Migratie een onmisbare bron van welvaart in EU

Als er één zekerheid is voor de komende jaren, dan is het toenemende internationale mobiliteit en dus afhankelijkheid over de grenzen heen. Daarbij heeft geen enkele overheid meer het controlemonopolie op dit verkeer tussen wereldburgers, -bedrijven en -organisaties. Van de aswolk en de Mexicaanse griep tot de financiële crisis en de arbeidsmigratie – de wereld is een stelsel van communicerende vaten. Het reguleren daarvan is overal een achterhoedegevecht, waarbij de schaalgrootte en dus doelmatigheid van overheden steeds een probleem zijn.

De demografie zorgt voor nieuwe realiteiten. De Europese bevolking blijft de komende jaren sterk krimpen. De WRR rekende uit dat de gehéle bevolkingsaanwas van Noord-Afrika en het Midden-Oosten in 2040 naar de EU moet verhuizen om de beroepsbevolking hier op het huidige peil te houden. Mocht Europa in deze miljoenenstroom geen zin hebben, dan dient de arbeidsproductiviteit van alle EU-lidstaten te stijgen naar het niveau van Denemarken, nu toonaangevend. Daar bovenop moet in alle EU-landen de pensioenleeftijd omhoog naar 75 jaar. Alleen al om het welvaartsniveau op peil te houden. Kiezen of delen dus: migration or bust.

Die wereld van straks wordt niet langer gedomineerd door het ‘Westen’. In 1980 woonde nog 24 procent van de wereldbevolking in het Westen: Europa, Japan, Australië, VS en Canada. In 2025 is dat 16 procent, de verwachte netto-immigratie van 2,4 miljoen buitenlanders inbegrepen. In 2050 omvat de wereldbevolking 9,2 miljard mensen, van wie ruim 7 miljard in wat we nu nog ontwikkelingslanden noemen. Wie denkt dat ontwikkelingshulp deze mensen ‘thuishoudt’, vergist zich. Welvaart is een springplank naar elders. Derdewereldbewoners keren pas een generatie later terug, als het er thuis ongeveer zo uitziet als in het gastland.

Tweederde van de fluctuatie in immigratie naar Nederland sinds 1976 is te verklaren uit de economie, zo is aangetoond. Vreemdelingen- of migratiebeleid loopt altijd achter de feiten aan. Beheersing en regulering zijn symbolisch en vaak een illusie. Zeker op nationale schaal, waar EU-recht en -verdragen dominant zijn. Uitgerekend nu groeit hier de heimwee naar het besloten Nederland van vóór Europa. Met moslims als zondebok en asielzoekers in de rol van profiteur. Intussen is werk veruit het belangrijkste motief om naar hier te komen, gevolgd door gezinsvorming, studie en pas daarna asiel.

Migratie is vooral een noodzakelijke productiefactor en daarmee een bron van welvaart op termijn. En overigens onvermijdelijk. Dat betekent voor Nederland leren accepteren dat permanente immigratie economisch noodzakelijk is, ook van laaggeschoolden. Er moet daarom een pragmatisch stelsel van verblijfsvergunningen komen dat aantrekkelijk is voor die migranten die Nederland wenst. Een stelsel dat terugkeren niet bemoeilijkt.

Daarbij is het belangrijk de proporties in het oog en de sentimenten in toom te houden. De grootste migratiestroom naar Nederland bestaat nu uit Europeanen van elders uit de EU. Gevolgd door Nederlanders die remigreren. Daarna Aziaten en Amerikanen: kennismigranten. En pas daarna de meestal armere Afrikanen. Het aantal asielverzoeken is de laatste tien jaar significant gedaald en schommelt nu rond de 16.000. Daarmee is het vluchtelingenprobleem niet weg gepoetst. Maar het is ook niet de kern.