Hoe herkent een vis zijn soortgenoten?

Ilona (35 alweer) vraagt zich af waarom vissen van dezelfde soort elkaar herkennen, terwijl ze niet weten hoe ze er zélf uitzien. Maar dat laatste klopt niet helemaal. Dat weet Dr. Zeepaard omdat hij in zijn vrije tijd goed onder het wateroppervlak rondkijkt. Zeepaarden, maar ook sommige andere vissen, hebben heel bolle ogen. Daarmee kunnen ze de wijde omgeving bekijken, en ook hun buik, staart of neus. Niet voor niets noemen fotografen een lens die de wijde omgeving laat zien een fish-eyelens: een vissenooglens. Dr. Zeepaard weet dus best hoe hij er zelf uitziet.

Ilona’s vraag zou misschien ietsjes anders moeten luiden: hoe herkennen de meeste dieren elkaar zonder dat ze zichzelf kunnen zien? Of nog een pietsie anders: hoe weten dieren met wie ze eieren, welpen of pups kunnen maken? Want daar gaat het meestal om.

Die dieren herkennen elkaar aan kleine kenmerken die alleen bij hun eigen soort voorkomen. Die dus uniek zijn voor dat type dier. Denk aan de geur van de bunzing, het kwaken van de kikker of het rood op de borst van het roodborstje. Bij vissen telt vooral de tekening op de rug: streepjes, vlekjes, in rood, groen of pimpelpaars. En soms gaat het ook om bewegingen: flapperen, dansen of kopschudden.

De hersens van die dieren herkennen zulke unieke prikkels: die is van ons, die is voor mij. Die kennis kunnen dieren hebben geërfd. Maar ze kunnen die ook hebben aangeleerd. En zo komt het, Ilona, dat jij vast wel eens verliefd bent geworden op een tweebenige kale aap, die op het juiste moment ‘unieke’ dingetjes in je oor fluisterde.

Ook een vraag? Mail:zeepaard@nrc.nl