Bloedige ernst bij Mundruczó

Dans en theater Kunstenfestivaldesarts. Gezien: 22 mei, Brussel. Theatre Budapest ook in De Internationale Keuze van de Rotterdamse Schouwburg, 9/9-1/10.Theatre Budapest Etienne Guilloteau/Action Scénique ****

De voorstelling Hard to Be a God van de Hongaarse regisseur en scenarioschrijver Kornél Mundruczó begint met een fiks nadeel: de tekst wordt simultaan in het Nederlands vertaald door een nogal monotoon sprekende Vlaamse, die via een koptelefoon het oor van de toeschouwer bereikt. Woorden als ‘hoer’, ‘godverdomme’ en ‘neuken’ klinken zo als zakelijke termen en krijgen iets potsierlijks, terwijl het Mundruczó bloedige (bloederige) ernst is. Hard to Be a God, een wereldpremière in het Brusselse Kunstenfestivaldesarts, gaat over mensenhandel, geweld, porno, de hypocrisie van de politiek en God die het laat gebeuren.

Mundruczó, wiens verfilmde versie van het Frankenstein-project voor het jongste filmfestival van Cannes werd geselecteerd, laat dit nieuwe stuk opnieuw op locatie spelen. In een enorme loods staan twee vrachtwagens. Een ervan is ingericht als een illegaal naaiatelier, waar drie meisjes als slaven merkjeans kopiëren. Hun bazin is de steenharde Annamaria, een schreeuwerige vuilbek die al haar menselijkheid heeft verloren en alleen nog aan geld denkt. Zonder scrupules levert ze een van de jonge vrouwen uit aan haar zakenpartner, die een politicus onder druk wil zetten met een film op YouTube. Dat het meisje daarbij het loodje legt, is vervelend, want de film is nog niet klaar. Gelukkig is er nog een weerloos slachtoffer.

Zelfs God, vermomd als arts, werkt lange tijd mee aan alle narigheid. Tot hij het niet meer kan aanzien en in opstand komt, waarbij hij het publiek en passant op zijn medeplichtigheid aanspreekt en tenslotte zijn toorn laat neerdalen op de boosdoeners. Anders gezegd: ook God slaat aan het moorden, zij het voor de goede zaak.

Zo volgen porno, snuff-movie, moord en doodslag elkaar op, nadat de meisjes al waren onderworpen aan ruw inwendig onderzoek, sadistische spelletjes of abortus met een paraplubalein. Opdat wij niet vergeten: mensenhandel is een smerige business! Onduidelijk is of de tientallen bezoekers in Brussel voortijdig afhaakten wegens een gevoelige maag of omdat ze in dit sensatierealisme geen enkel interessant dramatisch perspectief konden ontdekken.

Wat een verademing is dan het bezonken Tres Scripturae van de Franse choreograaf Étienne Guilloteau. Zijn saaie openingssolo voor ‘armen als seinpalen’, waaiert uit tot een steeds completer choreografie dankzij de individuele dynamiek en energie van twee danseressen – de een fel en staccato, de ander vloeiend en rond. Dat aanzwellen doet in de verte denken aan Trisha Browns Accumulation Pieces, soms aan de minimalistische werken van Krisztina de Châtel, ook door de manier waarop Guilloteau met ruimtelijke elementen omgaat. Met één uur is het stuk rijkelijk lang, maar de gestage veranderingen van dans, ruimte en licht veroorzaken een prettige trance.