Een tennistoernooi dat ook in 2040 nog meekan

Roland Garros kan in zijn huidige vorm niet veel langer bestaan. Afgelopen weekend presenteerde de Franse tennisfederatie plannen om het toernooi uit te breiden.

„Ben je er klaar voor om tegen Mickey Mouse te spelen?” Aan de vooravond van Roland Garros 2010 keek Roger Federer een Franse tennisverslaggever niet begrijpend aan. „Waarom zou ik tegen Mickey Mouse spelen”, wilde de Zwitserse ranglijstaanvoerder weten.

‘Mickey Mouse’ is de weinig flatteuze bijnaam voor het plan om de Open Franse kampioenschappen te verplaatsen naar de plek, zo’n 40 kilometer buiten Parijs, waar Disneyland gehuisvest is: Marne-la-Vallée. Maar het zou ook zomaar kunnen dat de komende jaren een nieuw tenniscomplex in Versailles verrijst, of nabij het hoofdstedelijke vliegveld Charles de Gaulle. „We houden alle opties open”, vertelde voorzitter Gilbert Ysern van de Fédération Française de Tennis tijdens een persconferentie over de toekomst van Roland Garros.

Nu werden de laatste jaren wel vaker plannen ontvouwd om het krap behuisde graveltoernooi te verplaatsen dan wel uit te breiden, maar deze keer lijkt het de Franse tennisfederatie ernst. „We willen een Roland Garros dat ook in 2040 nog meekan”, aldus Ysern.

Wie Roland Garros via het tv-scherm volgt, zal het niet opvallen, maar het ruim tachtig jaar oude tenniscomplex in Porte d’Auteuil is met zijn 8,5 hectaren klein in vergelijking met de andere grandslamtoernooien. Zo beslaat de US Open 14 hectare en Wimbledon en de Australian Open beide 20. „Ook als we het bestaande complex moderniseren, blijft het schipperen met de ruimte”, concludeerde Ysern. „We hebben meer grond nodig. En een uitschuifbaar dak boven centercourt, net als in Londen en Melbourne.”

Als Roland Garros in Parijs gehuisvest blijft, zullen er drie stukken grond ter waarde van zo’n 200 miljoen euro aan het complex worden toegevoegd. Een nieuw stadion buiten de hoofdstad kost het driedubbele. Voordeel van het eerste plan is dat de centrale ligging en atmosfeer tot de verbeelding van spelers, sponsors en publiek spreken. Voordeel van een tennispark buiten de stad is dat de bezoekers beter aan hun trekken komen; in dat geval worden er 55 nieuwe banen aangelegd, waarvan twee voorzien van een uitschuifbaar dak. Dagelijkse capaciteit: 60.000 toeschouwers.

En de spelers? Zij lopen (nog) niet over van enthousiasme voor een nieuw stadion buiten de stad. Roger Federer sprak de hoop uit dat hij zijn carrière heeft beëindigd tegen de tijd dat een dergelijk park zijn deuren opent. Justine Henin zei moeilijk afscheid te kunnen nemen van „een plek waar zo veel gedenkwaardige duels werden gespeeld”. En Jo-Wilfried Tsonga opperde zelfs het toernooi een andere naam te geven als de accommodatie buiten de hoofdstad komt te staan.