Grijs verleden

Rabbijn R. Evers in het Nieuw Israëlietisch Weekblad, Anet Bleich in de Volkskrant, Elsbeth Etty en Merel Boers in NRC Handelsblad.

De argumenten variëren op ondergeschikte punten, maar de boodschap is eensluidend: blijf met je vingers af van gevoelige kwesties als verraad in WO II door Joodse informanten van de Gestapo, de Sicherheitsdienst en de roofinstantie Devisenschutzkommando. Een zoon, of dochter, van `foute` ouders is wel de laatste die dit - al dan niet in een bredere context - aan de orde zou mogen stellen. Overigens begrijp ik niet wat Merel Boers bedoelt als ze schrijft over Joodse verraders (Boeken, 30.04.10): `Moeilijke materie waar hij [ik dus, SvdZ] onvoorzichtig mee omgaat. Zo vermeldt hij nergens de vindplaats en paginanummers van zijn schriftelijke bronnen.` Op de website van De Bezige Bij staat namelijk precies aangegeven welke dossiers ik in het kader van het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR) bij het Nationaal Archief heb geraadpleegd. Bovendien beschrijf ik in Vogelvrij waar ik de namen van de verraders heb gevonden. En voor wat de paginanummers betreft: in de CABR-dossiers zijn de pagina`s nu eenmaal niet keurig genummerd.