De python rilt eieren warm

Geduldig en stil broedt een pythonvrouwtje op haar eieren in het verlaten, donkere hol van een aardvarken in een Afrikaans oerwoud. Of open en bloot in de dierentuin, terwijl kinderen bonzen op het raam en hun ijsjes eraan afvegen. Maakt niet uit, de wurgslang trekt zich er niets van aan, ze is een toegewijd moeder. Nu alleen nog van eieren, maar stil en geduldig is ze dat aan het veranderen – als een eend op het nest. Alleen is de pythonmoeder zelf het nest. Ze windt zich om haar eieren heen en vormt zo een kom waar de eieren in liggen.

Zelf is het reuzenreptiel altijd op omgevingstemperatuur. Ze is ‘koudbloedig’, geen warme vogel. Hoe kan ze dan toch broeden?

Af en toe spant ze haar spieren aan, en dan verslapt ze weer haar greep. Soms rilt ze, zoals wij bij koud weer. Expres. Zo werkt ze haar spieren warm, en zo houdt ze haar mini-wurgslangetjes in het ei aan het groeien.

Handig, en nu hebben biologen ontdekt dat een pythonmoeder nog meer doet. Haar eieren moeten ook vochtig blijven. Als de lucht te droog wordt, past ze daarom haar omhelzing aan. Ze houdt de eieren extra dicht op elkaar zodat er weinig kostbaar water uit kan verdampen. Tegelijk vergeet ze niet dat de eieren genoeg zuurstof moeten krijgen en dat ze ze niet moet verstikken. Warmte, vocht, zuurstof: al die dingen houdt ze in de gaten als ze haar eieren omklemt. En wij maar denken dat ze daar, opgerold, wat ligt te liggen.

In de dierentuin bemoeien verzorgers zich soms ook met temperatuur en vochtigheid. Dat gaat niet altijd goed. Maar laat het over aan een python in haar hol in Afrika en het gaat fantastisch. Ook leuk en feestelijk voor het aardvarken, als het na maanden een oud hol op zoekt. Kijk! Wel vijftien nieuwe slangetjes. En één heel grote, trotse moeder. Blij komt ze het aardvarken omhelzen.