Amerikaan leidt Britten in Afghanistan

De 8.000 Britse militairen die sinds 2006 de leidende rol hebben gehad in de Zuid-Afghaanse provincie Helmand staan vanaf de zomer onder commando van een Amerikaanse generaal. Dat is een gevolg van de forse uitbreiding van het aantal Amerikaanse militairen in Helmand, tot inmiddels 20.000.

Helmand is onder andere belangrijk voor de opstandelingen omdat zij een groot deel van hun inkomsten verwerven uit de opiumproductie aldaar. De Britten hebben vanaf het begin van de NAVO-missie ISAF in het zuiden, vier jaar geleden, over onvoldoende militairen beschikt om de provincie goed te bestrijken. Met Kandahar samen is Helmand voor ISAF de moeilijkste regio in Afghanistan.

Volgens een Britse legerwoordvoerder „is er geen sprake van” dat Groot-Brittannië nu zijn verantwoordelijkheden overdraagt aan de Verenigde Staten. „We blijven precies hetzelfde werk doen, alleen onder iets andere afspraken.” Premier Cameron benadrukte gisteren dat de Britse en Amerikaanse krijgsmachten al „vele decennia in vele oorlogsgebieden hebben samengewerkt”.

De overdracht valt samen met een splitsing in de commandostructuur van ISAF in het zuiden. Helmand en Nimroz maken nu deel uit van het Regionale Commando Zuiden, waartoe ook Kandahar, Uruzgan, Zabul en Day Kundi behoren. Vanaf de zomer vallen de twee provincies onder het nieuwe Regionale Commando Zuidwesten. Dit is nodig omdat met de aankomst van duizenden extra Amerikaanse mariniers in Helmand en Kandahar er eenvoudigweg te veel militairen in het gebied zijn voor één commando. (AP, Reuters)