Kampioen theedrinken

Het eerste televisiedebat tussen de vier potentiële premiers van Nederland liet nog eens duidelijk zien met welk etiket Geert Wilders Job Cohen probeert belachelijk te maken: met (Nederlands) kampioen theedrinken.

Wilders had dit al eerder over Cohen gezegd en hij zal het hoogstwaarschijnlijk nog vaak herhalen, want de kracht van dit soort etiketteringen zit juist in de herhaling.

Wouter Bos één keer een draaikont noemen zou een slip of the tongue kunnen zijn. Hem honderd keer met nadruk zo betitelen, zoals het CDA heeft gedaan, is wel degelijk effectief. Of het inhoudelijk nu klopt of niet, een stempel is gezet.

De vraag is of (Nederlands) kampioen theedrinken net zo effectief zal blijken te zijn als draaikont.

Ik denk het niet. In de eerste plaats roept het woord kampioen, zonder verdere toevoegingen, positieve associaties op. Als kampioen ben je ergens heel goed in, steek je met kop en schouders boven al je concurrenten uit en daar dromen we allemaal weleens van.

Theedrinken lijkt me ook niet verkeerd. De meeste Nederlanders drinken dagelijks een kopje thee. Dat doen ze omdat ze het lekker vinden, niet omdat ze dagelijks even willen vaststellen wat een walgelijk slap drankje dat toch eigenlijk is. Een drankje dat bovendien niet inheems is, maar uit emigratielanden komt, bah!

Cohen is volgens Wilders niet zomaar een kampioen theedrinken, maar kampioen theedrinken… met allochtonen. Het idee achter dergelijke etiketteringen is dat ze meteen, het liefst bij iedereen, negatieve associaties oproepen, maar ik betwijfel of dat hierbij het geval is.

We stellen ons twee situaties voor. Cohen komt als burgemeester thuis bij allochtonen. Die bieden hem een kopje thee aan, als teken van gastvrijheid.

Moet Cohen daar boos om worden? Gaan roepen: „Zijn jullie besodemieterd, dit is Nederland, Ne-der-land, pas je aan, hier drinken wij uh..., onze nationale drank is...”

Melk, bier, limonade?

Situatie twee. Cohen ontvangt allochtonen op het Amsterdamse stadhuis. „Wilt u iets drinken?” „Thee? Bent u helemaal knettergek geworden! Het moet niet gekker worden.”

Nederland mag dan de afgelopen jaren verhard zijn, ik denk dat enkele basisregels voor beleefdheid en gastvrijheid intact zijn gebleven, en daarin passen bovenstaande situaties niet, zelfs niet voor de fanatiekste PVV’ers.

Om kampioen tot een effectief scheldwoord te maken, moet je er iets negatiefs achter plakken, niet zoiets neutraals als theedrinken. Kampioen ouwehoeren. Kampioen ondaadkrachtig. Kampioen pappen en nathouden.

Geert Wilders heeft het verkeerde etiket gekozen. Een onbegrijpelijke fout voor een kampioen volksmennen.