen. De jongen is ziek, krijgt een flanellen shirt en wat eten. Hij leert Bleek en schoondochter enkele begrippen van de /Xam-taal. Zinnen en woorden die de Bleeks zouden opschrijven in in totaal 150 notitieboeken, meer dan 12.000 pagina’s. Het zijn niet de meeste lieflijke zinnen die aanvankelijk aan de westerse mens geopenbaard worden. Ze zitten vol geweld: „Ik sla je”, „Ik sla mijn kind” en vele varianten daarop. Terwijl /A!kúnta zijn verhalen vertelt, krijgt hij steeds meer heimwee naar waar hij vandaan komt en vertrekt hij als in oktober 1873 zijn straftijd erop zit .

Ondanks het vertrek van /A!kúnta, die een matig verteller was, is de interesse in de taal niet geluwd. Sterker nog, ze is aangewakkerd. Achter de woorden moet meer zitten: een geschiedenis die niet alleen de oorsprong van de woorden verklaart, maar ook de oorsprong van de /Xam-mens.

Een nieuwe tocht naar de gevangenis wordt ondernomen, en de keuze valt deze keer op een wat oudere man. //Kabbo (ook wel Oud Jantje Tooren genoemd, maar //Kabbo betekent ‘droom’) heet hij, gevangen gezet omdat hij vee had gestolen. Deze 60-jarige blijkt een indrukwekkend verteller te zijn, die al snel begrijpt dat zijn verhalen zijn cultuur voor de teloorgang kunnen behoeden. Uit zijn verhalen blijkt ook dat de eerste mens een Bosjesman was, die al rondliep in een tijd dat de dageraad nog uitgevonden moest worden (in The Beagle-aflevering zondag wordt dat nog maar eens bevestigd). Dat ging als volgt: voordat het daglicht ontstond, was de zon een man die tamelijk egocentrisch alleen zijn eigen kleine gebiedje verlichtte. Wanneer hij op een dag door kinderen in zijn nekvel wordt gegrepen, gooien ze hem in de lucht waar hij blijft hangen. Vanonder zijn oksels geeft hij licht, dat de gehele aarde verwarmt. Op de momenten dat hij zijn armen laat zakken, wordt het weer donker, wanneer hij zijn armen weer verheft, breekt de nieuwe dag aan.

//Kabbo had de Bleeks meer te bieden dan /A!kúnta, maar ook voor hem gold: hoe meer hij vertelde, des te meer hij terugverlangde naar de wortels van zijn bestaan. Hij mist vrouw en kind en verklaart aan de Bleeks over de situatie waarin hij terecht is gekomen: „Ze bezitten mijn verhalen niet, ze spreken mijn taal niet.” Hij vertrekt en sterft een jaar later.

De honger naar kennis van de Bleeks is verder toegenomen. Een derde gevangene wordt gebracht – een man die in 1869 de blanke kolonist Jacob Kruger heeft vermoord. De Bleeks hebben hun bedenkingen: de nieuwsgierigheid is groot, maar om nu een moordenaar in huis te halen, dat gaat wellicht wat ver. Toch komt in december 1873 Diä!kwain aan. Een man met meer haar op zijn hoofd dan de andere twee en een vriendelijk gezicht. Het klikt, vrij goed zelfs. De man die Jacob Kruger vermoordde, krijgt een eigen puppy en vertelt over zijn dromen, verlangens en het leed dat de trekboeren hadden aangericht. Vlak voor het overlijden van Wilhelm Bleek vertelt hij over de ondergang van zijn volk, een verhaal dat de familie later zal koppelen aan de dood van Wilhelm.

Het is opmerkelijk dat hij zijn voorgeschiedenis vertelt aan blanke kolonisten. Aan hen die nota bene getornd hadden aan het tijdsbesef door een afgebakende strafperiode te plaatsen tegenover de tijdsbeleving van Diä!kwain. Het was uiteindelijk vooral de liefde voor Diä!kwain in huize Bleek waardoor de interesse in /Xam-mensen toenam. Een interesse die voor de Bleeks onontbeerlijk bleek te zijn om de verhalen van de /Xam-bevolking te begrijpen. Van taalkundig materiaal waren de Bosjesmannen veranderd in eerst antropologisch materiaal en daarna in een verhaal van individuen. En dan blijkt uiteindelijk wat /Xam was: „De zeer succesvolle interactie van mens en onherbergzame omgeving.” Mens, verbeelding en geschiedenis komen samen in taal, landschap, verhalen. Maar helaas: de taal verdween en de Bosjesmannen zelf zijn vandaag de dag teruggebracht tot een aantal van 25.000 dat alleen nog leeft in de Kalahariwoestijn.

Net als zijn voorgangers vertrok ook Diä!kwain. Hij deed dat vrij snel na de dood van Wilhelm. Ook hij werd door heimwee geleid. Maar terugkeren zou hij nooit: nog niet erg lang onderweg werd hij neergeschoten door kolonisten die de moord op Jacob Kruger wreekten. Want de kolonisten mochten dan meer benul van tijd hebben, wat er enkele jaren geleden gebeurde stond ze bij als de dag van gisteren.

The Broken String van Saskia van Schaik, Het Uur van de wolf, 28 mei, Ned. 2, 22.55u.