Amerikanen kunnen kiezen

Een Amerikaan die op zoek is naar de waarheid op het gebied van klimaatverandering had het de afgelopen week voor het uitzoeken. Hij kon terecht bij de inmiddels jaarlijkse klimaatconferentie van The Heartland Institute (lees hier een verslag in stijl). Of hij kon de rapporten lezen van de National Research Council, een afdeling van de

Presentatie van de eerste drie rapporten van de National Research CouncilPresentatie van de eerste drie rapporten van de National Research Council

Een Amerikaan die op zoek is naar de waarheid op het gebied van klimaatverandering had het de afgelopen week voor het uitzoeken. Hij kon terecht bij de inmiddels jaarlijkse klimaatconferentie van The Heartland Institute (lees hier een verslag in stijl). Of hij kon de rapporten lezen van de National Research Council, een afdeling van de National Academy of Sciences (lees hier een nieuwsbericht).

De verschillen kunnen nauwelijks groter zijn. Het Heartland Institute verzet zich tegen maatregelen om de opwarming van de aarde te bestrijden – of ontkent dat er van opwarming sprake is. Dat gebeurt vanuit een neoliberaal standpunt en een heilig geloof in de vrije markt. De wetenschappers van het National Academy proberen die vrije markt juist te beteugelen. Ze schreven drie rapporten, in opdracht van toen nog president George W. Bush. Er volgen er nog twee.

De National Academy wil dat de uitstoot van CO2 wordt teruggedrongen. Terwijl de Australische geoloog Ian Plimer zijn gehoor bij de Heartland-conferentie juist voorhoudt dat dat in het licht van de eeuwigheid gerommel in de marge is. De National Academy bepleit een systeem van emissiehandel, iets wat door de Nederlandse econoom Hans Labohm bij Heartland wordt verworpen als mechanisme dat ten onrechte wordt bestempeld als marktwerking in het klimaatbeleid.

Zo kun je als Amerikaan altijd wel een waarheid vinden.